Reportage

Eén op één met een violist, pianist of hoboïst

Klassiek Het Noord Nederlands Orkest presenteert deze maand concerten waarbij één musicus voor één toeschouwer speelt. Er wordt niet gesproken en niet geapplaudisseerd, maar er ontstaat wel iets bijzonders.

Musici van het Noord Nederlands Orkest spelen voor één iemand tegelijk. Foto Mariska de Groot
Musici van het Noord Nederlands Orkest spelen voor één iemand tegelijk. Foto Mariska de Groot

Toen afgelopen maart bleek dat voorlopig alle toekomstige concerten van het Noord Nederlands Orkest (NNO) afgelast moesten worden, richtte het orkest een denktank op. Diverse musici uit het orkest gingen samen met onder anderen artistiek leider Marcel Mandos en coördinator artistieke zaken Petra Kleuver nadenken over welke rol het orkest zou kunnen vervullen. Kleuver vertelt telefonisch dat de denktank een grote behoefte aan verbinding constateerde bij het publiek, maar ook bij de musici. Meerdere leden van het orkest spraken de wens uit om weer „analoog te musiceren”, aldus Kleuver.

Inmiddels mogen er weer concerten georganiseerd worden met een publiek van maximaal dertig personen, maar het kan ook voor minder. Geïnspireerd door de één op één klassieke concerten die in Stuttgart werden gehouden en de performance The Artist Is Present van kunstenaar Marina Abramovicć kwam Kleuver met het idee om intieme privé-concerten te gaan organiseren. Zo ontstond Solo voor twee, een reeks van 160 concerten van tien minuten, uitgevoerd door individuele leden van het orkest, op diverse locaties in Groningen. Tweeëntwintig van de vijfenzeventig leden van het orkest gaven zich hiervoor op. Behalve harp en slagwerk zijn alle instrumenten vertegenwoordigd.

Celia Hernandez Doval is een van de deelnemende musici. Op een regenachtige middag zit de altvioliste in de Lutherse kerk tegenover een lege stoel te wachten op haar eenkoppige publiek. Zodra de stoel is ingenomen, neemt ze eerst bijna een minuut de tijd om de toeschouwer gade te slaan. De vergelijking met de performance van Marina Abramovic blijkt terecht: eenzelfde mix van intimiteit, zenuwen en verwachting. Zodra Doval opstaat en de eerste strijkbeweging maakt, is de vierde wand, de afstand tussen artiest en publiek, weer intact.

Gezichtsuitdrukking

Een zinderende altviool neemt tien minuten lang bezit van de kerk. De kracht van het individuele instrument is enorm. Normaal gesproken zitten de orkestleden tientallen meters van hun toeschouwers vandaan. Nu is er veel meer ruimte voor het theater van de muziek en de bijbehorende gezichtsuitdrukkingen.

Bijna dagelijks zijn er optredens in een boekhandel, supermarkt, kunstenaarsatelier, kapsalon of kerk

De keuze om niet in de Oosterpoort, de thuishaven van het orkest, te spelen komt voort uit de behoefte van het orkest om naar het publiek toe te treden. Er is gekozen voor diverse locaties in het hart van de stad. Zo zijn er bijna dagelijks optredens in een boekhandel, supermarkt, kunstenaarsatelier, kapsalon, kerk en in het huis van de artistiek leider. Wat de musicus gaat spelen is niet vantevoren bekend en wordt soms ter plekke bedacht. Kleuver vertelt dat de orkestleden enthousiast zijn over de optredens; nu kunnen ze de reactie van de toeschouwer direct in diens ogen zien. Dit vraagt wel wat van de toeschouwer: zonder toegestaan applaus moet alle dankbaarheid aan het slot in een enkel betekenisvol knikje gevat worden.