Necrologie

Ida Haendel is altijd een wonderkind gebleven

Overleden De excentrieke Ida Haendel (1928-2020) was de vrouw die vorige eeuw het mannenbolwerk van vioolvirtuozen openbrak. Ze overleed woensdag op 91-jarige leeftijd.

Ida Haendel met dirigent Rafael Kubelik in 1957.
Ida Haendel met dirigent Rafael Kubelik in 1957. Foto Hulton Deutsch /Corbis via Getty Images

Haar eerste pedagoge beweerde dat Ida Haendel werd geboren als violist. Als driejarige pakte ze het instrument van haar oudere zus en begon te musiceren. „Niks uitproberen hoor”, zei ze in een interview. „Ik speelde meteen.” Nog voordat ze haar tienerjaren bereikte, won ze grote prijzen. De dochter van een arme Joodse portretschilder uit het Poolse Chelm verbaasde de wereld. En ze kon niet eens lezen, benadrukte ze, woorden noch noten. Woensdag stierf Ida Haendel op 91-jarige leeftijd.

In zekere zin behield ze altijd haar aura van wonderkind. „Ik ben oud geboren, en nu meer een kind dan vroeger”, zei de bejaarde Haendel in de documentaire I am the violin van de Nederlandse filmer Paul Cohen. Voor hem trok ze nog een keer de concertjurk aan waarin ze op haar achttiende optrad. En bijna zestig jaar later zat die nog steeds als gegoten. „Mijn taille is onveranderd”, zei ze. Het ontbrak Haendel nooit aan zelfspot.

Lees ook: Wondervioliste van onbestemde leeftijd

De muziek was de tegenhanger daarvan. „Buiten het podium denken mensen soms dat ik een stand-upcomedian ben. Het is waar, ik hou van grappen, maar als violist ga ik voor het drama. Noten belichamen vaak tragedie en tranen. Op je vijfentwintigste bereikt het menselijk lichaam zijn top, en vervolgens begint het met sterven. Dat vind ik in de partituren terug.” En dat gold zeker voor haar lijfstuk, het Vioolconcert van de Fin Jean Sibelius.

Haar speelstijl was intuïtief en emotioneel. Met de Franse Ginette Neveu – die jong verongelukte bij een vliegramp – sloeg de tiener Haendel in de dertiger jaren een eerste bres in het mannenbolwerk van vioolvirtuozen. Ze maakte de weg vrij voor de talrijke generaties vrouwelijke violisten die nu de klassieke muziek regeren.

Eind jaren dertig belandde Haendel in Londen, waar ze zich na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog tot Britse liet naturaliseren. Ze maakte in die tijd onder meer tournees langs de geallieerde troepen. Begin jaren vijftig stak ze de oceaan over, aanvankelijk naar het Canadese Montreal. Uiteindelijk belandde ze in het Amerikaanse Miami.

Tot diep in de tachtig bleef Haendel nog optreden. „Want elke dag brengt de viool me nog ontdekkingen.”