Zalen blij met meer publiek, maar rendabel is het nog lang niet

Cultuur en corona Op 1 juli mogen theaters weer net zo veel bezoekers toelaten als past op anderhalve meter. Daarmee is de geldnood niet gelenigd. Soelaas biedt het ‘matroesjka-model’: kleine zalen verplaatsen aanbod naar grote zalen.

Artist’s impression van de Ziggo Dome in Amsterdam in anderhalvemeteropstelling.
Artist’s impression van de Ziggo Dome in Amsterdam in anderhalvemeteropstelling. Foto Ziggo dome

Er werd al lang reikhalzend uitgekeken naar 1 juli, de dag dat het maximum aantal bezoekers in podia en theaters van dertig naar honderd zou gaan. En toen nam premier Rutte bij zijn persconferentie op 24 juni ook die restrictie weg: culturele instellingen mogen vanaf 1 juli na reservering en gezondheidscheck zo veel bezoekers ontvangen als mogelijk is wanneer iedereen anderhalve meter afstand van elkaar houdt.

De versoepeling betekent vooral meer lucht voor de grote zalen. Zoals de Ziggo Dome in Amsterdam, waar normaal 17.000 mensen in passen. Daar staan, na een maand concerten voor slechts dertig personen, nu zeven shows gepland van onder meer Nielson, Maan en Typhoon. Er kunnen 2.500 bezoekers in de zaal, aangevuld met een betaalde livestream voor thuis.

„Er komt weer leven in de tent”, zegt commercieel directeur Danny Damman. „Het is fijn dat de mensen van geluid en licht, de servicecrew, beveiliging en het horecapersoneel weer aan het werk kunnen.” Aan de andere kant, zegt Damman, is hij nog lang niet blij. „Een concert is voor ons pas rendabel bij ongeveer tweederde van de capaciteit. Wat ons beste jaar ooit zou worden, is nu al ons slechtste jaar ooit. De schade kan pas in de aankomende jaren, bij het oude normaal, weer ingehaald worden. Wel zijn we nu volop aan het praten met zalen waarin normaal 2.000 toeschouwers passen. Alle voorstellingen moeten een maatje groter gaan spelen, het is denkbaar dat een concert in Carré uitwijkt naar de Ziggo Dome. Daar past nu ongeveer het aantal mensen dat normaal in Carré zou kunnen komen. Een matroesjka-model.”

Reorganisatie Poppodium 013

De kleinere popzalen hebben weinig aan de versoepeling zolang de anderhalvemeterregel van kracht blijft. Bij het Rotterdamse Rotown kunnen dan sowieso maar vijftien mensen een concert bijwonen. Op Facebook rekende directeur Minke Weeda voor dat de kosten pas gedekt zijn als die bezoekers meer dan honderd euro voor hun ticket zouden betalen.

„Als die regel van kracht blijft voor de rest van het jaar en Rotown zou alle geplande concerten door laten gaan met de normale ticketprijzen, zouden we aan het eind van het jaar failliet zijn.”

Beeld Ziggo Dome/Sightline

Poppodium 013 in Tilburg wacht daarom verdere besluiten niet af en heeft nu al een reorganisatie aangekondigd. Tien man uit het team van 43 worden per 1 oktober ontslagen bij de zaal, waar de deuren al de hele crisis gesloten zijn. „Iedereen voelt aan dat reorganisaties onvermijdelijk zijn”, zegt directeur Frens Frijns. „Nu reorganiseren betekent dat je eerder geld bespaart, dat je collega’s eerder duidelijkheid geeft waardoor ze langer de tijd hebben om een nieuwe baan te vinden en de onzekerheid in het hele bedrijf weggenomen is.”

Frijns denkt dat dit voorlopig genoeg is voor het podium dat in 2015 flink is verbouwd, tot in elk geval de zomer van 2021. „Een aantal maanden voor die tijd moet er dan wel duidelijkheid zijn over het loslaten van de anderhalve meter, of extra steun komen. Anders loopt ons voortbestaan gevaar.”

Tafeltjes, sfeer, beenruimte

Het Koninklijk Concertgebouw in Amsterdam kan met de versoepeling 350 mensen toelaten in de Grote Zaal, waar enkele rijen stoelen worden verwijderd en tafeltjes worden bijgezet. „Het wordt een soort hybride ‘1888-opstelling’”, zegt directeur Simon Reinink. „Ik denk wel dat het heel erg sfeervol zal zijn. En je zit met veel beenruimte, op zich een unieke Concertgebouw-experience.”

Het Muziekgebouw aan ’t IJ in Amsterdam kan van 100 naar 220 te verkopen kaartjes. „Nog geen dertig procent van de zaalcapaciteit”, legt zakelijk directeur Boudewijn Berentsen uit. „Het blijft een verliesmodel, want morrelen aan de gages van de musici willen we niet en je hebt met de coronaregels juist meer personeel nodig. Onze programmering voor dit najaar kan grotendeels doorgaan, en toch zal ons verlies eind 2020 al neerkomen op ongeveer een miljoen euro. Daar moet steun bij. En daar ligt ook mijn angst; dat de politiek denkt dat ‘de zalen nu weer open zijn’ en het allemaal wel meevalt – maar dat is niet zo.”

Dat zegt ook Janneke Staarink, directeur van De Doelen in Rotterdam. „In De Doelen kunnen nu 350 tot 500 bezoekers. Niet vergelijkbaar met 2.100, maar we zijn er blij mee. Financieel is het ingewikkeld, en blijft het spannend voor ons. Dit is geen verdienmodel voor grote producties. Veel grote programma’s voor komend najaar passen met anderhalve meter afstand ook niet op onze podia. We werken aan nieuwe verdienmodellen; zo bieden we komend seizoen ook ruimte aan instellingen die op hun eigen locatie met anderhalve meter niet uit de voeten kunnen. Voor een positievere blik op de toekomst richten we ons op seizoen ’21-’22.”