Jonge wetenschappers roepen om hulp

Coronacrisis Jonge onderzoekers worden hard geraakt door corona. Zij stuurden de minister een brandbrief. „De loopbaan van jonge wetenschappers raakt langdurig gefrustreerd.”

Een onderzoeker van de Universiteit van Wageningen bestudeert een DNA-monster uit een stukje schapenwol.
Een onderzoeker van de Universiteit van Wageningen bestudeert een DNA-monster uit een stukje schapenwol. Foto Jeroen Jumelet / ANP

Kevin van Schie is neurowetenschapper. Hij promoveerde aan de Universiteit Utrecht en kreeg daarna een felbegeerde Rubiconbeurs van onderzoeksfinancier NWO om twee jaar onderzoek te doen aan de Universiteit van Cambridge.

Van Schie bestudeert daar met behulp van proefpersonen in een lab hoe mensen nare herinneringen onderdrukken en wat de invloed van stress is op die onderdrukking. Hij was een half jaar bezig toen het onderzoeksinstituut half maart de deuren sloot vanwege corona.

„Heel zuur”, zegt Van Schie, inmiddels terug in Nederland. „Ik heb het lab echt nodig om mijn onderzoek te doen. Er is keihard op de pauzeknop gedrukt.” Hij hoopt in september weer verder te kunnen in Cambridge, maar is sowieso een half jaar kwijt, waardoor hij zijn onderzoek waarschijnlijk niet binnen twee jaar kan afronden. „Wat ik in Cambridge wilde doen, lukt gewoon niet meer.”

Dit geldt voor veel jonge wetenschappers. Door corona moesten laboratoria in universiteiten en academische ziekenhuizen sluiten, konden wetenschappers niet langer terecht in archieven en kwam veldwerk of onderzoek met proefpersonen grotendeels stil te liggen.

Dat is al flink balen voor onderzoekers met een vaste baan, maar voor jonge wetenschappers met een tijdelijk contract, is de klap nog groter. Zij kunnen de opgelopen vertraging niet inhalen, omdat de financiering van hun onderzoek na een bepaalde periode stopt.

Brandbrief

Van de 15.000 promovendi en postdocs in Nederland heeft ongeveer de helft in meer of mindere mate vertraging opgelopen door corona, zegt Jeroen de Ridder, hoogleraar filosofie en voorzitter van De Jonge Akademie.

Sommige jonge onderzoekers ben je kwijt

Jeroen de Ridder voorzitter De Jonge Akademie

Hij stuurde maandag, samen met de vertegenwoordigers van Promovendi Netwerk Nederland en PostdocNL, een brandbrief naar minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, D66) waarin ze hun zorgen uitspreken. „Zonder steun van de overheid zullen tal van projecten tot minder bruikbare en betrouwbare resultaten leiden of simpelweg onafgerond blijven”, schrijven ze. „Dat is een gevoelig verlies voor de Nederlandse wetenschap: kennis gaat verloren, potentiële innovaties en toepassingen stagneren, en de loopbaan van jonge wetenschappers raakt langdurig gefrustreerd.”

Lees ook: Politiek tribalisme mag de wetenschap niet in de weg staan

Sommige wetenschappers konden de laatste maanden met wat aanpassingen in hun planning en methodes nog wel verder met hun onderzoek, zegt De Ridder. „Door het literatuuronderzoek naar voren te schuiven, bijvoorbeeld, of door enquêtes online te doen. Maar voor anderen kwam het werk echt compleet stil te liggen.”

Hij noemt het voorbeeld van een jonge wetenschapper die onderzoek doet naar MS-patiënten. „Deze mensen gebruiken medicijnen die hun afweersysteem onderdrukken. Zij durfden door corona niet meer naar het ziekenhuis te komen om mee te doen aan het onderzoek. Dat kost echt maanden onderzoekstijd.”

Concurrentie

De vertraging heeft een blijvend effect op de carrière van jonge wetenschappers, zegt De Ridder. „De concurrentie voor posities in de wetenschap is gigantisch: er zijn tientallen soms honderden aanmeldingen voor één onderzoeksbeurs. Als jij vertraging hebt opgelopen in je onderzoek, ook al kun je daar niets aan doen, dan kiezen ze voor een ander. Voor sommige jonge wetenschappers betekent het dat ze een baan zullen gaan zoeken buiten de wetenschap. Die ben je dus kwijt.”

In landen als Duitsland, Zweden en Zwitserland worden jonge wetenschappers inmiddels geholpen door de overheid: daar hebben ze recht op verlenging van hun onderzoeksproject als ze aan kunnen tonen dat ze door corona vertraging hebben opgelopen. Datzelfde proberen de jonge wetenschappers in Nederland nu voor elkaar te krijgen.

„Er is in totaal ongeveer 700 miljoen euro nodig om de opgelopen vertraging op te vangen, zegt De Ridder. NWO kan dit bedrag niet betalen, omdat hun budget geoormerkt is. „De universiteiten en universitaire medische centra doen zelf wat ze kunnen”, zegt De Ridder. „Maar voor de helft van het bedrag, 350 miljoen euro, moeten we echt aankloppen bij minister Van Engelshoven.”

Zij kan vanwege het reces niet reageren, zegt een woordvoerder, maar komt na haar vakantie met een inhoudelijke reactie op de brandbrief.