Lodewijk Asscher heeft waardering voor premier Rutte als crisismanager, maar hij ziet bij hem „te veel oude reflexen”.

Foto Merlijn Doomernik

Interview

‘Ik heb niet voor niets mijn lessen geleerd’

Lodewijk Asscher | PvdA-leider De economische crisis is al verder onder ons dan veel mensen in Nederland zich realiseren, waarschuwt PvdA-voorman Lodewijk Asscher.

Lodewijk Asscher heeft het in een dagboek bijgehouden. De dag dat mensen bij de PvdA-leider in de buurt ineens met mondkapjes over straat gingen. De keren dat hij op lege snelwegen naar Den Haag reed, voor weer een debat met het kabinet over de aanpak van het coronavirus. Maar ook: de anekdotes van mensen die hem vertelden ergens geen geld meer voor te hebben omdat ze door de crisis hun baan kwijt zijn.

In zijn werkkamer, met uitzicht op het Torentje van premier Mark Rutte en omringd door foto’s en schilderijen van iconische sociaaldemocraten Joop den Uyl, Willem Drees en Jan Schaefer, kijkt Asscher (45) terug op de afgelopen maanden. Hij blikt voor het eerst ook vooruit op de campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen van maart 2021. Asscher is opnieuw lijsttrekker van de PvdA. Zijn fractie telt nu negen zetels, maar Asscher profileerde zich zeker vóór de coronacrisis als kandidaat-premier, als het linkse alternatief voor premier Mark Rutte (VVD).

De coronacrisis sluimert nu het aantal besmettingen terugloopt. Hoe staat het land er volgens u voor?

„Net als dat het virus al verder onder de bevolking rondging voordat we het doorkregen, denk ik dat de economische crisis al veel verder onder ons is dan dat we ons realiseren. Iedereen kijkt naar de coronacijfers, en terecht, maar de economische cijfers zijn heel zorgelijk. Er zijn tienduizenden nieuwe werklozen, onder wie veel jongeren. De salarissen van twee miljoen mensen worden nu deels door de overheid betaald. Mijn grote zorg is dat als we met de oude benadering deze crisis te lijf gaan, er extreme onzekerheid ontstaat bij veel mensen. Terwijl we mensen juist zékerheid moeten bieden.”

Is dat een reële eis zolang we niet weten hoe het land er over drie maanden uitziet?

„Dit is geen garantie als bij een ijskast maar een politieke keuze. Het hangt ervan af hoe je kijkt naar het ‘nieuwe normaal’. Ik vind het onverstandig te denken: wen er maar aan, we hebben nu een anderhalvemetersamenleving, we zullen hele economische sectoren moeten opgeven.”

Een paar uur na het gesprek met NRC stemmen hij en zijn acht collega-PvdA’ers in met de steun aan KLM. Het was een dilemma voor de sociaal-democraten. Liever dan de garantstelling en lening van het kabinet had Asscher gezien dat aandelen waren opgekocht. „Uiteindelijk gaat het om minstens dertigduizend banen. Door mijn ervaring in de vorige crisis ben ik ervan doordrongen dat als een baan eenmaal weg is, die niet meer terugkomt.”

Zo lijkt het alsof u de wereld van vóór corona in stand wilt houden. Kan zo’n crisis juist niet een moment voor veranderingen zijn?

„De les van de bankencrisis van 2008 is voor mij niet dat je bedrijven maar failliet moet laten gaan. Dat hebben ze bij Amerikaanse banken gedaan, en dat hebben we gevoeld. Je moet zorgen dat je voorwaarden stelt en échte zeggenschap krijgt. Dan kun je afdwingen dat het voor werknemers beter wordt. Dat idee van de verschroeide aarde. Uiteindelijk betekent dit dat de mensen aan de bagageband hun werk kwijt zijn.”

Tijdens de vorige economische crisis was u vicepremier [in een kabinet van VVD en PvdA]. Wat zou u nu anders doen?

