Poppenspelen in Abchazië, angstig zijn in ABBA

Zap Een documentaire over een poppenspeler in Abchazië lijkt niet meteen verplichte kost. Maar het gebeurt zelden dat je iets vreemds of afwijkends op tv ziet, dus dat moeten we koesteren.
De kleine man, tijd en de troubadour (EO)
De kleine man, tijd en de troubadour (EO)

Van Abchazië had ik nog nooit gehoord. Marionettentheater interesseert me niet. En De kleine man, tijd en de troubadour vind ik een stomme titel. Toch heb ik gefascineerd zitten kijken naar een documentaire met die naam, over kunstenaar Sipa Labakhua die door Abchazië trekt met een autobiografische poppenvoorstelling.

Met platte poppen, uit foto’s geknipt, verbeeldt Labakhua het verhaal van Kleine Man die wordt verdreven door Tijd – een reus met een kussen als hoofd. Hij wordt boos als Kleine Man hem wakker maakt.

Volgens Labakhua gaat het verhaal over zijn vader, een politicus die zijn land – een bergstreek op de Kaukasus met slechts 250.000 bewoners – ontvluchtte toen begin jaren negentig de burgeroorlog uitbrak. Nadat de Sovjet-Unie uiteenviel, scheidde Abchazië zich af van Georgië. Sindsdien, stelt Labakhua, staat zijn land stil. „Tijd slaapt”. Het bloedige oorlogsverleden met zijn etnische zuiveringen wordt niet verwerkt, het land is in verval. Uit de verlaten flatgebouwen groeien struiken. Het ziet er prachtig uit, dat wel.

Die Georgische Burgeroorlog moest ik opzoeken. Filmmaker Ineke Smits (1960) wil dat namelijk niet vertellen. Ze heeft Abchazië juist uitgezocht op zijn onbekendheid. Ze wil zonder ruis van politiek en geschiedenis een abstracter verhaal vertellen. Dat van het thuisland. Wanneer is een land je thuisland? Waar voel je je thuis? Voor vluchtelingen en migranten een prangende vraag. En volgens Smits ook voor autochtone nationalisten, die bang zijn om hun thuis te verliezen.

Smits interviewt Russische hippies die voor de natuur en de rust komen, Syrische vluchtelingen, twee Abchazische meisjes die tweestemmig hun liefde voor familie en vaderland bezingen. Dat zijn mooie scènes. Wat blijft wringen is dat haar hoofdpersoon een ander verhaal vertelt. Natuurlijk is hij ook bezig met de vraag wat zijn thuisland is, maar hij wil vooral iets doen aan de deplorabele staat van Abchazië, het land dat voor Smits slechts decor is.

Dit is geen journalistiek product, maar een artistieke auteursfilm. Dat ik hem pas begreep nadat ik een interview met de regisseur zag, wil ik haar dus niet nadragen. Maar het nadrukkelijk poëtische van de titel (geen lidwoorden was beter geweest, of ook een lidwoord voor ‘tijd’) zit ook in de film. Alsof steeds een bordje in beeld verschijnt met: ‘Let op, dit is kunst’. Dat gaat tegenstaan. Aan de andere kant: het gebeurt zelden dat je iets vreemds of afwijkends op tv ziet, dus dat moeten we koesteren.

ABBA, dáár zouden ze eens een goede documentaire over moeten maken. NPO 3 hield een ABBA-avond. Helaas met louter herhalingen. Een concert van de Zweedse popgroep, een documentaire, en zo’n programma waarin bekende Nederlanders zeggen wat ze er vroeger leuk aan vonden.

In die plichtmatige documentaire hebben de leden de regie, waardoor je het oppervlakkige, vrolijke succesverhaal krijgt. De Abba’s lijken me geen types voor verslaving, promiscuïteit en wangedrag, maar er zit toch meer tragiek in. De groep bestond uit twee echtparen. Toen die uit elkaar gingen, viel ook de groep uiteen. Daar zit pijn. Vooral zangeres Agnetha Fältskog is een intrigerend figuur: ze had vliegangst, heimwee en ze was bang dat de fans haar opaten. Toch moest ze tegen haar zin steeds weer mee op tournee. Na ABBA leefde ze teruggetrokken op een eiland. Een Nederlandse kraandrijver was haar stalker. Daar zit een mooie film in. Werktitel: De supergroep, tijd, de angstige zangeres.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.