Recensie

Recensie Film

Nieuwe ‘Lassie’ doet de geest van het origineel eer aan

Jeugdfilm De filmserie ‘Lassie’ is al decennia een fenomeen. In de nieuwste versie, van Duitse makelij, zijn aan het oorspronkelijke verhaal elementen toegevoegd die de film dynamischer hebben gemaakt. Ontroerend is het verhaal nog steeds.

Lassie is nog altijd ontroerend.
Lassie is nog altijd ontroerend.

Elke generatie heeft zijn eigen Lassie. Lassie, de hond met ’s werelds beste ingebouwde navigatiesysteem, met een natuurlijke gps waar dolfijnen en vleermuizen u tegen zeggen. En niet alleen Lassie is een fenomeen. Ook de hond ‘Pal’, die in 1943 de eerste Lassie ‘speelde’ en in vervolgfilm Son of Lassie (1945) zowel moeder als zoon Laddie, was een showbizunicum. De nakomelingen van Lassie/Pal (die overigens een mannetje was) deden mee in de talloze films die er daarna nog over de trouwe Schotse herdershond werden gemaakt. Er waren tekenfilmversies en remakes. En nu is er een Duitse herverfilming van Lassie Come Home die de geest van het origineel alle eer aan doet.

Wie de kans krijgt moet die oorspronkelijke versie (overal op dvd verkrijgbaar) overigens ook weer eens bekijken. Erg veel meer dan een hond die van Schotland naar Yorkshire loopt omdat-ie z’n baasje, de jonge Joe, zo mist is het niet. Maar lang voordat sixtieshippies Peter Fonda en Dennis Hopper op hun motoren de highways van de Verenigde Staten onveilig maakten in oerroadmovie Easy Rider, was de eerste roadmovie natuurlijk gewoon Lassie Come Home. De odyssee van een langharige collie die onderweg kleine ontmoetingen heeft met schurken (herders die haar dood willen schieten) en schatten (een rondreizende kermisklant die haar te eten geeft). Die obstakels overwint en anderen helpt. In technicolor nog kleurrijker dan The Wizard of Oz (1939; overigens ook een roadmovie).

Voor een hedendaags publiek zijn daar allerlei plotelementen aan toegevoegd. Joe heet Flo(rian), de kleindochter van de graaf die de hond onder zijn hoede neemt nog steeds Priscilla, al is ze nu roodharig en eigengereid en niet meer de kleine dame in de dop die Elizabeth Taylor ooit speelde. Hét hoofdthema van Lassie Come Home – armoede en werkloosheid, schrijver Eric Wright maakte de Grote Depressie mee, verhuisde als kind van Engeland naar de Verenigde Staten en was dus niet onbekend met heimwee en verlangen naar het verre thuis – is ook bewaard gebleven. Al moet de hond nu niet verkocht worden, maar in bewaring gegeven omdat Flo en zijn ouders kleiner zijn gaan wonen en er een honden hatende buurvrouw onder hen woont. Alle personages hebben kleine subplotjes gekregen, waardoor er meer verhaallijnen door elkaar lopen en de film dynamischer is geworden. Maar net zo ontroerend als toen zijn de scènes waarin we alleen met Lassie zijn. Waarin ze een berggeitje redt van een boze wolf, of haar angst voor water overwint om ’s middags op tijd aan de schoolpoort te staan, zoals elke dag, om Flo al kwispelend te begroeten.