In ‘Bacurau’ kijken de dorpelingen terug op een lange geschiedenis van verzet tegen uitbuiting en discriminatie.

Foto Victor Juca

Interview

Juliano Dornelles: ‘Uit woede durf ik de film een duidelijke boodschap te geven’

Interview Juliano Dornelles In het bizarre ‘Bacurau’ strijden dorpsbewoners in Brazilië tegen sinistere criminelen. Regisseur Juliano Dornelles: „Ik zou depressief kunnen worden van Bolsonaro.”

Regisseur Juliano Dornelles is blij dat hij zich bezig kan houden met de promotie van zijn film Bacurau; een bizarre en gewelddadige pseudo-western met scifi-elementen die zich afspeelt in een arme uithoek in het noordoosten van Brazilië. Anders zou hij misschien depressief zijn geworden na het aantreden van de populistische president Bolsonaro, die de culturele sector in zijn land zwaar onder vuur neemt.

„Veel vrienden zijn momenteel echt aangeslagen. Ze zijn letterlijk ziek geworden van de situatie”, zegt Dornelles eind januari op het Rotterdams filmfestival. „Ik heb gelukkig de film om me af te leiden. Anders lag ik misschien ook depressief in bed. Bolsonaro staat voor alles wat afzichtelijk is in de wereld.”

Bacurau lijkt aan te sluiten bij de huidige sociale spanning in Brazilië. In de film die Dornelles regisseerde met Kleber Mendonça Filho, gaan arme dorpelingen de strijd aan met een schietgrage groep Amerikanen die hun gehucht van de kaart willen vegen. Dornelles: „De film speelt zich af in een regio van Brazilië die grote problemen heeft met de watervoorziening, gebrek aan voedsel en werkloosheid. Dit is het deel van Brazilië waar de overheid zelden naar omkijkt.

„Tegelijkertijd is dit een gebied met een lange geschiedenis, die teruggaat naar de tijd van de suikerrietplantages en slavernij. Dat verleden werkt nog door. Brazilië is nog steeds een heel racistisch land. De film is eigenlijk begonnen als een reactie op de manier waarop mensen van het platteland in de media meestal worden afgebeeld. Mensen uit het gebied worden in reclames en soaps altijd afgeschilderd als heel exotisch, kinderlijk en simpel, terwijl ze natuurlijk helemaal niet simpel zijn.”

Met Bacurau wilde Dornelles reflecteren op de geschiedenis van onrecht en onderdrukking in zijn land. „Daarom hebben we het dorp in de film een klein eigen museum gegeven. Dat hebben we niet zomaar verzonnen: op het platteland kom je vaak kleine musea tegen over de geschiedenis van een plaats of een streek. Kleber en ik stelden ons voor dat het dorp ooit is gesticht door slaven die zijn gevlucht van de kust naar het binnenland en daar hun eigen gemeenschap zijn begonnen. Maar dat wordt in de film niet zo duidelijk gezegd.”

In de film kijken de dorpelingen wel terug op een lange geschiedenis van verzet tegen uitbuiting en discriminatie. „Veel mensen lezen in de film een soort boodschap van verzet. Dat is natuurlijk fantastisch. Maar het zou aanmatigend zijn als ik Bacurau zelf een verzetsfilm zou noemen. We hebben niet meer willen doen dan een groep mensen zo eerlijk mogelijk in beeld brengen.”

Toch is Bacurau ook gemaakt uit boosheid. „Natuurlijk speelde woede een rol bij het maken van de film. We zijn onze hele planeet kapot aan het maken. Daar ben ik woedend over. Dankzij die woede heb je de durf om de film een duidelijke boodschap te geven. Woede geeft energie. Woede is brandstof. Dat is belangrijk.”

Lees hier de recensie van ‘Bacurau’

Tegelijkertijd kan Dornelles in de film zijn liefde voor Amerikaanse genrefilms uitleven. „De Verenigde Staten zijn zowel een prachtig land als een heel lelijk land. Dat geldt ook voor Brazilië. Dat geldt voor alle landen. Hoeveel Amerikaanse westerns zijn er niet gemaakt met de indianen als de schurken, die als een soort invasiemacht de blanken van het land proberen te jagen? In werkelijkheid was het natuurlijk andersom. Dat is echt verkeerd. In onze film zijn de rollen omgedraaid. Daar ben ik trots op.

„Toch heb ik ook een diepe liefde voor Amerikaanse films. Als we op een zeker moment vastzaten bij het schrijven van het scenario, keken we naar een western. We hebben Fort Apache gezien van John Ford. Daar hebben we echt veel aan gehad. Bij de montage kwamen we er tot onze eigen verrassing achter dat er elementen uit Bring Me the Head of Alfredo Garcia van Sam Peckinpah in een scène waren geslopen. We hebben nooit over die film gesproken. Zulke invloeden zitten heel diep. Dat werkt op een natuurlijke en vanzelfsprekende manier door.”