Zo’n demonstratieverbod, mag dat zomaar?

Demonstratierecht Opvallend veel demonstraties worden de laatste tijd verboden, ook al is het recht om te demonstreren verankerd in de Grondwet.

Boeren vrijdag op de A1 tussen Hengelo en Apeldoorn. In meerdere regio’s is een verbod op trekkerdemonstraties.
Boeren vrijdag op de A1 tussen Hengelo en Apeldoorn. In meerdere regio’s is een verbod op trekkerdemonstraties. Foto Jan Willem Klein Horstman/ANP

Groningen en Drenthe kondigden maandag een trekkerdemonstratieverbod af van een week. Friesland volgde dinsdag. Al dagenlang duiken overal in de noordelijke provincies boeren met trekkers op voor onaangekondigde demonstraties tegen het stikstofbeleid. Ze blokkeren wegen en bedrijfsterreinen en er ontstaan „wanordelijkheden”, schrijft Koen Schuiling in het verbodsbesluit.

Schuiling is voorzitter van de veiligheidsregio Groningen, en uit de overwegingen bij het verbod blijkt enige frustratie. „In geen van deze gevallen zijn demonstraties […] gemeld”, en „mede als gevolg van de opstelling van de organisatoren [ben ik] niet in staat enige regie te voeren op de gang van zaken bij dergelijke demonstraties.”

Op hun beurt verklaren demonstranten van Farmers Defence Force (#boerenrevolutie) dat door dit „dictatoriale besluit” hun grondrechten worden ingeperkt. Dat is bovendien oneerlijk, want: „bepaalde groepen [wordt] geen strobreed in de weg gelegd om te demonstreren.” Ze kondigden aan een kort geding tegen het verbod te zullen voeren.

Zij zijn niet de enige die klagen. Ook demonstraties van Viruswaanzin, tegen de coronamaatregelen, zijn de afgelopen weken verboden. Mensen die toch kwamen opdagen, beriepen zich luidkeels op de Grondwet, terwijl de politie ze uiteendreef. Hebben deze demonstranten een punt? Beperkt het bestuur de grondwettelijk beschermde demonstratievrijheid te lichtzinnig?

Lees ook: Demonstreren mag, maar inperken óók

„De vrijheid van demonstratie staat op dit moment inderdaad onder druk”, zegt Berend Roorda, universitair docent aan de Rijksuniversiteit Groningen en gepromoveerd op demonstratierecht. „Maar dat komt niet zozeer door de autoriteiten, maar door de demonstranten: veel van hen houden zich niet aan de regels.” Roorda maakte met hoogleraar Jan Brouwer een inventarisatie van demonstraties in coronatijd en kwam veel verboden betogingen tegen.

Grondrecht is geen absoluut recht

Dat lijkt niet onlogisch: de vrijheid van betoging is een grondrecht, maar net als alle grondrechten géén absoluut recht.

De vrijheid van betoging mag maar voor drie doelen worden beperkt: bescherming van de gezondheid, in het belang van het verkeer, en voor bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden. De voorzitters van de 25 veiligheidsregio’s – die in verband met de coronacrisis nu in plaats van de burgemeesters over demonstraties beslissen – gingen ervan uit dat demonstraties leidden tot verspreiding van het coronavirus. Dus is het logisch (en juridisch houdbaar) dat zij om die reden het demonstratierecht beperkten, bijvoorbeeld tot maximaal dertig demonstranten die ook afstand houden. Maar in veel gevallen was een geheel verbod van de betoging disproportioneel, betoogden Roorda en Brouwer in hun inventarisatie.

Roorda zag ook in het verleden dat bestuurders te snel ingrijpen in het demonstratierecht. Ze stellen vaak inhoudelijke eisen en als er tegendemonstraties dreigen – en dus mogelijk schermutselingen – volgt vaak een verbod. Ook de Nationale Ombudsman concludeerde in 2018 dat de overheid risicomijdend gedrag vertoont en demonstratierecht ten onrechte ziet als onderdeel van een belangenafweging. Ook bij controversiële demonstraties moet het uitgangspunt zijn dat de overheid het recht om te demonstreren faciliteert en beschermt, aldus de ombudsman.

De laatste tijd lijkt het juist beter te gaan, zegt Roorda. „Men is zich meer bewust van het recht van demonstratie, mede door de betogingen rond Zwarte Piet. De gemeente Amsterdam heeft bijvoorbeeld een handboek demonstratierecht uitgegeven, en het gaat vaak wel goed.” Roorda ziet ook weinig bezwaren tegen het langdurige verbod op trekkerdemonstraties. „Het wordt door de boeren zo geframed alsof ze niet meer mogen protesteren, maar in het verbod staat uitdrukkelijk dat het hun vrijstaat ‘op alle andere manieren’ te demonstreren. Ik vond dat zelfs nogal ver gaan.”

De verzuchting van de voorzitter van de Groningse veiligheidsregio dat de demonstraties niet waren aangemeld is ook terecht, zegt hij. Het is overal in Nederland verplicht manifestaties vooraf aan te melden, zodat de gemeente bijvoorbeeld extra politie kan oproepen. Demonstreren zonder zo’n kennisgeving is zelfs strafbaar, hoewel er zelden boetes voor worden uitgedeeld.

Faciliteren en beschermen

Zijn spontane of niet-aangemelde demonstraties dan verboden? Dat nu ook weer niet. Burgemeesters kunnen een demonstratie niet verbieden om het enkele feit dat die niet is aangemeld. Een burgemeester moet ook die betogingen faciliteren en beschermen en moet dus op dát moment beoordelen of er een geldige aanleiding is om de demonstratie te beperken. Wie de demonstratie organiseert, is ook relevant. Als eerder is gebleken dat een organisator zich niet aan afspraken houdt, kan dat worden meegewogen in de beslissing of een demonstratie moet worden beperkt of zelfs verboden, werd onlangs door de rechtbank van Amsterdam bevestigd.

Toch moet de kracht van een grondrecht niet worden onderschat. Nog vorige maand bevestigde het gerechtshof van Amsterdam dat het betogingsrecht van Greenpeace, dat een boorplatform bij Schiermonnikoog had betreden, zwaarder woog dan het verbod op het betreden van de veiligheidszone van 500 meter rond het platform. Dat zagen sommige boeren ook: „Greenpeace mocht van de rechter ook boorplatformen bezetten, dus we hebben de jurisprudentie aan onze kant”, zegt Sieta van Keimpema van Farmers Defence Force in het Dagblad van het Noorden.