De VRT heeft ‘m al: een uitstekende reconstructie van de virusuitbraak

Zap ‘In de greep van het virus’ is een indrukwekkende reconstructie van de eerste virusmaanden in België. Wat opvalt: de afwezigheid van paniek over de IC-capaciteit.

Minister Maggie De Block (rechts) wordt geïnterviewd in 'In de greep van het virus'.
Minister Maggie De Block (rechts) wordt geïnterviewd in 'In de greep van het virus'. Beeld VRT

Terwijl bij Beau de laatste onverruimden (horeca, evenementen, clubscene) hun wanhoopsliederen aanhieven, deed de VRT donderdagavond een stap achteruit. De Vlaamse omroep zond In de greep van het virus uit, een uitstekende reconstructie van de eerste virusgeladen maanden van 2020 aan de hand van archiefbeelden en gesprekken met politici en medici. Geen bijster origineel idee, maar juist daarom dacht ik al snel: waarom hebben wij dit hier niet?

De uitzending was een trip down memory lane, maar dan naar een die parallel liep aan de Nederlandse. Want hoewel de afgelopen maanden veel hetzelfde was in België en Nederland, was er ook van alles anders. Zeer vertrouwd was de parade aan achteraf tragische bestuurlijke miskleunen, bedoeld om het volk gerust te stellen. „De paniek is gevaarlijker dan het virus”, zei minister Maggie De Block in februari. Tijdens een persconferentie grapte ze over de besmettelijkheid van microfoons waarmee ze zat te hannesen. Een van de virologen, nu: „We hadden geen idee.”

Het handenschudfiasco van Mark Rutte in maart haalde het overzicht en ook het hamstergebaar van Nederlands Gebarentolk des Vaderlands Irma Sluis blijkt deel uit te maken van de Vlaamse coronacanon. Overigens was het dezelfde minister De Block die een paar dagen later de zin uitsprak die nog weken door het Vlaanderenland zou rollen: „Blijf in uw kot. Ik méén het.”

Het leidde tot een lockdown die strenger was dan de Nederlandse, maar vergelijkbare verhalen opleverde. Het ging lang over mondkapjes. Een infectioloog wilde ze in januari hebben, „maar dat werd van tafel geveegd”. Er volgden paniekaankopen van inferieure kapjes. „Je hebt Chiquita’s en je hebt bananen”, sneerde een kenner – een type smaakonderscheid dat je een Hollander niet snel zult horen maken.

Er zat veel verdriet in In de greep van het virus, met als indrukwekkendste moment de stiltes van verslagenheid bij de aankondiging van het overlijden van een twaalfjarig meisje. Ook de Belgen onderschatten de problemen in hun verpleeghuizen. In de kernachtige analyse van een oudere vrouw: „Hopelijk is het rap gedaan, want wij gaan eraan.”

Maar de Vlamingen maakten zich gewoon vrolijk over de krankzinnige powerpointpresentatie waarmee premier Wilmès de eerste versoepelingen aankondigde – met onderscheid in Fase 0, Fase 1A, Fase 1B („die dus nog tot Fase 1 behoort”), Fase 2 en Fase 3. En toen moest de verwarring over de „persoonlijke bubbel” van vier of tien mensen nog komen.

Bij alles wat hetzelfde was, zijn er ook verschillen tussen de Nederlandse en Vlaamse coronaverhalen. Het grootste daarvan is de afwezigheid van paniek over de IC-capaciteit. Daarna valt op hoe gering de aandacht in dit overzicht was voor de economische schade die de maatregelen aanrichtten, terwijl in België de economie veel straffer aan banden werd gelegd dan in Nederland.

Ook nemen Vlaamse virologen wat makkelijker afstand van het beleid dat in naam van hun adviezen wordt gevoerd. Vlaanderens beroemdste viroloog Steven Van Gucht zei dat hij liever twee weken had gewacht met de verruiming van de vrijheden der Belgen. Zijn collega Marc Van Ranst - aanvankelijk mondkapjesscepticus - zei dat de experts door de politiek zijn gebruikt, „ook een beetje als schaamlapje”.

Hopelijk wordt er in Hilversum al aan een vergelijkbare reconstructie gewerkt, nu we even in de luwte verkeren. Want dit zei viroloog Van Gucht ook: „Ik verwacht een rustige zomer, maar het wordt alle hens aan dek in de herfst en de winter.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.