Geheimzinnig techbedrijf Palantir wil naar de beurs

Silicon Valley Palantir spit grote hoeveelheden data voor opsporingsdiensten door.

Een van de meest geheimzinnige techbedrijven van Silicon Valley gaat naar de beurs. Softwaremaker Palantir, dat gereedschap voor data-analyse levert aan opsporingsdiensten in de VS en Europa, wil bijna een miljard dollar ophalen met een beursnotering. Maandag liet het bedrijf weten dat het begin juli de benodigde aanvraag bij de Amerikaanse beursautoriteit SEC heeft ingediend. Palantir werd in 2004 opgericht door onder meer Peter Thiel (ex-PayPal en een van de eerste investeerders in Facebook). Thiel is een van de weinige techondernemers die zich in 2016 achter Donald Trump schaarde. Sinds afgelopen week distantieert hij zich alsnog van de president.

Fonds van CIA is investeerder

Een van de opvallendste investeerders in Palantir is In-Q-Tel, een investeringsfonds van de Amerikaanse geheime dienst CIA. De aanvraag voor de beursgang is zeer summier. Palantir wil 961 miljoen dollar aan aandelen uitgeven, waarvan 550 miljoen dollar al gereserveerd is. In april maakte Palantir bekend dat het in 2020 rekent op een miljard dollar omzet – een groei van 38 procent – en voor het eerst winstgevend wordt. De waarde van het bedrijf werd in 2015 geschat op 20 miljard dollar.

De naam Palantir is geïnspireerd op de boeken van Tolkien; een – verzonnen – magische steen die je andere werelden en tijden kan tonen. Zo creëert de Palantir-software met behulp van machine learning een beeld uit grote hoeveelheden data, zoals reisgegevens, telecomdata, foto’s en videobeelden. De data-analyse wordt ingezet bij terrorismebestrijding – Palantir zou gebruikt zijn bij de opsporing van Osama Bin Laden – maar ook om olie te vinden of de verspreiding van het coronavirus te volgen.

Palantirs contracten met overheidsdiensten zijn omstreden. Vorig jaar trokken betogers naar het hoofdkantoor in Palo Alto om te protesteren tegen een contract dat Palantir afsloot met de Immigration and Customs Enforcement (ICE). Deze dienst voert het strenge immigratiebeleid van president Trump uit.

Het protestbord dat bij hoofdingang stond was weinig subtiel: ‘IBM verkocht technologie aan de nazi’s, Palantir verkoopt technologie aan ICE’.

Lees ook: Amazon, IBM en Microsoft zetten rem op omstreden software voor gezichtsherkenning

Het gebruik van geautomatiseerde opsporingsmiddelen door overheden ligt gevoelig. In de VS groeit de weerstand tegen gezichtsherkenningssoftware die niet op de juiste datasets getraind is en daardoor mensen met een andere huidskleur ook anders behandelt. Palantir-topman Alex Karp vindt dat de overheid de regels moet bepalen, niet de leverancier. „We willen de overheid blijven helpen.” Palantirs algoritmes laten zich echter lastig controleren. Vandaar de disclaimer op de website: ‘Technologie is niet het antwoord op alle problemen’.