Opinie

Politiewerk is geen tikkertje spelen op het schoolplein

Geweld door de politie voelt ongemakkelijk. Maar het heeft een belangrijke functie in de rechtsstaat. Die moet wel worden verdedigd. Hoogleraar Bob Hoogenboom in de Veiligheidscolumn.
De politie treedt op tegen de verboden demonstratie tegen de corona maatregelen.
De politie treedt op tegen de verboden demonstratie tegen de corona maatregelen. Photo Merlin Daleman

Het overheidsmonopolie op fysiek geweld wordt uitgeoefend door de politie. In het kader van de ordehandhaving moet zij ‘ene kracht van meer dan geringhe beteekenis’ inzetten, zoals in art. 1 van de Geweldsinstructie staat. Tijdens 4 mei-herdenking en menig andere publieke gebeurtenis worden sluipschutters, aanhoudingseenheden in burger, gewapende persoonsbeveiligers, honden, waterkanonnen, paarden, gepantserde auto’s en arrestatieteams ingezet.
Politie is veel meer dan de belangrijke wijkagent. Volgens de Amerikaanse politieonderzoeker Klockars kan de samenleving niet zo goed omgaan met het idee van politiegeweld. Wij houden angstvallig vast aan de illusie dat wij leven in een beschaafde democratische rechtsstaat. Geweld voelt ongemakkelijk. Is iets van voor die tijd. Daarom draperen we dat ‘gevaarlijke instituut’ politie met acceptabele taal: verbinding, wijkgericht, community policing, politie van en voor de burger. Daardoor is het politieverhaal te pruimen.

Tere zieltjes

Maar de kern is - en blijft - inzet (of de dreiging) van geweld. Het geweldsmonopolie is, volgens Max Weber, het kenmerk van de democratische rechtsstaat. Als Geert Wilders of Koningin Maxima worden bedreigd mogen we hopen dat persoonsbeveiligers - desnoods met dodelijk geweld - optreden. Dat is niet een verhaal wat het echt goed doet in de handboeken bestuurskunde. Maar het is wel wat het is. De Black Lives Matter beweging gaat niet - of liever zou niet moeten gaan - over al het geweld. Maar over excessief geweld. Dwang en (dreigen met) geweld is functioneel. Mits proportioneel. Nodig en soms noodzakelijk. Of onze tere rechtsstaat-zieltjes dat kunnen hebben of niet.
De eerste twee politiemannen die aankwamen bij het winkelcentrum in Alphen aan de Rijn waar iemand het vuur had geopend spraken af dat zij de schutter zouden uitschakelen. Maurice Punch schrijft een mooi boek over (dodelijk) politiegeweld. Die zin voelt niet lekker, toch?


De politie zelf lijkt vergeten te zijn waartoe zij op aarde is. Afgelopen maandag wordt met veler (politie) instemming op social media de clip verspreid van een politieman die ingetogen een demonstrante onder controle houdt. Wauw! Goed politiewerk. Zie je wel dat we het kunnen. Zie je wel dat veel geweldsincidenten uit hun context worden getrokken.
De tragiek hier is tweeledig. De politie is niet meer in staat om de samenleving te vertellen dat wat deze politieman doet iedere week een paar honderd keer voorkomt. In uitgaansgebieden. Tijdens demonstraties en tijdens risicowedstrijden.
De andere tragiek zit in het (on)bewust aannemen van een slachtofferrol. Calimero-politie: ‘Want ik ben klein en jullie (akelige mensen die flarden van optreden opnemen en uit hun verband rukken) zijn groot’.

Tikkertje

Waarom kan je als professionele organisatie niet gewoon uitleggen wat je doet? Hoe dat past in de rechtsstatelijke functie, de geweldinstructies van de Driehoek en je eigen professionele handelingskader. Dat dagelijks wordt getraind? Politiewerk is geen tikkertje spelen op het schoolplein. Wat voor leiderschap staat zwalkend aan het politieroer?
Vakbond-scoringsdrift maakt deze tragi-komedie dieper. De ‘leider’ van de politiebond ACP richt zich daags na de Malieveld-rellen tot de natie: ‘of we de controle over de samenleving niet aan het verliezen zijn’. Alleen die uitspraak tast al de legitimiteit aan. Hoe respectvol ben je naar collega’s? Ben je je bewust van het feit dat ‘de andere kant’ het misschien ziet als teken van zwakte. ‘Want ik ben klein…’ Maar de vakbondsman is niet het probleem. Het probleem is dat weinigen de absurditeit van die quote in twijfel trekken. Niemand die calm, cool & collected uitlegt wat er is gebeurd. En waarom.

Geen schuttingwoord

Ik praat politiegeweld niet goed. Het is een grof schandaal hoe af en toe buitensporig geweld wordt gebruikt. We moeten daarover praten. Niet alleen via social media maar ook binnen de politie. Ook met Control Alt Delete, Amnesty en BLM. Met wetenschappers en onderzoeksjournalisten. Met vakbonden. Maar we moeten ook beseffen dat overheidsgeweld geen schuttingwoord is. Als je dat als leiderschap niet kunt uitleggen zit je niet op de goede plaats, niet op het juiste moment.
Calimero-taal hoort niet bij de politie. Verschuilen achter woordvoerders ook niet. Pionnetjes verplaatsen in plaats van midden- en eindspel strategieën ook niet. Huilen met de wolven over de onrechtvaardige ‘Beeldenstormen’ is geen leiderschap. Zeker niet voor een politie die vanaf de jaren tachtig openbare ordehandhaving heeft geprofessionaliseerd. Die tussen 1978 en 2013 markante politieleiders heeft voortgebracht die verder dachten dan een pionzet.
Leg in die geest uit wat je doet, waarom je dat doet. Erken wat niet goed is gegaan en wat je er van geleerd hebt. Wees dan deemoedig. Machismo kan ook kwetsbaar worden ingevuld. Maar stop Calimero in bed. Word weer politie in plaats van, ja wat eigenlijk..

De Veiligheidscolumn wordt geschreven door deskundigen uit de politiewereld. Bob Hoogenboom is hoogleraar fraude en regulering aan de Nyenrode Business Universiteit. Samen met Marc Schuilenburg doceert hij het mastervak ‘Politie en Veiligheid’ aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.