Necrologie

Miljardair met hart voor zijn Rotterdam

Cees de Bruin (1946-2020) | Investeerder Cees de Bruin vond dat investeerders lokale betrokkenheid moesten tonen. Hij stapte in scheepswerf IHC – dat liep niet goed af.

Cees de Bruin, hier in 2010, had een enorm netwerk van invloedrijke mensen.
Cees de Bruin, hier in 2010, had een enorm netwerk van invloedrijke mensen. Foto Michel de Groot/HH

Zijn eerste vijandige overname deed Cees de Bruin als student economie. De NV Maatschappij tot Exploitatie van de Westplaat Buitengronden, een landbouwbedrijf, kon veel beter presteren, meende De Bruin, die toen nog geen 25 was. „Mijn oog viel erop toen ik de koersenpagina’s in de krant las”, vertelde hij in 2016 aan Het Financieele Dagblad.

Het was het begin van een lange investeringscarrière, waarmee De Bruin (1946) uiteindelijk een van de rijkste mannen van Nederland zou worden. Vrijdag werd bekend dat hij is overleden. De zakenman kampte al met gezondheidsproblemen, waarover geen details bekend zijn gemaakt.

De Bruin, opgegroeid in een ambtenarengezin, begint zijn carrière na een studie accountancy bij scheepsbouwer IHC. Hij maakt er in de jaren zeventig indruk door orde op zaken te stellen in een nogal achterstallige boekhouding. Na een overstap naar offshorebedrijf Heerema begint hij te experimenteren met grotere participaties in bedrijven.

De Bruin, zo blijkt in de decennia daarna, heeft er een talent voor. Hij investeert wereldwijd in talloze projecten, van de grootste goudmijn van Australië tot biotechbedrijven en kauwgumfabrieken. Als een van de eerste Nederlanders koopt hij bedrijven met geleend geld, een strategie die private equity later veelvuldig zal toepassen. Met investeringsmaatschappij Indofin bouwde hij volgens zakenblad Quote een geschat vermogen van rond de 1,2 miljard euro.

George W. Bush

Zijn activiteiten leveren De Bruin een gigantisch netwerk op. De verslaggevers van het FD die hem in 2016 interviewen zijn verbaasd dat De Bruin oud-president van de Verenigde Staten George W. Bush blijkt te kennen uit de tijd dat ze allebei in de olie-industrie investeerden. Via een belang in het restaurant in de Eiffeltoren dwingt De Bruin in 2004 bovendien zijn aanwezigheid af bij een diner met de Franse president Jacques Chirac en de Chinese leider Hu Jintao.

Van zijn geld koopt De Bruin al vanaf jonge leeftijd graag moderne en hedendaagse kunst. Hij bezit onder meer werken van internationaal bekende kunstenaars als Luc Tuymans, Willem de Kooning, Gerhard Richter en Georg Baselitz. Regelmatig leent hij ook kunst uit aan musea.

In oktober 2012 treedt De Bruin zelfs toe tot de raad van toezicht van het Stedelijk Museum Amsterdam. Hij is medeverantwoordelijk voor de benoeming van Beatrix Ruf tot artistiek directeur. Als Ruf al snel weer opstapt na in opspraak te zijn geraakt, behoort De Bruin tot de toezichthouders die ijveren voor haar terugkeer.

Dat plan leidt binnen het museum tot verzet. Vlak voordat de verantwoordelijk wethouder de toezichthouders dwingt om te vertrekken, legt De Bruin om gezondheidsredenen zijn functie neer. Een gemeentelijke onderzoekscommissie constateert later dat de toezichthouders ten tijde van Beatrix Ruf veel fouten maakten.

Toen scheepsbouwer IHC werd gered, kreeg hij 1 euro voor zijn aandelen

Hoewel De Bruin zijn hele leven mediaschuw is, treedt hij de laatste jaren vaker in de openbaarheid. Hij wordt voorzitter van Rotterdam Partners, een organisatie die Rotterdam in het buitenland moet promoten. En hij wordt voorvechter van een nieuw Feyenoord-stadion: Feyenoord City.

Dit soort lokale betrokkenheid verwacht De Bruin eigenlijk van meer Rotterdamse ondernemers, maakt hij in 2012 in een lezing duidelijk. Nu steeds meer bedrijven in buitenlandse handen zijn, is het zaak te blijven letten op de lokale gemeenschap. Een jaar later voegt hij de daad bij het woord: De Bruin neemt een meerderheidsbelang in de voor de regio belangrijke scheepsbouwer IHC. Hij is terug bij zijn eerste werkgever.

Lees ook: Waarom ‘hoge baggerheren’ scheepsbouwer IHC redden

„We zijn een aandeelhouder op fietsafstand”, zegt dochter Belle de Bruin, die dan al de dagelijkse leiding heeft over investeringsmaatschappij Indofin. Met het belang in IHC loopt het niet goed af: de werf vertilt zich aan te ingewikkelde opdrachten en moet eind april 2020 gered worden door een consortium van baggerbedrijven, banken en de staat. De Bruin heeft dankzij hoge dividenden geprofiteerd van de goede jaren van IHC, maar krijgt als de werf bijna bankroet gaat nog maar 1 euro voor zijn aandelen.

Met medewerking van Arjen Ribbens.