‘Groen herstel moet burger ten goede komen’

Raad leefomgeving en infrastructuur Het kabinet moet met zijn investeringsfonds groene keuzes maken, meent de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur.

Werkzaamheden aan de energietransitie in Purmerend. Het advies is onder meer om de omschakeling van gas naar waterstof te subsidiëren en meer energiezuinige nieuwe woningen te bouwen.
Werkzaamheden aan de energietransitie in Purmerend. Het advies is onder meer om de omschakeling van gas naar waterstof te subsidiëren en meer energiezuinige nieuwe woningen te bouwen. Foto Olivier Middendorp

Als er straks dan tóch vele miljarden euro’s worden uitgegeven om het economisch herstel aan te jagen, steek dat geld dan zoveel mogelijk in verduurzaming. En: vergeet daarbij de burger niet, die behalve werk ook een gezonde omgeving nodig heeft. Dat is, in het kort, de boodschap die de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur deze vrijdag meegeeft aan politiek Den Haag.

In het rapport ‘Groen uit de crisis’ doet de raad, een adviescollege van regering en parlement, voorstellen die het klimaat, de economie én de leefbaarheid ten goede moeten komen.

Een greep: versnel de aanleg van laadpalen. Subsidieer de omschakeling van gas naar waterstof. Bouw meer energiezuinige nieuwe woningen. Haal investeringen in schonere brandstof voor schepen en vliegtuigen naar voren. Maak elektrisch fietsen aantrekkelijker.

De „timing” van het rapport is „bewust”, zegt raadslid Annemieke Nijhof. Op of vlak voor Prinsjesdag (15 september) wil het kabinet zijn investeringsfonds, met waarschijnlijk tientallen miljarden euro’s, presenteren. Bovendien denken partijen nu na over hun verkiezingsprogramma’s voor de Tweede Kamerverkiezingen van maart volgend jaar. „Waarschijnlijk zal de volgende kabinetsformatie gaan over investeringen, niet over bezuinigen”, denkt Nijhof. Vanuit ministeries kreeg de raad vragen over hoe dit op een groene manier zou kunnen.

Lees ook: Een ‘groen herstel’ na corona kent veel valkuilen

Duurzaamheid en herstel kunnen elkaar versterken

Uit rapport ‘Groen uit de crisis’

De raad „is er niet op uit om voorrang te geven aan duurzaamheidsagenda’s boven economisch herstelbeleid, en meent dat zij elkaar juist wederzijds kunnen versterken”, staat in het advies. Die wisselwerking is mogelijk op veel terreinen, meent de raad, van de gebouwde omgeving tot de energietransitie en van mobiliteit tot aanpassing aan de klimaatverandering.

Met een „bonus voor snelle beslissers” kan bijvoorbeeld de subsidieregeling voor isolatie van woningen worden verruimd, zo stelt het adviescollege voor. En uit een nieuw op te richten fonds voor verduurzaming van „maatschappelijk vastgoed” kunnen zonnepanelen op daken van scholen of ziekenhuizen worden betaald. Gemeenten hebben hier volgens de raad onvoldoende geld voor. Dergelijke investeringen leveren niet alleen „op korte termijn” werk op, maar komen ook direct ten goede aan burgers en maatschappelijke instellingen, meent de raad.

Maatschappelijk draagvlak beschouwt de raad een voorwaarde bij groene plannen. „Voor veel mensen voelt die hele verduurzaming nogal ver van huis”, zegt Nijhof. Of erger nog, iets van „de elite”. „Maak de voordelen daarom tastbaar voor burgers”. Nijhof betreurt dat de pot van het kabinet van 10 miljoen euro aan subsidies voor nieuwe elektrische auto’s deze week al na acht dagen leeg bleek. „Dat is geen goed signaal aan goedwillende burgers die schoner willen rijden. Zorg dan dat er voldoende middelen zijn”.

Korte voedselketens, geen wegen

Op de kosten van zijn voorstellen gaat de raad niet in – dat wordt aan het kabinet gelaten. Niet alle ideeën hoeven miljarden te kosten. Bijvoorbeeld het voorstel voor het opzetten van een programma voor „gezonde en duurzame, regionale voedselvoorziening op school” met „schoollunches waarvan 80 procent van de voedingsstoffen is geproduceerd binnen een straal van 80 kilometer”. Dat is „kleinschalig”, maar kan wel „korte ketens” stimuleren en de gezondheid van kinderen verbeteren.

De overheid moet nu ook even dingen níet doen, meent de raad. Maak „pas op de plaats” bij de aanleg van nieuwe wegen, zo staat in het rapport. Want de coronacrisis heeft de wereld, en ook Nederland, volgens de raad veranderd. „De mobiliteit is teruggevallen naar lagere niveaus in de spits, online werken is in brede delen van de bevolking een geaccepteerde werkvorm geworden.”

Het advies van de raad sluit aan bij een bredere internationale discussie over ‘groen herstel’ na de coronacrisis. De Europese Commissie stelt een Europees herstelfonds van 750 miljard euro voor, dat voor een kwart moet worden besteed aan klimaatmaatregelen. Ook een Duits herstelpakket van 130 miljard euro bestaat ook voor zo’n kwart uit klimaatinvesteringen. Nederland zit nog in de fase van noodbeleid om sectoren draaiende te houden en om banen te behouden. Maar de volgende fase, die van het herstel, komt eraan. En in die fase, zegt Nijhof, moet de overheid „perspectief” bieden over „hoe we een meer duurzame economie in Nederland vorm gaan geven”.