„Niet gaan bezuinigen. Ook De Nederlandsche Bank en het Centraal Planbureau zeggen nu dat we moeten investeren. Daarnaast heeft de publieke sector tijdens dat kabinet behoorlijk geleden, bijvoorbeeld door de nullijn. In Rutte-II hebben we onvoldoende doorzien dat door de bezuinigingen de bestaanszekerheid van veel mensen afnam. We moeten beter nadenken over de vraag wat voor samenleving je hebt als de crisis eenmaal is bedwongen.”

Lees hier een reportage uit 2016 over Lodewijk Asscher als vicepremier.

In een essay over coronapolitiek schrijft u dat rechtse partijen de rekening van de crisis bij de publieke sector willen leggen. Welke garantie hebben kiezers dat uw partij na de verkiezingen volgend jaar niet net als in 2012 alsnog in een kabinet stapt dat dit doet?

„Ik heb niet voor niets mijn lessen geleerd. Maar het heeft weinig zin om nu te zeggen met welke partijen we niet willen regeren. Het belangrijkste is dat de bestaanszekerheid van mensen moet toenemen. Dus moeten bijvoorbeeld de salarissen van leraren, agenten en mensen in de zorg omhoog.”

U zegt dat u uw lessen geleerd heeft. Ziet u bij Rutte ook zo’n leercurve?

„Ik ben kritisch geweest over de gekozen strategie, maar Rutte doet het als crisismanager heel goed. Ik heb dat destijds ook bij MH17 gezien. Ik heb daar veel respect voor: hij is zich bewust van zijn rol, is rustig en wekt vertrouwen. Maar dat is iets anders dan hoe je de crisis daarná aanpakt, als de grotere beleidskeuzes gemaakt moeten worden. Daar ben ik niet optimistisch over. Ik zie te veel de oude reflexen: de verlaging van de winstbelasting moet volgens Rutte bijvoorbeeld wel doorgaan.”

Bedoelt u dat u Rutte hierop niet vertrouwt?

„Dat klopt. Ik vind zijn denken ouderwets. Hij wil lagere belastingen voor bedrijven, meer flexibiliteit op de arbeidsmarkt, hij wil niet investeren in de publieke sector. Ik heb meer vertrouwen in hem als crisismanager dan in het VVD-denken waarmee hij de economische crisis te lijf wil. Ik ben er helemaal niet gerust op als in het najaar onderhandeld moet worden over een nieuw steunpakket. Dat wordt een enorm gevecht.”

Instemming van de PvdA met nieuwe steunpakketen kan cruciaal zijn. De coalitie heeft zowel in de Eerste als Tweede Kamer geen meerderheid meer. Kan het kabinet op uw partij rekenen?

„Dat hangt ervan af of hun plannen onze principes raken. Het steunplan aan KLM is niet ideaal, maar het gaat wel om dertigduizend banen. Daarom steunen we dat. We zullen in ieder geval niet voor het steunpakket stemmen als er niks over baanzekerheid in staat.”

Hoe principieel kunt u zijn in crisistijd? Stel dat de PvdA tegen stemt, waardoor er misschien géén steunpakket komt en mensen alsnog hun werk verliezen?

Lees ook: De langdurige zoektocht van Lodewijk Asscher

„Als het kabinet de keuze maakt voor werkloosheid dan ga ik het niet steunen.”

Ook als daardoor het kabinet valt en tijdens een gezondheidscrisis stuurloos wordt?

Afwerend: „Het wordt nu wel heel erg ‘wat als’.”

Het is heel concreet. Als het op de PvdA aankomt of een steunpakket doorgaat…

„Het kan. Ik zal die afweging in het openbaar maken, zodat kiezers zien welke keuzes wij maken. Maar de verantwoordelijkheid ligt bij het kabinet om voorstellen te doen die meerderheden halen.”