Opinie

Smeerkaas

Marcel van Roosmalen

Hans Dorrestijn zei zaterdagnacht in een marathoninterview met Gijs Groenteman dat er lange tijd weinig voor nodig was om hem en dus zijn leven te ontwrichten. „Een buurman die niet groet.” Herkenning.

In mijn hoofd wapperen de spoken soms dagen met witte lakens. Wat me tegenwoordig helpt bij het verjagen is het nieuws. Sinds corona overvalt me steeds vaker het geruststellende idee dat ik normaler ben dan ik altijd heb gedacht.

Woensdag was de laatste persconferentie van de minister-president en zijn Hugo van het CDA. Versoepeling op versoepeling: we mogen vanaf 1 juli zelfs weer naar het voetballen, maar wel op anderhalve meter van elkaar en niet juichen, zingen en schreeuwen.

„Neem een toeter mee.”

Dat zeggen dan dezelfde mensen die mijn moeder hebben gebroken door haar maanden af te zonderen van de buitenwereld. Dit was toch de overtreffende trap van wereldvreemdheid, bijna net zo raar als de ad-hocbeslissing om het zorgpersoneel opeens toch een bonus te geven om die aan de achterkant meteen weer van ze af te pakken door ze te korten op hun toeslagen?

Wat willen deze mensen van mij? Een duim omhoog? Het is een boterham met smeerkaas, die ons wordt verkocht als een snee met hagelslag. We krijgen smeerkaas, smeerkaas en nog eens smeerkaas, heel af en toe een sneetje met zoet om van te smullen, zoals die ruzie tussen de drie bij Veronica Inside, maar daarna gewoon weer die plakken met smeerkaas.

In de Volkskrant stond een profiel van Willem Engel, dansschoolhouder te Rotterdam. Willem is het gezicht van actiegroep #Viruswaanzin die zondag met tumult de buitenwereld betrad. Hij vindt dat hij boude beweringen kan doen, zonder keihard gecontroleerd bewijs te leveren omdat hij het als zijn missie in het leven ziet om „iedereen te helpen autonome denkers te worden”.

Ik keek die foto – witte man, dreadlocks, stevig postuur – en zag in het beste geval Man bijt hond. Vroeger was hij afgedaan als iets dat pas een probleem is als er mensen achteraan gaan lopen, maar die dag was dus vorige week.

Ik kreeg al bijna zin in een interview met Edgar Davids waarin hij alles zou duiden, maar helaas komt die om totaal onduidelijke redenen alleen maar aan bod als het om racisme of voetbal gaat.

De wereld wordt steeds gekker, ik knap op.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.