Tata Steel sluit akkoord met bonden

Industrie Er komen geen gedwongen ontslagen bij de door stakingen geteisterde fabriek. De problemen zijn daarmee nog niet voorbij.

Driekwart jaar vroeg het personeel van Tata Steel IJmuiden zich af hoeveel gedwongen ontslagen er zouden vallen bij de aangekondigde reorganisatie. Vrijdagochtend kwam het geruststellende antwoord: nul.

Na drie weken staken bereikten de vakbonden en de Nederlandse directie een akkoord over de toekomst van de staalfabriek (8.000 werknemers). Tot 2026 vallen er geen gedwongen ontslagen. Noodzakelijke banenreducties zullen tot stand komen doordat medewerkers zelf vertrekken en met pensioen gaan. En hoeveel arbeidsplaatsen er precies zullen verdwijnen wordt de komende tijd met de ondernemingsraad uitgewerkt.

Onder het personeel was de afgelopen maanden veel onrust over het ‘transformatieplan’ van Tata Steel Europe – de moedermaatschappij van ‘IJmuiden’. Afgelopen november kondigde de bedrijfstop aan dat de winst met zo’n 750 miljoen euro omhoog moest. Daarvoor was het onder meer nodig 3.000 banen te schrappen bij de twee grootste fabrieken, in IJmuiden en Wales. In maart werd dat voornemen aangepast naar 1.250, te bereiken zonder gedwongen ontslagen.

Directeur weg

In IJmuiden bestond de vrees dat de fabriek harder geraakt zou worden dan de Britse vestiging, hoewel die laatste het financieel veel slechter doet. Nadat de Nederlandse directeur Theo Henrar in mei zonder uitleg vertrok, besloot het personeel over te gaan tot stakingen: het wilde zwart op wit dat er geen gedwongen ontslagen zouden vallen.

Die toezegging krijgt het nu, net als een aantal andere op het gebied van de bedrijfsvoering. Het personeel vroeg om een ‘strategisch plan’ voor de toekomst – met aandacht voor CO2-reductie – en wilde dat de zelfstandige positie van IJmuiden binnen Tata Steel gehandhaafd blijft: de angst was dat de directie de fabriek verder wilde integreren met die in het Verenigd Koninkrijk. Voorlopig behoudt de fabriek inderdaad veel eigen zeggenschap.

Het akkoord is een opluchting voor het personeel in IJmuiden. Maar de problemen voor Tata Steel zijn allerminst voorbij, erkennen vakbond en centrale ondernemingsraad (COR) tegenover NRC. Intern heerst verdeeldheid – vooral in de top – terwijl de omstandigheden waarin Tata opereert steeds guurder worden.

Europese staalmakers hebben al langer last van overcapaciteit en concurrentie van goedkoop Chinees staal. Nu is de coronacrisis daar nog bij gekomen, waardoor de vraag naar staal vanuit onder meer de auto-industrie flink is afgenomen. Gevolg: de al jaren verlieslatende Britse tak van Tata heeft honderden miljoenen aan noodsteun gevraagd van de Britse overheid, en ook de hoogovens in IJmuiden zijn niet winstgevend meer. Tegelijkertijd stellen klimaatafspraken staalbedrijven voor de dure opgave in hoog tempo te vergroenen.

Winsten

Over een aantal gevoelige punten wordt de komende tijd bovendien nog verder gepraat. Zo vraagt de FNV garanties dat IJmuiden een zelfstandig functionerende fabriek blijft, die staal kan maken van grondstof tot eindproduct. Ook wil de vakbond dat IJmuiden zeggenschap houdt over de gemaakte winsten. Eerdere afspraken daarover verlopen volgend jaar, maar het personeel wil voorkomen dat – als de crisis straks voorbij is – in IJmuiden behaalde winsten worden gebruikt om Britse verliezen te financieren.

Over deze kwesties heerst ook verdeeldheid tussen de Europese en Nederlandse top. Een intern document waarover NRC eerder deze week schreef, belooft weinig goeds voor de sfeer waarin de gesprekken tussen de twee directies zullen plaatsvinden. Wantrouwen en een gebrek aan „gevoeld respect” tekenen die verhoudingen, oordeelde de voormalige TSE-topman Hans Fischer in maart van dit jaar na gesprekken met 21 betrokkenen.

Het ontslag van topman Theo Henrar in mei heeft de relaties nog verder op scherp gezet.