‘Gebarentaal is voor doven de moedertaal’

Myrthe van Winzum (32) uit Maarssenbroek is tolk en docent gebarentaal. Ze is blij met de extra aandacht voor het vak. „Ik hoop wel dat ’t verder gaat dan ‘Irma Sluis is een held’.”

in

‘Vroeger had ik altijd bijbaantjes in de zorg. Daar kwam ik in contact met mensen die via een gebarensysteem communiceerden. Na een open dag op een hogeschool wist ik het zeker: ik ga gebarentaal studeren. Inmiddels werk ik acht jaar als zelfstandig tolk en docent gebarentaal. Twee dagen per week begeleid ik een jongen in het speciaal onderwijs. Eén dag tolk ik voor een doof meisje op een reguliere school. Daarnaast doe ik losse klussen.

„Drie vaste werkdagen zijn fijn nu ik jonge kinderen heb. Daarvoor had ik vaker losse opdrachten. Ik werd bijvoorbeeld last minute gebeld als iemand een tolk nodig had bij de spoedeisende hulp, en ik tolkte bij doktersbezoeken, vergaderingen, colleges, begrafenissen, kerkdiensten en kinderfeestjes. De uitdaging en variatie van die opdrachten mis ik. Na de zomer gaat mijn jongste naar school, dan hoop ik daar weer meer ruimte voor te hebben.

„Ik kom goed rond van mijn werk. Er is een tolkentekort in Nederland. Goede tolken hebben meer werk dan ze aankunnen. Voor een groot deel van het werk staat een vast tarief van 53 euro per uur, omdat dat vergoed wordt door de overheid. Voor opdrachten als docent of begeleider, die uit het pgb of door bedrijven worden betaald, maak ik zelf afspraken over het tarief.

„Het is goed dat er een tolk gebarentaal bij de persconferenties over de coronamaatregelen was. Ik hoop wel dat de aandacht verder gaat dan ‘Irma Sluis is een held’ en echt zorgt voor erkenning van Nederlandse Gebarentaal. Gebarentaal is voor dove mensen de moedertaal, Nederlandse ondertiteling is een tweede taal.”

uit

‘Ik verdien mijn jaarsalaris in ongeveer negen maanden. De ene maand verdien ik 4.000 euro, de andere 400. Dat hangt vooral samen met schoolvakanties. Ik keer mezelf 2.000 euro per maand uit.

„Voor persoonlijke spaardoelen maak ik gebruik van de spaarfunctie in mijn bankierenapp. Ik heb een streefbedrag ingesteld en laat daar elke week een bedrag voor opzij zetten. Nu staat dat aan voor vijf doelen: de auto, kleding en de kapper, vakantie, een buffer en een weekendje weg met mijn man.

„Twee jaar geleden zijn we verhuisd en heb ik mijn zakelijke buffer in het huis gestoken. Daarna ben ik lid geworden van een broodfonds. Per maand leg ik 89 euro in, zodat ik geld krijg bij langdurige ziekte. Geen slechte keuze, want vorig jaar kreeg ik een ernstige longontsteking. Ik kon twee maanden niet werken, maar had zo toch gedeeltelijk een inkomen.

„Ik haal veel voldoening uit mijn werk. Het mooiste is als ik zie dat het mensen raakt. Ik mocht een keer tolken op een begrafenis en daar werden zoveel mooie dingen gezegd. De meneer voor wie ik tolkte heeft me wel drie keer bedankt, zo blij was hij dat hij alles goed had kunnen volgen.”