Reportage

De catwalk wordt gemist tijdens digitale modeshows

Mode In coronatijd zijn alle modeshows enkel digitaal te beleven. Hoe de merken dit aanpakten, was interessant, maar leidde af van waar het eigenlijk over hoort te gaan: de kleding.

Chanel
Chanel Foto Mikael Jansson

Mode speelt zich tegenwoordig voor een groot deel digitaal af. De meeste liefhebbers worden geïnformeerd via het scherm, veel mensen kopen via het scherm. En zeker voor jonge mensen is het net zo belangrijk hoe een outfit eruitziet op Instagram als in het offline leven. Kleding wordt daarom ook vaak ontworpen met oog op het scherm: veel kleur, grote dessins en details en opvallende decoraties. Dus, zou je denken, waarom dan ook niet volledig digitale shows?

Deze maand werden voor het eerst twee Parijse modeweken geheel digitaal gepresenteerd. Van 6 tot 8 juli was de online haute-coutureweek voor najaar 2020, van 9 tot en met 13 juli de digitale mannenmodeweek voor voorjaar 2021. Deze dinsdag begon de Milanese online mannenmodeweek voor voorjaar 2021. Allemaal hebben ze een officieel schema met op ongeveer elk uur een presentatie, alsof de filmpjes niet allemaal van tevoren worden gemaakt, en ook later niet meer te zien zouden zijn.

Dat de collecties nu online worden gepresenteerd, is natuurlijk geen vrijwillige keuze, maar een gevolg van de coronacrisis. Evengoed een uitgelezen kans om te kijken of digitale presentaties een goed alternatief zijn voor modeshows, die de laatste tijd behoorlijk onder druk staan. Ze zijn duur en door relatief weinig mensen te bezoeken. Bovendien zijn ze slecht voor het milieu, vanwege het reizen dat nodig is voor het maken en bezoeken, de decors én de collecties die er te zien zijn, waarvan veel stukken nooit in productie genomen worden.

De onmogelijkheid van een fysieke modeweek was niet het enige probleem waarmee modehuizen te maken hadden. Veel ateliers en fabrieken waren de afgelopen maanden grotendeels dicht, waardoor het moeilijk was net zo’n uitgebreide collectie te maken als normaal. De haute-couturecollecties van Christian Dior en Chanel waren half zo groot als anders. Schiaparelli had helemaal geen collectie, omdat ontwerper Daniel Roseberry, die in New York woont, niet naar het atelier in Parijs kon. Wel zagen we in het filmpje hoe hij in een park een bankje opzoekt en daar zogenaamd zijn ‘collection imaginaire’ bij elkaar schetst, een nogal clichématig en geromantiseerd beeld van de ontwerper als kunstenaar.

Viktor & Rolf en Iris van Herpen, met Carice van Houten als model.
Foto’s Casper Kofi/Valentine Bouquet

Dat video een totaal andere manier van presenteren vraagt dan een klassieke show, is de modehuizen niet ontgaan. Slechts een enkel huis kwam met wat op een digitale versie van de klassieke modeshow leek, en bijna elk merk dat deelnam aan de digitale modeweken begreep dat de nieuwe manier van presenteren een kans biedt dingen te laten zien die anders verborgen blijven: inspiratiebronnen, de manier waarop de ontwerper en ambachtsmensen in de ateliers te werk gaan, details van de voor de haute couture – zeer exclusieve mode die met de hand en op maat wordt gemaakt – zo belangrijke borduursels. En dus komen in behoorlijk wat films les petites mains voorbij, de medewerksters van de ateliers, terwijl ze gemaskerd aan het borduren zijn. Daarnaast ook veel schetsende en schikkende ontwerpers en aandacht voor inspiratiebronnen.

Dior Men toonde een geslaagd portret van de in Ghana geboren kunstenaar Amoako Boafo, die grote, gevingerverfde portretten maakt en samen met zijn vrienden voor de gelegenheid was gekleed in Dior, gevolgd door een overzicht van de collectie, die een gebruikelijke grootte had en waarin Boafo’s kleurgebruik en een enkel portret terugkwam.

