Onrechtmatig ontslag holt recht op vakantie niet uit

Economie en recht Deze rubriek belicht wekelijks kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week Europees recht: arbeidstijd en hypotheekrente.

Foto Emanuele Valeri/EPA

Alle werknemers in de Europese Unie hebben jaarlijks recht op minimaal vier weken vakantie met behoud van loon. In al zijn eenvoud wordt het beschouwd als een bijzonder belangrijk beginsel van sociaal recht van de EU. De lidstaten moeten zelf uitmaken hoe ze dit verder regelen, als ze maar niet tornen aan deze minimumperiode met bijbehorende vergoeding.

De praktijk is minder simpel. Dat ondervonden een Bulgaarse onderwijzeres en een Italiaanse bankemployé. Beiden werden ontslagen, vochten dat met succes aan bij hun nationale rechter en gingen daarop weer hun oude werk doen. Ze verzochten alle twee om vergoeding van de vakantie die ze niet hadden kunnen opnemen tussen hun onrechtmatige ontslag en het moment dat ze weer in dienst moesten worden genomen. Naar die vergoeding konden ze allebei fluiten, omdat ze in de tussenliggende periode volgens de Bulgaarse en Italiaanse regels „geen arbeidsprestatie” hadden geleverd die daarop recht gaf.

In processen die ze daarover voerden, werden hun zaken uiteindelijk voorgelegd aan het Hof van Justitie van de EU. Dat liet vorige week geen spaan heel van deze Bulgaarse en Italiaanse praktijk. Zonder hun onrechtmatige ontslag, redeneert het Hof, hadden de twee gewoon kunnen doorwerken en gebruik kunnen maken van hun recht op jaarlijkse vakantie met behoud van loon. Daarom moet, aldus het Hof, de tijd dat ze onterecht ontslagen waren worden gelijkgesteld met de periode van daadwerkelijke arbeid. Het recht op jaarlijkse vakantie met behoud van loon hoort daar volgens de Europese regels automatisch bij. De werkgever die een werknemer niet in de gelegenheid stelt dit recht uit te oefenen, moet daarvan de financiële gevolgen dragen. Zo kunnen de Bulgaarse en de Italiaan alsnog hun gemiste vakantiegeld tegemoetzien en moeten Bulgarije en Italië hun vakantiewetten herzien.