Nourdin el Ouali, partijleider van Nida: „Het grootste probleem, voor onze generatie zeker, is de ecologische crisis.”

Foto Bart Maat/ANP

Interview

Nida wil in Tweede Kamer: ‘In de Koran vinden wij de oplossing voor alle crises’

Nourdin el Ouali, partijleider Nida Een „progressief kosmopolitische emancipatiebeweging”. Dat is Nida volgens partijleider Nourdin el Ouali. De islamitisch geïnspireerde partij gaat meedoen aan de Tweede Kamerverkiezingen.

De islamitisch geïnspireerde partij Nida gaat volgend jaar meedoen aan de landelijke Tweede Kamerverkiezingen. Deze zondag stemde een meerderheid van de leden in met landelijke deelname. Partijleider Nourdin el Ouali (38) stapte een half jaar geleden al uit de Rotterdamse gemeenteraad om zich voor te bereiden, door een landelijk netwerk op te richten van mensen die zich aan de partij willen verbinden.

De van oorsprong Rotterdamse partij Nida heeft twee zetels in de Rotterdamse raad (sinds 2014), een in Den Haag en een in Almere.

Waarom wil Nida landelijk gaan?

„Dit is al sinds de oprichting het plan geweest. We wilden vanuit de steden groeien, maar dat moest wel duurzame, grassroots groei zijn. Nu zijn we zo ver. Politieke vertegenwoordiging laat zich samenvatten als wit, man en oud. Ik ben ervan overtuigd dat een nieuwe generatie, met nieuwe visies en oplossingen en inspiratiebronnen meer kan doen dan waar de oude politiek nu toe in staat is.”

Wat ziet u als de grootste problemen voor Nederland?

„De gezondheidscrisis, de groeiende kloof tussen arm en rijk, de ongelijkheidscrisis, die heeft met racisme te maken. En het grootste probleem, voor onze generatie zeker, is de ecologische crisis. De manier waarop we leven is niet houdbaar, het gaat ten koste van onze gezondheid, van de natuur, van leven as such. Velen komen door armoede en ongelijkheid hier niet eens aan toe. En ja, wij vinden de oplossingen voor al deze crises in de Koran. De wijze waarop we consumeren, het tegengaan van verspilling, het zorgen voor elkaar en je omgeving.”

U spreekt regelmatig over discriminatie en racisme van etnische minderheden. Is Nida een migrantenpartij?

„Ik vind migranten een problematische term. Mensen die hier geboren en getogen zijn, dat zijn geen migranten. Bovendien impliceert het dat alleen die groepen op Nida stemmen, dat is niet zo. In ons ledenbestand zitten ook Rotterdammers of Hagenezen van autochtone komaf. We zijn er ook voor witte Nederlanders. We bouwen al zeven jaar aan een fundament dat over meer gaat dan één onderwerp of één groep.”

Hoe zou u Nida zelf omschrijven?

„Als een progressief kosmopolitische emancipatiebeweging van een nieuwe generatie zonen en dochters van Nederland. Een generatie die is opgegroeid in een politiek klimaat waarin diversiteit en islam constant als problemen worden gezien en behandeld. Wij zien de islam als inspiratiebron en diversiteit als rijkdom om uit te putten. Islamitische inspiratie is niet alleen voor moslims, het vindt weerklank in ieders geweten. We zijn anti-establishment.”

Dat accent op de islam kan op een deel van het electoraat een afschrikwekkend effect hebben.

„Het is een uitdaging om de islam en moslims te normaliseren, dat klopt. Ik noem als voorbeeld graag de katholieken in Nederland. Zeker als je die in historische context bekijkt, dan zie je wat een enorme emancipatiestrijd die groep heeft moeten voeren. Dat biedt hoop voor een religieuze minderheid als de moslims.”

U beschrijft Nida als anti-establishment. Waarin verschilt u van andere partijen?

„We zijn activistischer. We bemoeien ons actief met maatschappelijke thema’s. In Rotterdam hebben we los van het raadswerk talloze debatten en bijeenkomsten georganiseerd, over bijvoorbeeld racisme en emancipatie. Maar ook een herdenking van de slachtoffers van de schietpartij in Christchurch [op een moskee], een Palestinademonstratie. We weten mensen te raken met een breder politiek verhaal. Activisme is belangrijk, we hebben meer Dolle Mina’s nodig in de politiek.”

De vergelijking tussen Nida en Denk is snel getrokken. Is er plek voor een tweede Denk in de Kamer?

„Denk is een tweede Nida. Dat is eerlijker. Zij hebben zich door ons laten inspireren, wij waren er eerder. We delen een deel van hetzelfde electoraat en we hebben voor een deel dezelfde prioriteiten. Maar wij hebben een andere manier van politiek bedrijven: minder populistisch, meer ethisch gedreven. Constructiever, zo je wil. Overigens, dat wij steeds op een lijn worden gesteld met Denk is wel een probleem. Alsof alle mensen van kleur in één potje moeten passen.”

Lees ook: Het zomeravondgesprek van Nourdin el Ouali met hoogleraar Beatrice de Graaf

Onlangs sprak premier Mark Rutte (VVD) zich uit over „systemisch racisme”, een term die hij eerder niet gebruikte. Ziet u iets veranderen in de politieke discussie over racisme?

„Ja, maar het stelt me nog niet gerust. Het is niet te danken aan de politiek dat het onderwerp op de agenda staat, de urgentie kwam van de samenleving. Veel van de mensen die het moeten oplossen zijn onderdeel van het probleem. Hoe er over groepen wordt gesproken, wie er wel of niet bij hoort. Het advies van Rutte aan jongeren die gediscrimineerd worden op de arbeidsmarkt om zich ‘in te vechten’, dat geeft de verhoudingen weer.

„Racisme is institutioneel. Nu erkennen politici mondjesmaat dat er sprake is van racisme in de samenleving. Maar niemand durft het te hebben over racisme in de politiek zelf.”

Vindt u dat linkse partijen het onderwerp ook hebben laten liggen?

„Ik ben teleurgesteld in de wijze waarop linkse partijen omgaan met diversiteit. Ze spreken over minderheden op een bevoogdende manier. Als ze de taal goed leren en zorgen dat ze een goede opleiding volgen, dán mogen ze meedoen. Het is steeds een analyse over de minderheid als probleem, zonder aandacht te hebben voor de problemen van die minderheden. Dat is geen diversiteit. Artikel 1 van de grondwet is niet bedoeld om van iedereen een eenheidsworst te maken. Er zijn verschillen, laat die zien.”

Wilt u zelf lijsttrekker worden?

„Ik stel me beschikbaar. Maar de leden beslissen.”

Nida heeft nu relatief weinig zetels in drie gemeenten. Tijdens de Provinciale Statenverkiezingen wonnen jullie er nul in de twee provincies waarin jullie meededen. Waarom zou het landelijk wel lukken?

„We waren ons ervan bewust dat het lastig zou worden, omdat de provincie op meer afstand van de kiezers staat. Zeker de jongeren die wij aan willen spreken. En die verkiezing werd gekaapt door landelijke thema’s en partijen. Ik zie landelijk wel een potentie van drie à vier zetels.”

Nourdin el Ouali, partijleider van Nida, over de partijstandpunten: