Europarlementariër Bas Eickhout (GroenLinks).

Foto Fred Marvaux

Interview

‘Geef meer informatie over medicijnen’

Bas Eickhout | Europarlementariër Sommige paracetamol bevat giftige stof, maar welke, dat blijft geheim. Europarlementariër Bas Eickhout wil meer transparantie.

Over de herkomst van geneesmiddelen moet veel meer informatie openbaar worden gemaakt, onder meer over de producent van de grondstoffen. Zo kunnen verkopers en gebruikers van geneesmiddelen die mogelijk vervuild zijn, makkelijker achterhalen of zij risico’s lopen of niet.

Dit zegt Europarlementariër Bas Eickhout (GroenLinks) tegen NRC naar aanleiding van de vondst van een schadelijke stof in de pijnstiller paracetamol. „Voor mij is een belangrijke les dat veel meer transparantie nodig is over de productieketen van geneesmiddelen”, zegt hij. Daarover zouden de lidstaten van de Europese Unie afspraken moeten maken. Eickhout: „Overigens laten de Europese regels nu al meer openheid toe dan de Nederlandse toezichthouders voor de geneesmiddelen geven.”

Lees hier over de vervuilingen van paracetamol

De grootste producent van paracetamol ter wereld, het Chinese Anqiu Lu’an Pharmaceutical, verkoopt grondstof voor paracetamol die vervuild is met een kankerverwekkende stof, zo onthulden NRC en het tv-programma Zembla onlangs. Het gaat om 4-chlooraniline, afgekort PCA. Anqiu Lu’an levert de grondstof voor veel paracetamol die te koop is in Nederlandse drogisterijen, supermarkten en apotheken.

Aan wie Anqiu Lu’an precies heeft geleverd, is niet bekend. Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG), de toezichthouder voor de Nederlandse medicijnmarkt, beschikt over die informatie, maar wil die niet geven. Volgens het CBG zijn de namen van de fabrikanten van de geneesmiddelengrondstoffen bedrijfsgeheim en mag het die van ‘Brussel’ niet delen. In Italië is wel van alle geneesmiddelen bekend welke fabrikant de grondstoffen produceert.

„Als Italië daarmee Europese geheimhoudingsregels zou schenden, hadden fabrikanten al lang een rechtszaak tegen dat land aangespannen”, zegt Eickhout. Volgens hem geven de EU-regels een minimum voor wat openbaar gemaakt moet worden: „Lidstaten kunnen er vervolgens voor kiezen om zelf meer informatie te geven.” Dat kan alleen niet als expliciet is vastgelegd dat bepaalde informatie geheim moet blijven, zoals bijvoorbeeld de ruwe data van klinische studies waarmee fabrikanten nieuwe geneesmiddelen laten registreren.

Invloed van lobbyisten in Brussel

Voorzitter Aris Prins van apothekersorganisatie KNMP zei eerder geen reden te zien waarom de fabrikant van een grondstof geheim zou moeten zijn, maar vroeg zich daarbij wel af of een patiënt veel heeft aan dit soort informatie. „Natuurlijk kan niet elke patiënt met de vermelding van een fabrikant meteen zien of een geneesmiddel veilig is”, zegt Eickhout: „Maar derde partijen [zoals wetenschappers en journalisten] kunnen hiermee in gevallen als die met paracetamol en PCA wel achterhalen met welke geneesmiddelen er mogelijk een probleem is.”

De vervuiling met PCA kan alleen optreden bij paracetamol die gemaakt is met chloorbenzeen. PCA kan niet ontstaan als paracetamol gemaakt wordt via fenol. Die laatste, minder goedkope route, was vroeger de standaard. De goedkopere chloorbenzeen-route, die in China veel wordt toegepast, is pas later goedgekeurd voor de Europese markt. „Daar is het dus al fout gegaan”, constateert Eickhout, die niet heeft kunnen achterhalen hoe dat precies is gegaan. „Het besluit voor toelating is openbaar, maar de voorbereiding van dit soort besluiten heeft plaats in besloten bijeenkomsten van technische commissies. Daarin hebben de lobbyisten van farmaceutische bedrijven veel invloed.”

Paracetamol gemaakt met chloorbenzeen is overigens niet altijd vervuild met PCA; in een monster van een andere Chinese fabrikant dat NRC en Zembla lieten analyseren zat de vervuiling niet.

Dat toont volgens Eickhout aan dat geneesmiddelen in de EU goed gecontroleerd moeten worden: „Dat toezichthouders niet voortdurend alle geneesmiddelen kunnen controleren, begrijp ik wel. Maar als op een gegeven moment een aanwijzing wordt gevonden voor een vervuiling, verwacht ik wel nader onderzoek van toezichthouders.”

‘Formalistische’ reactie inspectie

Na de onthullingen over paracetamol liet het CBG weten dat de gevonden vervuilingen binnen de normen van de het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) vallen. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) wilde eerst zelf geen onderzoek doen naar de kwaliteit van paracetamol bij drogisterijen, supermarkten en apotheken, maar minister Tamara van Ark (Medische Zorg, VVD) zei vrijdag dat er wél onderzoek van de inspectie komt.

„De reactie van deze toezichthouders vind ik erg formalistisch, een vorm van achterover leunen”, zegt Eickhout: „Ik verwacht een actieve houding als die van de apothekers.” Apothekersorganisatie KNMP gaat „uit wetenschappelijke nieuwsgierigheid” paracetamol-monsters laten analyseren in het eigen laboratorium.

Lees hier over het onderzoek van apothekers naar paracetamol

De PCA in de paracetamol laat volgens Eickhout ook zien dat de productie van geneesmiddelen en de grondstoffen te veel is verplaatst naar landen met lage lonen en gebrekkige milieuwetgeving. Hij juicht het dan ook toe dat een land als Frankrijk productie wil terughalen naar Europa: „Dat is beter voor de kwaliteit en de continuïteit van de geneesmiddelenproductie. Naast meer transparantie is dat de tweede les die ik trek uit de paracetamol-zaak.”