Klinieken behandelen weer meer tbs’ers maar wachttijden groeien

Misdaad Het aantal patiënten in tbs-klinieken is na een aantal jaren van daling weer gestegen, blijkt uit cijfers van het ministerie van Justitie en Veiligheid.
De Van der Hoeven Kliniek in Utrecht. Archiefbeeld.
De Van der Hoeven Kliniek in Utrecht. Archiefbeeld. Foto Olivier Middendorp

Tbs-klinieken hebben vorig jaar na enkele jaren daling weer meer patiënten behandeld. Veroordeelden kregen vaker tbs, en er zijn minder mensen uitgestroomd, blijkt woensdag uit cijfers van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Volgens TBS Nederland, waarin de klinieken zijn verenigd, zijn er zo veel nieuwe patiënten dat de grenzen van de capaciteit in zicht komen. Volgens het ministerie moeten de klinieken de aantallen nog aankunnen.

De klinieken hebben in 2019 1.504 patiënten behandeld, 61 meer dan het jaar ervoor. Eind 2019 stonden nog 48 gedetineerden op de wachtlijst, 21 meer dan een jaar eerder. De wachttijd voor deze groep is in drie jaar tijd opgelopen van 30 tot 92 dagen. Ook blijkt het moeilijk om tbs’ers na hun behandeling elders onder te brengen, omdat ook bij de vervolgvoorzieningen te weinig plek is. Het ministerie zegt hierover „in gesprek” te zijn met de geestelijke gezondheidszorg en gemeenten.

Er wordt al jaren aan allerlei knoppen gedraaid om meer veroordeelden die psychische behandeling nodig hebben de tbs-kliniek in te krijgen. Zo is het verloftraject verkort, waardoor het behandeltraject wordt verkort. Op enig moment duurte een tbs-behandeling gemiddeld meer dan tien jaar, waardoor advocaten hun cliënten ontraadden om eraan mee te werken en rechters terughoudend waren met het opleggen ervan.

Daarnaast ontstond er ook een maatschappelijke, juridische en politieke discussie over de vraag of verdachten tbs-behandeling niet te makkelijk kunnen ontlopen door niet mee te werken aan psychologisch onderzoek. Dat vraagstuk werd in 2017 extra actueel door de zaak-Anne Faber. Haar moordenaar en verkrachter Michael P. had in een eerdere strafzaak niet aan een dergelijk onderzoek meegewerkt en mede daardoor geen tbs-behandeling ondergaan.

Het aantal opgelegde tbs-maatregelen vertoont sinds 2017 een duidelijke stijging, maar een verband met de zaak-Faber is nog niet duidelijk vast te stellen. P. werd uiteindelijk voor het doden van Faber veroordeeld tot 27 jaar en acht maanden gevangenisstraf en tbs.