Reportage

Arjen Robben kan weer ‘op het fietsje’ naar FC Groningen

Eredivisie De voorgenomen rentree van Arjen Robben (36) bij FC Groningen is voor de club een financiële opsteker. „Misschien speel ik nul duels. Misschien meer. Maar vast niet alle 34.”

Arjen Robben is terug bij FC Groningen, „voor een poging tot een comeback”.
Arjen Robben is terug bij FC Groningen, „voor een poging tot een comeback”.

Arjen Robben is thuis. Nog geen vijftien kilometer van zijn ouderlijk huis in Bedum is hij terug op de plek waar zijn voetbalcarrière twintig jaar geleden een kickstart kreeg, toen hij al dribbelend de voetbalwereld voor zich won. Van FC Groningen ging hij naar PSV, naar Chelsea, naar Real Madrid en ten slotte Bayern München, nu keert hij terug als een baken van hoop in de door de coronacrisis geteisterde eredivisie.

Want het is een pr-stunt van jewelste dat een van de beste Nederlandse voetballers aller tijden weer gaat spelen in het groen-wit van de club uit zijn jeugd. Vooral voor FC Groningen. De rentree van de 36-jarige Robben is voor de club een financiële opsteker. Na de bekendmaking van het nieuws zaterdagmiddag kwamen er 1.600 aanvragen voor een seizoenkaart binnen. Vijf bedrijven meldden zich voor een skybox. Het was alsof iemand het licht weer aandeed bij FC Groningen, na de reorganisatie waarbij elf medewerkers hun baan verloren en er een miljoen euro op salarissen werd bezuinigd.

Lees ook: Maak van voetbal weer een publieke zaak

Technisch directeur Mark-Jan Fledderus sprak over een ongekende dag voor FC Groningen. „We zitten in een heel zware periode, net als alle andere clubs. Dan is dit heel mooi nieuws. Het laat ons weer eens juichen. We hebben onze schouders eronder gezet. En we gaven niet op.”

Magnetische werking

Nadat Robben in mei 2019 met voetballen was gestopt, als gevierd routinier bij Bayern München, wist de directie van de club dat ze de 96-voudig international binnen moest hengelen. In welke rol deed er niet toe. Als-ie maar terugkwam. Want Robben heeft een magnetische werking, weten ze in Groningen. Op fans. Op sponsoren. Op de pers. Met hem in huis zouden er nieuwe deuren opengaan, zo luidde het stokpaardje van voormalig algemeen directeur Hans Nijland.

Toen de nieuwe directie hem vorig jaar in München bezocht, zei Robben nog nee. Hij wilde rust, tijd voor zijn vrouw en kinderen. Maar na een verrassingsbezoek dit jaar op Hemelvaartsdag – in overleg met Robbens echtgenote Bernadien – waarbij er sushi werd gegeten („de beste van München”), stond Robben al meer open voor een terugkeer. Hij zou deze zomer immers ook zijn nieuw gebouwde huis in Groningen betrekken.

„De coronacrisis speelde een grote rol”, zegt Robben zondagmiddag. „Dan ga je nadenken. Wat kan ik voor de club gaan doen? Ik heb geen brandende ambitie om trainer of directeur te worden, en voelde me nog ontzettend fit. Een jaar geen voetbal heeft me fysiek goed gedaan. En als ik wat kan betekenen voor de club, dan is dat toch op het veld.”

Lees ook: In Beieren mochten ze Arjen Robben aanvankelijk niet

Tegelijk tempert hij ook de verwachtingen. „Het is geen comeback. Het is een poging tot een comeback.” Want Robben kent zijn lijf. En dat heeft sinds zijn debuut op zijn zestiende – uit bij RKC stoof hij over het veld – lang niet altijd meegewerkt. Geplaagd door tegenslag en blessures werd hij ‘de man van glas’. „Aan mijn inzet en motivatie zal het niet liggen. Maar ik heb een jaar niet gevoetbald. Ik wil teleurstellingen voorkomen bij fans en sponsoren. Misschien speel ik nul duels. Misschien meer. Vast niet alle 34. Dat heb ik nog nooit gehaald.”

Onderlinge wrevel

In de herfst van 2018 was er nog enige wrevel tussen Robben en FC Groningen. Aanleiding was de opening van het multifunctionele Topsportzorgcentrum op het trainingscomplex van de club. Afspraak was dat het gebouw naar Robben zou worden vernoemd. Hij had zijn zegen gegeven, was zelfs al in de stad voor de opening. Tot hij erachter kwam dat FC Groningen ook een commerciële naam aan het centrum wilde verbinden.

De club dacht een dubbelslag te slaan: een eerbetoon aan een kind van de club én een financiële bonus. Dit viel volkomen verkeerd bij de familie Robben, vooral omdat zij er niet in was gekend. Op het allerlaatste moment bleek bemiddelen zinloos, het feest ging niet door.

Hoewel het Topsportzorgcentrum zijn naam nu niet ineens alsnog zal gaan dragen, is de onmin allang bijgelegd. In Groningen ging het zondag alleen over voetbal. Over liefhebberij. Over een teruggekeerde grootheid die niet uitsluit dat hij „op het fietsje” naar de training zal gaan. „Als het niet lukt, zijn er altijd mensen die zullen zeggen dat ik dit nooit had moeten doen. Maar ik heb niks te verliezen. Mijn carrière is af. En wie houdt mij dan tegen hieraan te beginnen? Ja, er is een groot niveauverschil [met Bayern], maar ik ben een positief mens.”

Glunderend zaten zijn ouders op de eerste rij bij de persconferentie. Heeft vader Hans zijn zoon aangemoedigd om weer bij FC Groningen te gaan spelen? Robben senior schudt zijn hoofd. Hij is juist een van de weinigen die dat níét hebben gedaan. Hij had zijn zoon weer terug, het afgelopen jaar. Soms spraken ze rustig twee uur lang via Facetime met elkaar en met de kleinkinderen. Voor dat soort dingen was er weer tijd. Want als Arjen Robben voetbalt, is hij ook alleen maar bezig met voetbal.