Instagramvriendelijk Chanel

Een modeshow heeft een min of meer vast format die qua duur de vijftien minuten zelden overschrijdt. Het interessante van de online presentaties is dat er nog geen blauwdruk voor bestond. En dus is de verscheidenheid enorm, om te beginnen in de duur van de filmpjes, die variëren van nog geen minuut tot bijna achttien minuten. Soms is een complete collectie te zien, soms alleen een gedeelte (1 minuut 22), zoals in de snappy, Instagramvriendelijke video van Chanel, waarin twee modellen dansen in couture-outfits in de stijl van wijlen Karl Lagerfeld. Iris van Herpen liet zelfs maar één ontwerp zien, een korte witte jurk van transparante geplooide stof, met een aan het werk van de Amerikaanse beeldhouwer Ruth Asawa ontleende zwarte decoratie in de vorm van takken, die in de video werd gedragen door Carice van Houten.

De show van Louis Vuitton.

In het zeer korte filmpje van Dries Van Noten zie je zelfs alleen maar de bovenkant van een outfit, gedragen door een model dat zit te luchtdrummen – Van Noten onthult zijn mannencollectie in september, samen met zijn vrouwencollectie. Het Duitse GMBH liet zelfs helemaal niets uit de collectie zien, maar in plaats daarvan een videowerk van kunstenaar Lars Laumann, Season Of Migration To The North, waarin verwarrend genoeg ook een modeshow voorkomt. De verscheidenheid maakte de digitale week tot een interessante en verrassende ervaring, maar het leidde wel af van de kleding: heel lastig om een beeld te krijgen van waar de mode naartoe gaat. Of zouden veel ontwerpers dat nu ook even niet zo goed weten?

NRC besprak eerder de Parijse haute-coutureweek. Lees ook: De nieuwe haute couture wordt digitaal gepresenteerd

Christian Dior had voor de haute-couturecollectie filmregisseur Matteo Garrone ingehuurd, bekend van Gomorra en Dogman. Die leverde een mierzoete film af van twaalf minuten: badende nimfen, een zeemeermin en een tot leven gekomen beeld van Venus worden gezocht door twee kruiers met een kofferhut, waarin zich miniatuurpaspoppen met couture bevinden, een verwijzing naar de poppen op een rondreizende modetentoonstelling waarmee vlak na de Tweede Wereldoorlog Parijse couture werd gepromoot. De cast was helemaal wit, een nogal toondove keuze in deze tijd. Ook filmisch: de trailer van een nooit gemaakte westernfilm van het duurzame label van Spencer Phipps en de kort video van Louis Vuitton, waarin animatiefiguren een boot met Louis Vuittoncontainers volgen die over de Seine vaart en waarin om precies te zijn twee outfits te zien zijn.

De trailer van Spencer Phipps.

Grappig genoemd kwam die reizende tentoonstelling – het Thé́â̂tre de la Mode – nog een keer terug, bij mannenmodeontwerper Walter Van Beirendonck, voor wie een miniatuurcollectie ook de enige manier was zijn ontwerpen te laten zien; de ‘echte’ collectie was niet op tijd klaar. De goudkleurige poppen met alienachtige gezichten en fascinerende, enigszins enge, handjes kwamen voort uit een samenwerking met Eli Effenberger, een voormalige student van de Academie voor Schone Kunsten Antwerpen, waar Van Beirendonck de modeafdeling leidt. De video doet niks meer dan focussen op de poppen en hun outfits – waarin het thema van de collectie, Mirror, soms letterlijk terugkomt – maar dat is voldoende om twaalf minuten je aandacht vast te houden.

Dior en Walter Van Beirendonck.
Foto Jackie Nickerson

Geen modehuis dat zo bedreven is in een conceptuele aanpak als Viktor & Rolf, dus het is eigenlijk nauwelijks een verrassing dat hun geestige presentatie, die als een van de weinige expliciet de coronacrisis noemde, een hoogtepunt was. Drie minigarderobes voor drie stemmingen in deze uitzonderlijke tijden lieten zij in hun vijf minuten lange filmpje zien. Elk bestaand uit een nachtjapon, een kamerjas en een jas, begeleid door de stem van zanger Mika, die als een ouderwetse ladyspeaker de kledingstukken beschreef. „Er is een hoop om boos op te zijn en dat is precies wat deze jas communiceert”, zegt hij bijvoorbeeld over een wijde, lange zwarte jas met enorme spikes van imitatieleer.

De show van Viktor & Rolf.

Het is helemaal het soort mode-amusement waaraan je in deze tijd behoefte hebt. Maar ondanks deze en andere geslaagde, gedurfde, creatieve, artistieke en intelligente bijdragen maakte de digitale modeweken tot nu toe vooral duidelijk dat de tijd van de klassieke modeshow nog niet voorbij is. Er is nog steeds geen betere manier om een collectie voelbaar te maken dan door modellen over een catwalk te laten lopen. Zelfs als je zo’n show online moet bekijken.