Interviewmethode van krijgsmacht roept ethische vragen op

Krijgsmacht Nederlandse militairen interviewen al jaren burgers op missies. Ethische kaders voor deze aanpak ontbreken. Wat zijn de risico’s?

Nederlandse commando's van het Korps Commando Troepen in Mali in actie tijdens een patrouille richting Batal. Ze opereren vanuit kamp Castor nabij Gao.
Nederlandse commando's van het Korps Commando Troepen in Mali in actie tijdens een patrouille richting Batal. Ze opereren vanuit kamp Castor nabij Gao. Foto Evert-Jan Daniels, ANP

Vredesorganisatie PAX ondervraagt regelmatig burgers in conflictgebieden, over met name hun veiligheid. „We vragen dan bijvoorbeeld naar hoe zij de politie zien”, vertelt programmaleider Hans Rouw van Pax. Het vraagt om voorzichtigheid. De antwoorden worden digitaal opgeslagen zonder de naam, functie of zelfs maar de woonplaats van de geïnterviewde. De bron is zo niet meer te achterhalen. „Stel dat in een dorp veel mensen klagen over de politie en die informatie uitlekt, dan zou de politie wel eens op het idee kunnen komen verhaal te gaan halen in dat dorp. Daarom passen wij de gps-locatie zo aan, dat alleen nog de regio is te achterhalen.”

De Nederlandse krijgsmacht blijkt evengoed al jaren burgers op missies te interviewen, om hun gedrag te begrijpen en mogelijk te beïnvloeden, schreef NRC dit weekend. Dat doen ze met de marketingmethode BDM, waarmee de militairen effectiever willen opereren, met als resultaat minder geweld en burgerslachtoffers. Maar scherpe richtlijnen en ethische en juridische kaders voor het gebruik van de methode ontbreken nog, zo erkent defensie. Landmachtbaas Martin Wijnen zei hierover een politieke discussie te willen. Kamerleden zeggen vragen te stellen, een enkeling wil een debat.

PAX noemt het positief dat militairen zich verdiepen in de lokale cultuur en zoeken naar geweldloze oplossingen, maar vindt een discussie over de randvoorwaarden hard nodig. „Wat doet defensie om te zorgen dat de lokale bevolking geen schade wordt berokkend met de toepassing van de methode?”, zegt Rouw. „Wat zijn bijvoorbeeld de waarborgen tegen datalekken? In Zuid-Soedan zijn satellietbeelden van platgebrande dorpen in handen gevallen van milities, die deze beelden gebruikten om de gespaarde dorpen alsnog plat te branden.”

Medewerking is risicovol

Rouw benadrukt dat het voor burgers riskant is om mee te werken met buitenlandse militairen, omdat hun medeburgers hen vaak zullen zien als collaborateurs. „Dat weten we bijvoorbeeld van lokale tolken die werken voor interventiemachten en daarbij ongelooflijke risico’s lopenZo ken ik een Koerdische tolk die niet terug kan naar Mosul, maar die ook geen asiel kan aanvragen in het land waarvoor hij heeft gewerkt”, vertelt Vincent Vrijhoef, ook programmaleider bij PAX. “Die nazorg is niet altijd goed geregeld.”

Lees ook dit onderzoeksverhaal van NRC: Moderne oorlogsvoering richt zich op beïnvloeding van de bevolking

Nederlandse militairen interviewden in de zomer van 2017 zeventig mensen in een vluchtelingenkamp bij Mosul, de stad die toen nog in handen was van IS. „Vluchtelingen zijn een kwetsbare groep” die niet zo makkelijk nee zeggen, zegt Vrijhoef. PAX hanteert daarom bij dit soort onderzoeken een dubbele toestemming: voor het gesprek en na afloop, zodat mensen bij twijfel hun verklaringen kunnen intrekken. Uit de interviews kwam onder meer naar voren dat jongens van 18 tot 20 jaar nog altijd de door IS bezette gebieden op een brommer in- en uitreden en bereid waren de coalitietroepen van informatie te voorzien. Vrijhoef: „Die jongens hebben ongelooflijk veel risico’s gelopen, misschien meer dan de militairen denken.”

De PAX-onderzoekers vinden daarom dat de krijgsmacht meer dan nu openlijk zou moeten discussiëren over BDM. De methode kwam eind 2019 aan de orde bij een bijeenkomst van PAX met vertegenwoordigers van defensie, herinnert Rouw zich: „Toen wij kwamen te spreken over de toepassing ervan in Burkina Faso stelden wij vragen als: ‘Hoe werkt het? Wat is het doel?’ Daar wilde niemand wat over vertellen. Dat is raar, omdat je een middel en een doel altijd tegen elkaar moet afwegen. Dat moet in openbaarheid gebeuren.”

Aan de Britse ex-militair Ade Rudd, die een aantal malen Nederlandse militairen les gaf in beïnvloedingsoperaties, is dit soort debatten niet besteed. „Voor mij is er geen ethisch dilemma”, zegt Rudd op de vraag of je zonder meer altijd mensen kunt interviewen. „Mensen kunnen altijd weigeren je vragen te beantwoorden, maar ik heb alle recht om alle technieken van de wereld te gebruiken om jou die vraag te laten beantwoorden.” Rudd zat 24 jaar in het Britse leger, dat de afgelopen decennia heel veel beïnvloedingsoperaties heeft gedaan in landen als Irak en Afghanistan. De Nederlandse militairen die met de BDM-methode bekend zijn en die NRC sprak, noemen ethische afwegingen overigens wel belangrijk.

Stenen gooien

Britse militairen hadden in Irak veel last van kinderen die stenen gooiden naar de patrouilles, vertelt Rudd. „Deden de kinderen dat omdat ze ons haatten? Nee, ontdekten wij door hun en hun ouders vragen te stellen: ze verveelden zich gewoon”, vertelt Rudd. „Dus gingen we naar de dorpjes, met in de achterbak volley- en voetballen. We speelden een half uur met de kinderen en na afloop gaven we hun de bal. Ze stopten met stenen gooien.” Effectiever en plezieriger, zegt Rudd, dan tegen de ouders zeggen: ‘Roep je kinderen tot de orde, want anders…’

In Canada zijn militairen eveneens getraind in de BDM-methode, en ook in België loopt een vergelijkbaar programma waarmee militairen de wereld meer proberen te bezien door de ogen van de lokale bevolking. Bij een bijeenkomst in november 2018 bij het 1 Civiel en Militair Interactie Commando in Apeldoorn kwamen Canadezen en Belgen kijken hoe Nederland dit aanpakte. Ondanks een tekort aan whiteboards en computers met internetverbinding, was de sfeer „ontspannen” en ervaarden de deelnemers de bijeenkomst als nuttig, staat in een evaluatie.

Toch hebben operaties als deze in het verleden ook al eens ethische vragen opgeroepen, bijvoorbeeld in de VS. Daar waren het niet de militairen zelf die de bevolking probeerden te doorgronden, maar nam het leger cultureel antropologen mee, naar onder meer Afghanistan. Dat was van meet af aan omstreden. Critici meenden dat gebruikelijke standaarden voor academici, zoals toestemming door de ondervraagden, in een oorlog zouden eroderen. De voorzitter van de vereniging van antropologen zei tegen het online medium Inside Higher Ed dat het „op geen enkele manier mogelijk was om informatie te vergaren onder de voorwaarden van een volledige toestemming die niet is afgedwongen”. Het programma werd in 2014 stilletjes stopgezet.

Luister ook naar de podcast NRC Vandaag: