Brieven

Beeldenstorm

Belicht ook de goede kanten van Van Heutsz’ bestuur

Foto Evert Elzinga/ ANP

Het Indië-Nederland monument in Amsterdam laat zien dat monumenten een nuttige rol kunnen spelen in debatten over de geschiedenis zoals die nu gevoerd worden (Gemoderniseerd monument blijft weerzin oproepen, 1/7). Het was ooit bedoeld als eerbetoon aan Jo van Heutsz, de man die model staat voor alles wat slecht is aan de koloniale geschiedenis. Dankzij de recente biografie door Vilan van de Loo weten we dat dat grotendeels terecht is, maar ook dat uitgerekend deze Van Heutsz als gouverneur-generaal van 1904 tot 1909 voor zijn tijd opvallend progressieve ideeën had over het koloniale bestuur. Hij schafte meteen na zijn aantreden de hormat af, het verplichte eerbetoon van de inheemse bevolking aan de Nederlandse bestuurders, wat hem de woede van de Nederlandse gemeenschap opleverde. Van Heutsz benoemde als eerste een ‘inlandse’ edelman op een zo hoge bestuurspost dat de kranten in Nederland schreven dat de overheersten nu de commando’s gingen uitdelen. Van Heutsz liet ook voor het eerst een vrouw het ‘groot ambtenaarsexamen’ afleggen. En hij was tegen de zending en voor de vrijheid van godsdienst. Met de negatieve én de positieve informatie over deze koloniale bestuurder op het monument kan dat een nuttige rol spelen in het debat over het kolonialisme, dat nog lang niet klaar is.


historicus