Opinie

Neoromantiek

Lotfi El Hamidi

De Amerikaanse superster Beyoncé komt eind deze maand met een nieuw visueel muziekalbum. De trailer van Black is King, zoals het album zal gaan heten, belooft een spectaculaire traktatie voor de zintuigen te worden. De beelden laten onder andere traditioneel uitgedoste Afrikanen zien, een koninklijk gezin en Afrikaanse landschappen. Een soort Lion King, maar dan met mensen van vlees en bloed.

De beelden vieren ‘de zwarte veerkracht en cultuur’, zo luidt het persbericht. Maar niet iedereen ziet in deze herwaardering van de zwarte geschiedenis en Afrikaanse traditie een positieve bijdrage aan de beeldvorming. De romantische voorstelling van Afrika als een aards paradijs met koningen en leeuwenjagers is volgens sommige critici vooral een misplaatste buitenlandse projectie op een continent van 54 landen. Met de werkelijkheid heeft het allemaal weinig te maken.

Is hier sprake van ‘culturele toe-eigening’ waar Beyoncé domweg grof geld aan wil verdienen? Beyoncé mag dan wel een Afro-Amerikaanse zijn, maar voor Afrikanen toch vooral een Amerikaanse (waarom geeft ze in Afrika eigenlijk geen concerten?). Aan de andere kant voorziet de zangeres in een behoefte van een aanzienlijk deel van de zwarte bevolking in Amerika, dat zich onlosmakelijk verbonden voelt met Afrika. De bevestiging van de zwarte identiteit, inclusief mythische oorsprongsverhalen, is voor hen aangenaam, om voor de hand liggende redenen.

Anderen hebben wat minder onschuldige bedoelingen met ‘identiteit’, zoals islamistische bewegingen die het verlangen naar het roemruchtige verleden cultiveren, toen moslims nog gelukkig onder een rechtvaardige kalief leefden. Die harmonieuze samenleving heeft nooit bestaan, maar de droom is soms sterker dan de werkelijkheid. Sommigen zijn zelfs bereid in het streven naar deze utopie te doden en te sterven.

Hier in het Westen zien we dat radicaal-rechtse groepen de romantiek inzetten om hun verknipte wereldbeeld vorm te geven. Zo worden op sociale media gretig afbeeldingen gedeeld waarop gespierde blanke mannen of beeldschone blondines in ongerepte natuur poseren, vaak in traditionele kledij. Ook wordt de nadruk gelegd op culturele degeneratie in onder meer de kunsten en architectuur. FVD-leider Baudet noemde onlangs in talkshow Beau moderne architectuur („zoals de gebouwen van de Europese Unie”) een teken van een „ongezonde cultuur”. In tegenstelling tot bijvoorbeeld de Ridderzaal, die bij een „gezonde samenleving” zou horen.

Dat ging voor acteur Huub Stapel, die aan dezelfde tafel zat, te ver. Die noemde het „gelul van een dronken aardbei”. En dat is het ook. Het mag wat vaker gezegd worden.

Lotfi El Hamidi (L.elHamidi@nrc.nl @Lotfi_Hamid) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.