Het uitruilspel tussen Europese leiders is ditmaal nóg geraffineerder

Europese meerjarenbegroting De Europese leiders moeten het dit weekend niet alleen proberen eens te worden over het herstelfonds, maar ook over de altijd heikele meerjarenbegroting.

Minister-president Mark Rutte staat de pers te woord bij aankomst bij de permanente vertegenwoordiging van Nederland bij de EU voorafgaand aan de EU-top.
Minister-president Mark Rutte staat de pers te woord bij aankomst bij de permanente vertegenwoordiging van Nederland bij de EU voorafgaand aan de EU-top. Foto Jonas Roosens/ANP

Geldt dit weekend tijdens de Europese topontmoeting een oude hiphop-wijsheid: mo money, mo problems? Alsof de 750 miljard voor een nieuw herstelfonds nog niet genoeg is, moeten de lidstaten het ook eens worden over de nieuwe Europese meerjarenbegroting van circa 1.100 miljard euro.

In die begroting leggen de lidstaten vast hoeveel geld de Europese Commissie de komende zeven jaar mag uitgeven en vooral: waaraan. Het is een discussie die elke zeven jaar uitmondt in een venijnig steekspel. Een discussie bovendien die al muurvast zat vóór het coronavirus nog maar was opgedoken in Europa.

Halverwege februari, twee weken voor Italië op slot ging, mislukte een onderhandelingstop over de meerjarenbegroting nog jammerlijk. De verdeeldheid binnen de Unie was zo groot dat iedereen het onderwerp het liefst even diep wilde begraven – zeker toen het virus echt greep kreeg op het continent. Nu, minder dan zes maanden later, komen de leiders voor het eerst wéér naar Brussel. De begrotingsdiscussie ligt als een vergeten, schimmelende banaan onderin de rugzak, op ze te wachten.

Alles is intussen anders – maar tegelijk ook zo weinig dat het diplomaten zorgen baart. Nederland wil, samen met een groep gelijkgestemde landen, nog altijd niet dat de eigen bijdrage aan de begroting stijgt en eist dat de zogeheten korting behouden blijft. Een andere groep lidstaten vecht nog altijd fel voor het behoud van traditionele geldstromen, zoals landbouw- en cohesiefondsen.

Een taart van bijna 2.000 miljard euro

Daarbovenop komt nu de onderhandeling over het herstelfonds, wat betekent dat het verdelen van een taart van mogelijk bijna 2.000 miljard op het menu staat. Problematischer: de twistpunten rond het herstelfonds zijn minstens even diep. Ook daar gaat het om de vraag: hoeveel?

Zowel de Europese Commissie als voorzitter van de Europese Raad Charles Michel stelde een fonds van 750 miljard voor, waarvan 500 als subsidies wordt uitgedeeld en 250 als leningen. In het standpunt dat dat (veel) te hoog is staat Nederland zeker niet alleen. De afgelopen week circuleerden al voorstellen waarbij er aan het fonds aan alle kanten beknibbeld werd. De Duitse bondskanslier Angela Merkel waarschuwde deze week dat het fonds onder geen beding mag worden teruggebracht tot een dwergenniveau.

Tot voor kort verzette Nederland zich überhaupt tegen elke vorm van subsidies en benadrukte dat er louter leningen uit het fonds mochten worden betaald. Recent is Nederland iets geschoven. In de Tweede Kamer erkende premier Mark Rutte (VVD) deze week dat als alle andere landen voor subsidies zijn, het lastig wordt dat volledig tegen te houden.

Lees ook: De druk op Rutte neemt toe. Gaat-ie om?

Wisselgeld is voor Nederland wel dat de voorwaarden fors worden aangescherpt. Het wordt misschien wel het belangrijkste twistpunt, waarbij Nederland zich een stuk strenger opstelt dan andere landen en alleen staat. Een lening kan volgens Nederland alleen in een subsidie worden omgezet, als elk land uiteindelijk een veto krijgt wanneer niet voldoende aan de voorwaarden is voldaan.

