Opinie

Laat burgers politici helpen: organiseer een burgerberaad

Deliberatieve democratie Een burgerberaad leidt niet alleen tot oplossingen en draagvlak, maar ook tot een groter vertrouwen in de politiek, vinden en .
Foto Tim Robberts/Getty Images

Afgelopen week schreef Frankrijk geruisloos geschiedenis. Maandag kondigde president Macron aan 146 van 149 aanbevelingen over te nemen om de Franse uitstoot van broeikasgassen drastisch te verlagen. Die aanbevelingen waren niet opgesteld door de politiek, maar door burgers. Het nieuws werd in Nederland nauwelijks opgepikt. Zonde, want dit soort burgerparticipatie zou ook hier veel problemen kunnen oplossen.

Net als in Nederland leidt ook in Frankrijk klimaatpolitiek tot verdeeldheid. Iedereen herinnert zich de gele hesjes die eind 2018 massaal de straat opgingen nadat Macron een verhoging van de brandstofprijzen had aangekondigd – een van zijn pogingen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.

De protesten lieten zien wat Macron over het hoofd zag: de armoedekloof tussen het Franse platteland en de steden. Hij had niet stilgestaan bij de sociaal-economische impact van die maatregel op grote delen van het land, waar mensen afhankelijk zijn van hun auto.

Blinde vlekken

Zo gaat het wel vaker, ook in Nederland. Of het nu gaat om het plaatsen van windmolens of de aanpak van de stikstofcrisis, burgers krijgen vaak het idee dat hun belang in besluitvorming niet meetelt. Maatschappelijk draagvlak creëren we hier door te polderen, denk nog maar eens aan de klimaattafels. Daar mochten bedrijven en belangenorganisaties aanschuiven om mee te onderhandelen, maar de burger komt pas in beeld als het eindresultaat gepresenteerd wordt: de nieuwe energierekening. Het gevolg is dat mensen zich niet gehoord voelen en hun vertrouwen in de politiek verliezen.

Een andere vorm van burgerbetrokkenheid, de inspraakavond die met name gemeentes organiseren om draagvlak te creëren, trekt meestal mensen die tóch al betrokken waren (en dan vaak alleen de tegenstanders). Dat levert flinke blinde vlekken op voor politici en evenzoveel onrust, polarisatie en wederzijds wantrouwen.

Lees ook: Frans burgerparlement wil referendum over ‘ecocide’

Dat de kloof tussen burger en politiek ook in Nederland te groot is toonde het rapport Lage drempels, hoge dijken (2018) van de commissie-Remkes wel aan. Afgelopen week nam minister van Binnenlandse Zaken Ollongren de eerste piepkleine stapjes om iets aan die kloof te gaan doen, zoals afschaffing van de drempel voor voorkeursstemmen.

Nee, dan de stap van Macron. Hij initieerde een onafhankelijke ‘Convention Citoyenne pour le Climat’. Dit burgerberaad bestond uit 150 via loting geselecteerde burgers: ruim 250.000 telefoonnummers waren automatisch gegenereerd en vervolgens is gebeld met de vraag of mensen mee wilden doen.

Uit degenen die positief antwoordden werd een representatieve groep van 150 deelnemers samengesteld: ongeveer evenveel mannen als vrouwen, wier leeftijd, culturele afkomst, opleidingsniveau en woonplaats de Franse samenleving weerspiegelen. Deze mensen kregen de vraag om sociaal rechtvaardige maatregelen te formuleren die de uitstoot van broeikasgassen met minimaal 40 procent reduceren in 2030 (ten opzichte van 1990).

Tussen oktober 2019 en juni 2020 kwamen deze 150 mensen zeven keer bij elkaar, telkens drie dagen. Tijdens de eerste bijeenkomsten werden ze grondig geïnformeerd door wetenschappers, ngo’s, ervaringsdeskundigen en belanghebbenden. Ook konden de deelnemers zelf om experts en informatie vragen. De rest van de bevolking kon via livestreams meekijken en zich zo ook informeren over het onderwerp.

Vervolgens gingen de deelnemers met elkaar in beraad; ze delibereerden in kleinere groepen met elkaar over de verschillende deelonderwerpen op zoek naar consensus. Het resultaat dat zij eind juni presenteerden is een ambitieus plan dat 149 aanbevelingen doet op het gebied van transport, landbouw, de bouw, natuurbescherming, consumentengedrag en verantwoordelijkheid van bedrijven.

Om te voorkomen dat een burgerberaad even tandeloos wordt als een inspraakavond, moet de politiek van tevoren expliciet maken wat er met de aanbevelingen zal gebeuren. Macron had aangekondigd dat hij de aanbevelingen „zonder filter” zou toepassen, voorleggen aan het parlement of er een referendum over zou organiseren.

Steile leercurve

Hij hield woord. Maandag kondigde hij aan 98 procent van de aanbevelingen ongefilterd over te nemen (vooraf was duidelijk dat hij drie ‘jokers’ kon inzetten en dat deed hij ook).

Een burgerberaad is anders dan een inspraakavond. Die laatste trekt meestal mensen die toch al betrokken zijn

Een paar resultaten: Frankrijk gaat de komende twee jaar 15 miljard euro extra besteden aan het versneld vergroenen van de economie. Ook zal een referendum gehouden worden om Artikel 1 van de grondwet aan te passen, zodat het milieu hierin opgenomen kan worden. „Ecologie moet het hart worden van ons economisch systeem, want de grenzen van het huidige systeem zijn bereikt”, aldus Macron in zijn toespraak. „Niemand mag achterblijven.” Mensen met minder koopkracht krijgen hulp om deze overgang te maken.

Hij liet weten dat de deelnemers aan het burgerberaad betrokken worden bij de politieke werkgroepen die de aanbevelingen nu gaan omzetten in concrete maatregelen.

Dat is een behoorlijk steile leercurve voor iemand die anderhalf jaar geleden nog dacht ingrijpende maatregelen van bovenaf te kunnen opleggen en die blind was voor het verband tussen klimaatproblematiek en sociale onrechtvaardigheid. Macrons grootste inzicht is dat burgers te vertrouwen zijn. Sterker, zo besefte hij, via deliberatieve processen zoals een burgerberaad kunnen burgers politici helpen om besluiten te nemen over beladen thema’s: „Deliberatieve democratie is geen bedreiging voor de parlementaire democratie, maar complementeert en verrijkt haar.”

Ook in Nederland

Wij vragen de Nederlandse politiek hier een voorbeeld aan te nemen. Ook in Nederland is het van het grootste belang om burgers meer bij de politiek te betrekken. Maar in de brief die minister Ollongren afgelopen woensdag naar de Eerste en Tweede Kamer stuurde, is de burger slechts een kiezer. Die beperkte invulling van burgerschap zal onvoldoende helpen tegen polarisatie in de samenleving en afnemend vertrouwen in de politiek, omdat ze nog altijd te weinig zeggenschap geeft aan de burgers.

Lees ook deze reportage: Frankrijk experimenteert met burgerdebat over klimaatplan

Deze wijzigingen aan het parlementaire stelsel veranderen niets aan ons huidige politieke systeem, waarin besluiten over de lange termijn beïnvloed worden door het streven naar verkiezingswinst op korte termijn. Het gevolg is dat besluiten over beladen onderwerpen steeds doorgeschoven worden tot na de volgende verkiezingen – zie de stikstofcrisis, het klimaatbeleid.

Bovendien heeft de brief van Ollongren te weinig oog voor de oorzaak van de kloof en het wantrouwen ten aanzien van de politiek: het gebrek aan inzicht wat er echt in de samenleving speelt, en niet alleen bij degenen die het hardste roepen.

Daarom pleiten wij voor het invoeren van landelijke burgerberaden in Nederland. Die bieden namelijk een oplossing voor zowel dat wantrouwen als stagnerende besluitvorming. De deelnemers aan een burgerberaad immers, vertegenwoordigen geen politieke partij en hoeven dus geen rekening te houden met verkiezingen, gunstige media-aandacht of een achterban.

En anders dan bij een referendum of enquête staat deliberatie centraal. Dat zorgt ervoor dat mensen voorbij ideologische, culturele en religieuze verschillen leren kijken. Niet het individuele, maar het collectieve belang is leidend.

Ook hebben partijpolitiek en lobbygroepen weinig tot geen invloed op de besluitvorming van het burgerberaad, onder andere doordat de uitvoering in handen is van een onafhankelijke organisatie.

Burgers krijgen tijd, informatie en professionele gespreksbegeleiding, wat ze helpt in gesprek te gaan over complexe onderwerpen en tot constructieve, weldoordachte aanbevelingen te komen.

Vertrouwen

Tot slot krijgen bestuurders die burgers het vertrouwen geven om mee te beslissen, niet alleen hulp van burgers maar ook hun vertrouwen. Burgerberaden leiden dus niet alleen tot concrete oplossingen en draagvlak, maar ook tot een groter vertrouwen in de politiek.

Het Franse voorbeeld laat zien dat een burgerberaad onmisbaar is voor het ontwikkelen van rechtvaardig klimaatbeleid. Dat niet alleen: het toont dat we de democratie momenteel onderbenutten, dat veel kennis, creativiteit en verantwoordelijkheidsgevoel in de samenleving niet aangeboord worden. Niet voor niets liet Macron aan het eind van zijn toespraak weten dat hij burgerberaden een integraal onderdeel wil maken van de Franse democratie.

Laten we dat voorbeeld volgen. Met een burgerberaad kunnen we de impasse rond klimaatbeleid doorbreken én onze democratie uitrusten voor de eenentwintigste eeuw.