Opinie

Kinderopvang werkt niet volgens de wet van de snackbar

Zihni Özdil

Private-equityfirma’s die op kinderopvangbedrijven duiken blijken een ander belang te hebben dan kinderen met een extra zorgbehoefte. Dat bleek deze week uit het ontluisterende relaas van Carola Houtekamer in NRC.

Ik ben even op onderzoek gegaan. In 2005 is de Nederlandse kinderopvang definitief een marktproduct geworden. Het politieke argument: de kinderopvang moest „van een welzijnssector naar een marktsector”. Want dan zou er concurrentie zijn. En de ‘calculerende ouder’ zou selecteren op kwaliteit en prijs. Daardoor zou het aanbod aan goede en goedkopere kinderopvangbedrijven toenemen.

Maar al in 2009 bleek dat marktwerking de kinderopvang niet goedkoper, maar duurder maakt. Veel ouders betalen een uurprijs die boven de „bevroren maximumprijs” ligt, rapporteerde de consumentenrubriek Kassa. Een groot deel van de ouders betaalt ook uren die ze niet gebruiken. „De opvang rekent bijvoorbeeld vier uur terwijl het kind maar drie uur gebruik maakt van de BSO. Ook moeten veel ouders betalen voor opvang tijdens vakantieweken, terwijl ze er geen gebruik van maken.”

Duidelijke zaak zou je zeggen: we maken van de kinderopvang snel weer een welzijnssector. Maar dat gebeurde niet. De reactie van toenmalig staatssecretaris Sharon Dijksma (OCW, PvdA): „De kinderopvang moet gezien worden als markt. Dat betekent dat ouders niet moeten verwachten dat ze precies het aantal uren kunnen afrekenen, dat ze gebruiken.”

Luister ook deze podcast: Private equity op de crèche

Vreemd. Opeens was marktwerking niet meer goedkoper en beter, maar een totalitair regime waaraan je was onderworpen. Alsof je zegt: „Fastfood moet gezien worden als markt. Je mag bij de snackbar dus niet verwachten dat je het precieze aantal frikandellen afrekent dat je opeet.”

In 2011 schreef toenmalig minister Henk Kamp (Sociale Zaken, VVD): „Door de aard van de dienst die kinderopvang is, kunnen ouders niet makkelijk overstappen naar een andere ondernemer. Dit kan er bijvoorbeeld toe leiden dat ondernemers, waar de winstmarges onder druk komen te staan, ervoor kiezen om te bezuinigen op de pedagogische kwaliteit, of minder rekening willen houden met wensen van ouders om kosten te besparen.”

Glashelder. De ‘calculerende ouder’ blijkt in de echte wereld onmogelijk. Eigenlijk ook wel logisch. Een kinderopvang is geen snackbar. Dus besloot Kamp van de kinderopvang helemaal een welzijnssector maken?

Nee. Het antwoord van Kamp op het falen van marktwerking in de kinderopvang was méér marktwerking. Hij ging bijvoorbeeld „kinderopvangondernemers verplichten om het GGD-inspectierapport op hun website te plaatsen”. Toegegeven: dan wordt het wel makkelijker shoppen naar een frikandel waar je hopelijk geen diarree van krijgt. En als je als ‘calculerende ouder’ in de vrije markt niet in staat bent om GGD-rapporten te doorgronden, is het ook wel je eigen schuld dat je kinderen in een slechte opvang belanden.

Heel vreemd, maar Kamps optimisme ten spijt bleek nog meer marktwerking ook niet te helpen. Een jaar later, in 2012 concludeerde het Sociaal en Cultureel Planbureau: „De marktwerking in de kinderopvang heeft er niet voor gezorgd dat de kwaliteit is gestegen. Ouders hebben geen zicht op de kwaliteit van de kinderopvang en stappen niet gemakkelijk over naar een alternatief kinderdagverblijf.”

U voelt hem al aankomen. Ook dit duidelijke signaal leidde niet tot inkeer. Integendeel. De regering ging er nog eens met een gestrekt been in. Per 1 januari 2018 zijn ook de peuterspeelzalen geprivatiseerd.

Als we alles op een rijtje zetten, zien we dat Nederlandse beleidsmakers de afgelopen vijftien jaar gevaarlijke godsdienstwaanzinnigen van de marktwerkingreligie zijn geweest. Net als elke godsdienstwaanzinnige gaan ze fanatiek door met hun missie, ondanks onomstotelijke bewijzen dat die missie niet deugt. Menselijk leed dat ze veroorzaken zien ze alleen maar als bevestiging van het gelijk van hun goddelijke regime. Zo van, „als bidden niet werkt tegen je pijn, heb je niet hard genoeg gebeden”. We kunnen alleen maar hopen dat de Verlichting niet lang meer uitblijft.

Zihni Özdil is historicus.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.