Onacceptabel, klinkt het in Brussel. „Een levensgevaarlijk plan, waarbij Nederland zichzelf in de vingers kan snijden”, zegt een diplomaat.

Het was deze week niet moeilijk mensen in Brussel te vinden die er somber naar kijken. „Ik denk dat het gewoon nog te veel is”, aldus een EU-diplomaat.

Een volstrekt nieuwe dynamiek

Maar vergelijk je de beginpositie van nu met die in februari, dan is er voldoende anders om een volstrekt nieuwe dynamiek in gang te zetten. Cruciaal is de positie van Merkel. In februari was het immers juist haar verzwakte positie die een doorbraak moeilijk maakte. Merkel leek zich duidelijk voor te bereiden op haar vertrek als bondskanselier.

De situatie is nu heel anders: de coronacrisis heeft Merkel nieuwe energie gegeven en gemotiveerd om een leidende rol op het Europese toneel te nemen. Niet in de laatste plaats omdat Duitsland als roulerend voorzitter van de EU dit half jaar de verantwoordelijkheid voelt de discussie naar een akkoord te begeleiden. Ook electoraal is Merkels positie nu een stuk steviger dan in februari.

Daarbij komt dat het samenvallen van de discussies over meerjarenbegroting en herstelfonds ook meer ruimte biedt om aan verschillende wensen tegemoet te komen. Traditionele coalities zijn uit elkaar gespeeld, omdat het geld uit het herstelfonds op andere plekken terecht komt dan dat uit de meerjarenbegroting.

Het grote uitruilspel dat de EU-begroting normaal al is, is door het eenmalige herstelfonds alleen maar geraffineerder geworden. In de voorstellen werd de afgelopen tijd volop geschoven met geld. Een soort vestzak-broekzak, waarbij zelfs de meest deskundige begrotingskenners moeite hebben de precieze geldstromen in het vizier te houden. Zo schraapte Charles Michel in zijn compromisvoorstel vorige week geld weg van onderzoeksprogramma Horizon, om het er via het herstelfonds weer bij te kunnen stoppen.

‘Zuinige vier’ staan minder stevig

Het ‘zuinige’ blok met naast Nederland ook Oostenrijk, Denemarken en Zweden, weigerde in februari nog los van elkaar een gesprek te voeren. Ook die coalitie staat minder stevig, door het verbreden van de discussie en de eenzame positie van Nederland als het gaat om de veto-eis.

Van de februari-top herinnert iedereen zich vooral één moment: de binnenkomst van premier Rutte, met de Chopin-biografie onder zijn arm. Onderhandelen had volgens hem toch geen zin. Deze week liet Rutte al weten zijn boek nu thuis te laten. Juist Nederland zal de komende dagen flink moeten onderhandelen.

Jan Huitema: ‘Europa moet ruim inzetten op de circulaire economie’

Jan Huitema is Europarlementariër voor de VVD (Europese liberale fractie Renew), rapporteur circulaire economie

In de voorgestelde meerjarenbegroting van 1.074 miljard euro is maar liefst 100 miljard geoormerkt voor research en innovatie, onder meer om een circulaire economie op te bouwen. „Europeanen kunnen in de wereld niet concurreren met grondstoffen, die hebben we nauwelijks”, zegt de Fries, geboren in een familie van melkveehouders.

„We moeten ons dus minder afhankelijk maken van grondstoffen. Erg goed dat in de voorstellen ruim wordt ingezet op de circulaire economie. Het is een win-winsituatie: je investeert in het milieu en tegelijk jaag je noodzakelijke innovatie aan in het bedrijfsleven dat die circulaire economie moet omarmen.

„Op werkbezoeken zie ik geweldige initiatieven. Een bedrijf dat zich richt op het hergebruik van elektronica zoals mobiele telefoons. Een start-up die zich richt op kunststofrecycling. Of een afvalverwerker waar plastic wordt getransformeerd tot hoogwaardige grondstof. Als Europarlementariër ga ik er op toezien dat Europees geld voor deze innovaties niet alleen naar grote multinationals gaat, maar juist ook naar beginnende bedrijven.

„Ik heb hard gewerkt aan een nieuwe Europese wet waardoor afvalwater, onder bepaalde voorwaarden, kan worden hergebruikt voor beregening van landbouwgewassen. In de nieuwe begroting is er eindelijk een verschuiving van oude prioriteiten naar deze nieuwe. Maar het moet nóg harder gaan allemaal.”

Assita Kanko: ‘Het is tijd om de mensensmokkelaars aan te pakken’

Assita Kanko zit in het Europarlement namens de Vlaamse N-VA, die is aangesloten bij de fractie ECR. Ze zet zich in de parlementaire commissie Burgerlijke Vrijheden extra in voor vrouwenrechten en schreef het boek Leading Ladies.

In de nieuwe begroting wordt bijna 5 miljard euro (stijging van 1,5 miljard) gereserveerd voor veiligheid en de bestrijding van criminaliteit. „Ik ben blij dat dat meer prioriteit krijgt. Er moet meer worden geïnvesteerd in de Europese politiedienst Europol en EU-grensbewakingsdienst Frontex.”

Als kind in haar geboorteland Burkina Faso was Kanko het slachtoffer van genitale verminking. „Vandaag, als Vlaams politicus, sta ik mijn mannetje”, lacht ze. „Als ik dat niet doe, kan ik de rechten van andere vrouwen niet verdedigen.” De Europese Rekenkamer heeft al aangekondigd om de nieuwe meerjarenbegroting te toetsen op de bevordering van gendergelijkheid. „De Commissie heeft een paar maanden geleden ook al een strategie voor de gelijkheid van vrouwen en mannen gepresenteerd. Het staat allemaal op papier, da’s mooi, maar ik ben meer iemand van de praktijk. De EU moet criminaliteit uitroeien, de mensensmokkelaars aanpakken. We hebben te maken met uitbuiting, met moderne slavernij. Veel vrouwen zijn daarvan als seksslaaf het slachtoffer. Ik ben gaan praten met de baas van Europol om te horen wat haar problemen zijn met tekort aan personeel en geld. Ik wil een betere en veiligere toekomst voor mijn dochter en haar generatiegenoten.”

Peter Lundgren: ‘Een beter en socialer vervoersnetwerk’

De Zweedse Europarlementariër Peter Lundgren verheugt zich op extra geld in de meerjarenbegroting voor „een beter en socialer” Europees vervoersnetwerk.

„Voor ik politicus werd was ik vrachtwagenchauffeur, van 1995 tot 2005”, zegt Lundgren, die namens de Zweden Democraten in de fractie Europese Conservatieven en Hervormers (ECR) zit. „Ik was een van de laatste cowboys on the road, het was een romantische manier van leven, je was vrij. Maar na de EU-uitbreiding in 2004 met Oost-Europese landen verslechterde de situatie snel. Bedrijven vonden gaten in de sociale wetgeving en stuurden onderbetaalde Bulgaarse of Poolse chauffeurs in mensonterende omstandigheden de weg op. Gevolgen: uitbuiting, oneerlijke concurrentie, onveiligheid op de weg. Vorige week hebben we na jaren van politieke strijd een akkoord bereikt met het Europese mobiliteitspakket dat een einde moet maken aan die situatie.”

Onder de noemer Connecting Europe wil de Europese Commissie in de nieuwe begroting ruim 30 miljard euro investeren in socialer en veiliger transport. „Goede zaak, want transport is Europa’s bloedsomloop. De Europese Commissie wil ook extra geld vrijmaken voor het verbeteren van faciliteiten langs de weg.” Landen hebben nog anderhalf jaar de tijd om de regels van het mobiliteitspakket in te voeren. „Oost-Europese landen gaan het akkoord nog juridisch aanvechten. Ze kunnen hun energie beter stoppen in het aanleggen van betere wegen, waarvoor ze trouwens veel geld krijgen.”

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Vandaag: Mark Rutte: de prima donna van het Europese theater

U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.