Meer etentjes, meer bbq’s, meer corona

Corona-aanpak Snel ingrijpen om lokale corona-uitbraken in de kiem te smoren, dat is nu de aanpak. Hoe ging dat de afgelopen weken?

Dankzij de teststraat van de GGD Gooi en Vechtstreek in Bussum werd een uitbraak in het nabijgelegen Huizen snel in kaart gebracht.
Dankzij de teststraat van de GGD Gooi en Vechtstreek in Bussum werd een uitbraak in het nabijgelegen Huizen snel in kaart gebracht. Foto Bob Awick

De enige teststraat van de GGD Gooi en Vechtstreek is achter de Bussumse brandweerkazerne. Er staat een tent, zo een met plastic vensters als bij een buurtbarbecue, en je kunt er met de auto doorheen. Raampje omlaag. Stokje in de neus, stokje in de mond. Je mag ook met de fiets komen, of lopend.

Nu de cijfers teruglopen – tussen 24 juni en 7 juli werden landelijk elf mensen opgenomen in het ziekenhuis en overleden er negentien aan de gevolgen van het virus, volgens de laatste wekelijkse update van het RIVM – is de Nederlandse aanpak om nieuwe clusters met besmettingen snel te lokaliseren en meteen te handelen. Er is een ‘dashboard’, met onder meer een overzicht van alle gemelde besmettingen per gemeente. Om „zo lokaal of zo regionaal mogelijk” te monitoren „waar dat virus de kop opsteekt, zodat we het meteen ook weer de kop in kunnen drukken”, zei Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) dinsdag tegen tv-programma Nieuwsuur.

Maar waar sták het dan de kop op, de afgelopen weken? En wat gebeurt er dan precies?

Het was die teststraat achter het brandweergebouw in Bussum, bijvoorbeeld, die hielp zo’n uitbraak snel in kaart te krijgen. Sinds 1 juni kan iedereen met klachten zich laten testen; die mogelijkheid is niet meer voorbehouden aan leraren en zorgmedewerkers. Zo meldde iemand uit het nabijgelegen Huizen (Noord-Holland) zich daar vorige maand met klachten.

De test was positief, dus begon het contactonderzoek. De GGD belde de virusdrager en vroeg: bij wie ben je, terugrekenend tot twee dagen voordat de klachten begonnen, allemaal in de buurt geweest? Die werden opgedeeld in drie categorieën: huisgenoten, die net als de besmette persoon twee weken thuis moeten blijven, ‘nauwe contacten’, die werd aangeraden dat ook te doen, en ‘overige contacten’, die ook een telefoontje van de GGD kregen, maar enkel met de mededeling dat ze in contact zijn geweest met een virusdrager en met de vraag alert te zijn op gezondheidsklachten die op het virus zouden kunnen duiden.

Uitslaande brandjes

Op de landkaart van het RIVM van vorige week waren een aantal uitslaande brandjes te zien. Een daarvan was in Huizen, waar er twintig nieuwe besmettingen in twee weken tijd bij kwamen. Dat is weinig vergeleken bij de cijfers uit maart en april, maar veel vergeleken met andere gemeenten gedurende dezelfde periode.

„Door de versoepeling van de regels zien we overal weer wat opkomen”, zegt een woordvoerder van de GGD Gooi en Vechtstreek. Deze uitbraak speelde „binnen één familie”: men had elkaar weer opgezocht en onbewust het virus meegenomen. De familie is inmiddels goeddeels hersteld, niemand hoefde ervoor naar het ziekenhuis, en „de relatieve piek is alweer onder controle”.

De zieken werden af en toe gebeld om te vragen hoe het met ze ging. Als het RIVM nieuwe cijfers publiekelijk maakt, zegt de woordvoerder, die „de huidige stand van zaken” kan inzien, dan zal Huizen waarschijnlijk niet meer zoveel donkerder kleuren dan andere gemeenten.

Er zijn meer maatregelen nodig als zo’n uitbraak zich afspeelt binnen de muren van een bedrijf of instantie. Zo’n vijftig werknemers van Profish, een visverwerkingsbedrijf in Twello in Gelderland, werden de afgelopen weken positief getest – waardoor Deventer, dichtbij gelegen en de woonplaats van meerdere werknemers van het bedrijf, ook relatief veel besmettingen telde. Nu is er een gezondheidscheck aan de poort, hangt er plexiglas en heeft de werkvloer voorlichting gekregen. In meerdere talen; bij Profish werken veel arbeidsmigranten.

„Deze maand bezoeken we het bedrijf nog een aantal keer”, zegt de woordvoerder van de GGD Noord- en Oost-Gelderland. Het bedrijf hoeft niet dicht. Sinds zaterdag 4 juli zijn er geen nieuwe besmettingen bijgekomen.

Lees ook de reportage over de demonstratie van zorgmedewerkers dit weekend: ‘Kunnen we een tweede golf mentaal en fysiek wel aan?’

Het meest precair werd het in Maassluis, naast Rotterdam, waar verpleeghuis De Tweemaster eind juni te maken kreeg met een uitbraak. Bezoek was sinds juni net weer mondjesmaat toegestaan. Zeventien bewoners en achttien medewerkers raakten besmet, laat een woordvoerder van Argos Zorggroep, waar De Tweemaster onder valt, weten. „Zes bewoners zijn helaas overleden. Dit raakt ons diep en doet ons enorm veel verdriet.” Het verpleeghuis ging na de eerste besmettingen weer op slot, besmette bewoners werden verplaatst naar de speciale corona-afdeling van een revalidatiecentrum in Vlaardingen. Er kwamen in de afgelopen twee weken geen nieuwe besmettingen onder bewoners bij.

Het bron- en contactonderzoek van de GGD, dat ook moet uitwijzen hoe het virus binnenkwam, loopt nog.

Of het relatief hoge aantal besmettingen in het nabijgelegen Schiedam, óók terug te zien in de laatste cijfers van het RIVM, daarmee te maken heeft, kan een woordvoerder van de GGD Rotterdam-Rijnmond niet zeggen. „We zien wel veel uitbraken in familiekringen. Die komen weer samen nu de regels zijn versoepeld. Etentjes, barbecues. Dus we blijven hameren op die anderhalve meter, óók binnen families. Want het sijpelt anders weer door naar werk en school.”

Toen er onlangs in korte tijd twee besmettingen op een school waren, organiseerde de GGD Rotterdam-Rijnmond een bijeenkomst – digitaal, via Microsoft Teams. Omdat er „informatiebehoefte” was. Die werd best „goed bezocht”, zegt ze: er logden zo’n twintig mensen in.

Volgens de woordvoerder worden in haar regio dagelijks achthonderd tot duizend mensen getest. Ook hier volgt op elke positieve test zo snel mogelijk contactonderzoek. Al zijn erbij, die liever niet meewerken. „Sommige mensen hangen op als de GGD belt.”