‘Europa kan spoorvervoer aantrekkelijker maken en zo korte vluchten verminderen’

Advies Om het spoor aantrekkelijker te maken, is geen dure nieuwe infrastructuur nodig. Dat schrijven verschillende Europese adviesraden aan de Europese Commissie.
De Eurostar van Londen naar Amsterdam. Archiefbeeld.
De Eurostar van Londen naar Amsterdam. Archiefbeeld. Foto Lex van Lieshout/ANP

Om internationale reizen met de trein aantrekkelijker en makkelijker te maken, is geen nieuwe en dure infrastructuur nodig. Er kan nog veel gewonnen worden met de bestaande spoornetwerken. Dat schrijft een aantal adviesraden op het gebied van duurzaamheid in Nederland, België, Luxemburg en Duitsland en de Europese organisatie EEAC in een brief aan de Europese Commissie.

In Nederland is de brief ondertekend door de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli). Om treinreizen te stimuleren, moet het volgens de Rli vooral efficiënter en comfortabeler worden dan het nu is. Spoorvervoerders en overheden zijn nu vooral bezig met hun eigen binnenlandse markt en hebben te weinig oog voor de internationale verbindingen. De Commissie zou kunnen helpen door spoorvervoer beter te coördineren en stimuleren.

Het is belangrijk dat treinreizigers weten welke treinen ze kunnen pakken en zo makkelijk mogelijk en met zo min mogelijk overstappen kunnen reizen. Er kan al veel gedaan worden met de bestaande infrastructuur, bijvoorbeeld door met meer nachttreinen te gaan rijden, zo staat in het rapport, maar ook de dienstverlening kan volgens de Rli beter. „Internationale treinreizigers hebben nog altijd te maken met gebrekkige reisinformatie, ingewikkelde boekingsprocedures, matig comfort, onbetrouwbare dienstregeling en een te klein aantal en te trage treinen.”

Vliegwiel

Volgens het rapport hikken landen en vervoerders bij het verbeteren van de spoorverbindingen vooral tegen technische problemen en tekortkomingen in de infrastructuur aan, maar hebben ze te weinig oog voor verbeteringen op kortere termijn die makkelijker te realiseren zijn. Zo zou betere reisinformatie en eenvoudigere kaartverkoop het aantal treinreizigers al doen toenemen. De grotere vraag zou vervolgens leiden tot een groter aanbod, betere voorzieningen en dienstverlening en meer zichtbaarheid bij de beleidsmakers. En dat zou zou weer helpen bij grotere en ingrijpendere verbeteringen aan de technisch complexere of bewerkelijkere verbeteringen aan het spoor.

Een van de aanbevelingen die de Rli doet, is dat de Europese Commissie ervoor zorgt dat er goede afspraken gemaakt worden voor goede spoorverbindingen tussen belangrijke Europese steden die met de trein in drie of vier uur bereikbaar zijn. Op die verbindingen, of corridors, zouden onder meer de verkeersleiding, inzet van materieel en de snelheid en voorzieningen voor het spoorvervoer tussen landen afgestemd moeten worden. Voor goederenvervoer bestaat er al zoiets, maar voor personenvervoer nog niet.

Ook bij de kaartverkoop en reisinformatievoorziening zou de Europese Commissie volgens de Rli een rol kunnen spelen. Er zou regelgeving moeten komen waarmee informatie op een goede manier beschikbaar wordt gesteld, zodat app-ontwikkelaars die kunnen gebruiken. Ook zouden er regels moeten komen voor boekingssystemen voor kaartjes, waardoor reizigers eerder en makkelijker een treinticket kunnen kopen, en zouden de rechten van reizigers beter moeten worden vastgelegd.

Volgens de Rli is dit een goed moment om iets te doen aan het internationale spoorvervoer in Europa. Verschillende branches in de transportsector kampen door het coronavirus met teruglopende inkomsten, bijvoorbeeld doordat er minder reizigers zijn, en zijn afhankelijk geworden van overheidssteun. Die steun zou gebruikt kunnen worden als „stimulans” om de branche te verduurzamen en efficiënter te maken en zo bij te dragen aan de doelstellingen zoals die zijn geformuleerd in de Green Deal van de Europese Commissie, aldus de raad.