Massaal protest tegen executies in Iran

Bekentenissen na marteling Drie Iraanse jongemannen zijn ter dood veroordeeld voor de protesten van november. Online wordt massaal gepleit voor gratie.

Protest in Teheran tegen de verhoging van de brandstofprijzen in november vorig jaar.
Protest in Teheran tegen de verhoging van de brandstofprijzen in november vorig jaar. Foto Getty

De doodvonnissen voor drie Iraanse activisten hebben de laatste dagen tot een online protestgolf van ongekende omvang geleid. Ruim vijf miljoen mensen in Iran en daarbuiten klikten de versie in het Farsi aan van de twitter-hashtag #do_not_execute om het Iraanse regime onder druk te zetten om alsnog af te zien van de executies.

De drie jongemannen waren in januari al ter dood veroordeeld wegens hun rol bij de protestbeweging van november vorig jaar, toen duizenden Iraniërs de straat op gingen uit woede over een plotseling aangekondigde drievoudige verhoging van de brandstofprijzen.

Het Iraanse Hooggerechtshof maakte vorige week bekend dat het vasthield aan de doodvonnissen. Kort daarop begon het online protest, dat snel aan kracht won.

Het drietal en hun advocaten stellen dat de veroordeling louter berust op bekentenissen die na hevige martelingen zijn verkregen. De mannen zouden onder meer ondersteboven zijn gehangen, elektrische schokken hebben gekregen en zijn geslagen. Hun advocaten hadden maar beperkt toegang tot hun cliënten. Amnesty International sprak van een „bijzonder oneerlijk proces”.

Poging tot intimidatie

Algemeen wordt het doodvonnis door analisten uitgelegd als een poging van het Iraanse regime om de bevolking te intimideren. Het signaal dat de leiders hiermee kennelijk willen afgeven is: wie zich tegen ons verzet, riskeert de doodstraf. Het is een middel waarvan Iran veel gebruik maakt, vorig jaar 251 keer. Na China is Iran het land met de meeste executies.

Het protest leidde tot een golf van sympathiebetuigingen, ook van prominenten uit Iran en daarbuiten. De Iraanse voetbalvedette Masoud Shojaei schreef op zijn Instagram-pagina: „Ik vraag de Opperste Leider, Ali Khamenei, president Rohani en justitie-chef Ebrahim Raisi: heb alstublieft mededogen met deze drie Iraanse jonge mensen. Stel hun executie alstublieft uit op verzoek van hun familie en dat van de bevolking.”

Hetzelfde deden enige liberale politici. „Niets schokt en verzwakt de fundamenten van de regering zozeer als het laten vloeien van het bloed van onschuldige mensen”, schreef een van hen, Mostafa Tajzadeh, een hervormingsgezinde politicus. Ook de Amerikaanse president Trump ondersteunde het protest.

Het is nog niet duidelijk of de autoriteiten na deze uitbarsting van publiek ongenoegen bereid zijn tot herziening van het vonnis. Wel werd toegezegd dat de advocaten voor het eerst inzage zouden kunnen krijgen in de processtukken.

Amirhossein Moradi (25), Mohammed Rajabi (27) en Saeed Tamjidi (27) waren beschuldigd van „deelname aan vandalisme en brandstichting met de bedoeling een confrontatie aan te gaan en oorlog te voeren met de Islamitische Republiek Iran”. Twee van hen, Rajabi en Tamjidi, waren aanvankelijk naar Turkije ontsnapt maar werden uitgeleverd aan Iran.

De massale protesten van november kwamen vooral voort uit de ernstige economische problemen waarmee veel Iraniërs hebben te kampen, mede door Amerikaanse sancties. Met harde hand onderdrukte de regering de ongeregeldheden. Honderden demonstranten kwamen om en duizenden werden opgepakt. Sommigen overleefden hun detentie niet.