Opinie

Rechtszaal als talkshow

Christiaan Weijts

‘Kan dit weg?” De livestream loopt al, als de mannen van Viruswaanzin de rechtszaal betreden. Plexiglas tussen hun zitplaatsen? „Het lijkt wel een gevangenis”, foetert jurist Jeroen Pols. Willem Engel, de Rotterdamse dansleraar met zijn lange dreadlocks, het gezicht van deze protestbeweging, richt zich tot de bode: „Ik wil hier ófficieel bezwaar tegen maken.”

Het is tekenend voor de opstelling in de twee uur die volgen. Het duo en hun advocaat willen met dit kort geding tegen de staat dat alle coronamaatregelen van tafel gaan. Pols heeft geen pleitnota maar improviseert liever rond wat ‘steekwoorden’. Onze grondrechten worden ingeperkt, op grond van wetenschappelijke aannames waar geen enkel bewijs voor is, terwijl Covid-19 maar een griepje is. Het is allemaal „onvoorstelbaar”, „we zijn ons land aan het vernietigen”.

Voor de landsadvocaat lijkt het geen al te lastige verdediging. Welke specifieke grondrechten worden nu precies door welke specifieke maatregelen geschonden? De verwijten hebben „niet de juiste precisie voor een juridisch debat”. In kalme, feitelijke zinnen maakt zij helder dat de wetenschappelijke bronnen van het RIVM wel degelijk openbaar zijn, dat het kabinet wel degelijk bevoegd is tot het nemen van de maatregelen en dat het democratische proces wel degelijk plaatsvindt.

Verongelijkt geklaag bij de tegenpartij natuurlijk. Pas na een tijdje begrijp ik het. Het gaat ze helemaal niet om het overtuigen van de rechter. Als Engel drammerige opmerkingen maakt als: „Kunt u dit on the record herhalen?” dan zijn die bestemd voor zijn eigen aanhang. Voor de livestreamkijkers, voor de Facebookfilmpjes die ze straks bij elkaar plakken, voor de tientallen supporters buiten die bloemen leggen en hem straks als popster toejuichen.

Hij had zelfs een wetenschapper opgetrommeld om te verklaren dat de anderhalvemeterregel leidt tot schade „op cellulair niveau”, „vergelijkbaar met marteling en waterboarding”. Allemaal wetenschappelijk onderbouwd, in tegenstelling tot het kabinetsbeleid.

Je hoopt dat camera’s in de rechtszaal bijdragen aan inzicht in het juridische proces, dat ze laten zien hoe zorgvuldig dit gevoerd wordt, dat het hier om details gaat en om feiten, dat je hier niet wegkomt met branie en wilde stellingen. (Engel: „Dit is geen stelling, dit is een algemeen goed!”)

Maar je weet ook dat het omgekeerd uitpakt. Precisie is verdacht geneuzel, de grote bek krijgt het applaus. In de politiek weten we al niet beter. De camera maakt het figuren als Engel gemakkelijk om de rechtbank te misbruiken als talkshowtafel. Natuurlijk kwam er een wrakingsverzoek. Extra zendtijd. We kennen het uit het Wilders-proces, het eerste grote proces met camera’s.

Dat plexiglas is hinderlijk, maar voor de rechtsstaat is het te hopen dat vooral één coronamaatregel een tijdelijke is: die livestream.

Christiaan Weijts schrijft op deze plek iedere vrijdag een column.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.