Recensie

Recensie Beeldende kunst

Het alledaagse wordt bijzonder op ‘coronaproof’ kunstbeurs

Kunstbeurs In de Westergas in Amsterdam organiseert Unfair een coronabestendige kunstbeurs: een ‘tijdelijk museum’ dat ruim twee maanden open blijft.

De expositieruimte van Unfair: Temporary Museum is geïnspireerd door verschillende typen stedenbouw.
De expositieruimte van Unfair: Temporary Museum is geïnspireerd door verschillende typen stedenbouw. Foto Lotte van Uittert

Rakketakketakketak... gaan de pianotoetsen van Vibeke Mascini. Ze vertaalde de golfslag van de Noordzee naar een bewegingspatroon voor een zelfspelende vleugel. De noten klinken niet, het enige geluid komt van de bewegende mechaniek. Dat je de poëtisch ratelende golven die van links naar rechts bewegen over het klavier van Mascini’s (1989) installatie The Swell zo goed kunt horen, komt mede doordat het niet zo druk is op de eerste dag van Unfair in de Westergas in Amsterdam. Een bewuste keuze van de organisatie.

Normaal sta je best wel eens te dringen op een kunstbeurs, zo niet in het Unfair Temporary Museum. Omdat de reguliere editie van de tweejaarlijkse kunstbeurs voor opkomende kunstenaars in april dit jaar door corona geannuleerd moest worden, werkte de organisatie een plan uit voor een ‘coronaproof’ editie. Het werd dit tijdelijke museum, dat twee maanden lang ieder weekend open is. Publiek koopt vooraf een tijdslot. Het resultaat is een kunstbeurs met een museaal soort rust, waar alle werken uit de sterke selectie van dertig kunstenaars te koop zijn.

Lees ook: Unfair is een kunstbeurs geboren uit baldadigheid

Wat helpt bij het anderhalve meter afstand houden, is het opvallende ontwerp van de expositieruimte door Unknown Architects. Hun opzet is geïnspireerd door verschillende typen stedenbouw, en is opgedeeld in vier ‘wijken’ met heel veel steegjes, doorgangen, of juist grote open ruimtes. Elkaar passeren kan niet overal, maar dan neem je gewoon een andere route. De plattegrond doet denken aan de labyrintische opstelling van Stedelijk Base (inclusief uitkijkpunt), maar is afwisselender qua opzet.

Pieter van der Schaaf, Untitled (Zuiveringshal 3), 2020 Foto Lotte van Uittert

Kilometers diepe boorput

De formule van het Unfair Temporary Museum mag dan door corona bepaald zijn, de pandemie is nergens een artistiek onderwerp. Wel gaat het vaak over de kracht van verbeelding. Kunstenaar Willem de Haan (1996) bijvoorbeeld, verhuisde het diepste door mensen gegraven punt vanuit Rusland naar Amsterdam. Althans, dat is de suggestie. Tussen een hoopje aarde op de grond in zijn presentatieruimte ligt een stalen dop met daarop ‘12.226 metpob’. Ligt daaronder een boorput van 12 kilometer? Een gigantisch frame met billboard (dat hoog boven de expositiewandjes uitsteekt) helpt de bezoekers om die illusie in stand te houden. Op het bord staat een dialoog van twee museumbezoekers die over het boorgat spreken. ‘Dit is niet waarvoor ik naar een museum kwam.’ – ‘Inderdaad’.

De Haan herhaalt de grap van een theatertekst naast een ‘echte’ situatie op een drietal foto’s van mensen op straat met in het beeld eenzelfde enorm billboard met absurdistische dialogen die in de situatie passen.

Intercom

Speels is ook de intercom die Pieter van der Schaaf (1984) installeerde. Je kunt ermee bellen naar de andere kant van de expositieruimte. De manier waarop de telefoonlijnen met klemmetjes op de muur zijn gespijkerd, een minimalistische compositie met veel lange rechte stukken en een aantal bochten, heeft een sculpturale schoonheid, die je tegelijkertijd in heel veel trappenhuizen van appartementencomplexen zou kunnen bewonderen. Van der Schaaf maakt het gewone bijzonder.

Hugo Rocci, Curved window reflection during sunset, 2020 Foto Lotte van Uittert

Everything that can happen in a day often does van Hugo Rocci (1989) is nog zo’n installatie die de verbeelding aanjaagt. Zijn presentatie bestaat uit een serie in kalme pasteltinten geschilderde vensters met erachter een zonsondergang, het huis van de buren of dennenbomen. Het trompe-l’oeil maakt van de presentatieruimte een hutje op het platteland. Een gedicht op de wand van Vanessa Kowalski maakt het af, het somt de dingen op die op een dag kunnen gebeuren: (‘Ice melts / Salt compliments pepper / a mother whispers / While the leaf of a potted plant unfurls’). Het is een weldadige alledaagsheid, die misschien wel zo frappeert omdat je die post-corona niet meer zo had verwacht.