Opinie

Verplichte lievigheid is een akelige vorm van terreur

Maxim Februari

Mijn vrienden zijn, een enkeling daargelaten, niet erg zachtzinnig. Af en toe moet ik ingrijpen door ze een spiegel voor te houden. Dan vertel ik het verhaal van een sensibel jongetje uit mijn jeugd dat zich graag stoerder voordeed dan hij was. Bij een bezoek aan een wei in het voorjaar suggereerde zijn moeder dat hij een lammetje zou aaien. Die suggestie was ver beneden de stand van de aspirant-macho. „Ik wil hem niet over zijn kop aaien, ik wil hem alleen maar tegen zijn poten schoppen.”

De Elzasser schrijver en tekenaar Tomi Ungerer heeft ooit een boek gemaakt over zo’n jongetje. In Geen kus voor moeder ergert de jonge kater Toby zich mateloos aan de lieve woordjes en de kusjes waarmee zijn zorgzame moeder hem lastig valt. Hij wordt er balorig van en zijn gedrag gaat van kwaad tot erger. Totdat het zijn moeder, de poes, uiteindelijk te gortig wordt. Zal hij haar dan toch nog een kus geven? Het is een verhaal over te veel of te weinig liefde, zoals de ondertitel luidt; een boek over de afgronden van de menselijke existentie, zoals de pedagogen schrijven.

Toen Ungerer vorig jaar op 85-jarige leeftijd overleed, verscheen in de krant een necrologie met een stoere kop: Tomi Ungerer wilde kinderen tegen het kwaad vaccineren met wreedheid. Dat was een uitspraak van de schrijver zelf; een beetje opschepperig, want zo wreed was het werk nou ook weer niet. Maar in vergelijking met verantwoorde kinderliteratuur van de laatste decennia misschien wel wat hardhandig. Het werk gaat over onrecht, angst en onzekerheid en hoe je dat allemaal bestrijdt. Met een beetje wreedheid, dus.

„Speak roughly to your little boy and hit him when he sneezes”, schrijft Lewis Carroll in Alice in Wonderland. „Spreek grimmig tot uw kleine zoon, en sla hem als hij niest, hij plaagt en treitert u gewoon, en doet wat hij verkiest.” In Piet de Smeerpoets van Heinrich Hoffmann verbrandt Paulientje met huid en haar als ze met lucifers speelt, alleen haar schoenen staan er nog. De kleermaker knipt de duimen van Konrad af, omdat hij daar ondanks het verbod van zijn moeder op zuigt. En of je nou op je stoel wipt, of je soep niet eet: het loopt gruwelijk met je af.

Het is allemaal niet echt, natuurlijk, en ook niet zo bedoeld. Het is een vrolijke vaccinatie met wreedheid. Schrijver en lezer dalen af in de afgronden van de menselijk existentie, zoals dat gebeurt in de literatuur, en ze leren ervan, ontwikkelen en beschaven zich, ze lachen en groeien. Zoek je nu naar Piet de Smeerpoets op Wikipedia, dan zie dat de louterende werking van wreedheid niet langer wordt herkend. „De verhalen zijn vaak wreed”, staat er, „en zouden tegenwoordig als kindonvriendelijk worden gezien.”

Lees ook: wonen in hofjes en op je zestigste naar school

Over een aantal jaren wonen er twintig miljoen mensen in Nederland. Die zullen wonen in groepen, met uitzicht via een binnentuin op andere groepen. Ze zullen in een panopticum worden bestudeerd en geprofileerd, getemd en gedisciplineerd. Peuters worden in voorbereiding daarop nu alvast gevolgd met een procesgericht kindvolgsysteem, met ontwikkellijnen en opbrengstgericht werken, groepsplannen en groepsoverzicht. In deze kindvriendelijke omgeving is, vrees ik, voor slechtheid en wreedheid geen plaats.

Het verdwijnen van slechtheid uit de wereld vervult me met zorg. Althans, het verdwijnen ervan uit denken en gesprekken. Want, geacht Wikipedia, het is niet zo dat ze het in de negentiende eeuw normaal vonden om duimen van kinderen af te knippen. Ze vonden het niet kindvriendelijk of zo. Ze deden het niet echt; het was een grapje. Een manier om kinderen de dingen te laten doordenken en doorleven. Het was spel. En de gedachte dat dit spel nu kindonvriendelijk is, dat de afgronden van de menselijke existentie uit de cultuur verdwijnen, is zorgelijk.

De laatste weken denk ik veel aan het verhaal dat een moeder in Rotterdam me jaren geleden vertelde. Het gesprek ging over burgerrechten en het permanente samenscholingsverbod dat sinds 2002 in heel Rotterdam gold. Het gevolg daarvan was, zei ze, dat haar tienjarige zoontje niet met vriendjes vanuit het zwembad naar huis kon lopen zonder dat ze uiteen gejaagd werden. „Mijn lieve zoontje!” riep de moederpoes.

Veel vormen van dressuur en toezicht hebben een functie als je zware criminaliteit wilt inperken, maar ze zijn niet bedoeld om kinderen te verlammen. Natuurlijk kun je duimzuigen of op je stoel wippen onmogelijk maken met Ritalin of huisarrest – maar is dat nou echt kindvriendelijker dan een literaire vaccinatie met wreedheid? Verplichte lievigheid is een akelige vorm van terreur. Het is veel beter kinderen flink te slaan en ze met paraplu en al de lucht in te laten vliegen. Moeten ze maar luisteren.

Maxim Februari is jurist en schrijver, www.maximfebruari.nl.