Ineens knielt iedereen in de Amerikaanse sportwereld, in dit wonderlijke jaar

Sport in de VS De antiracistische demonstraties in de Verenigde Staten hebben een grote impact op de Amerikaanse sportwereld. De roep om de inclusiviteit te vergroten, klinkt steeds luider. Ook in takken van sport die bekendstaan als witter dan wit.

De zwarte NASCAR-coureur Bubba Wallace neemt een selfie met de concurrentie die zich solidair met hem toont op de Talladega Superspeedway, op 22 juni.
De zwarte NASCAR-coureur Bubba Wallace neemt een selfie met de concurrentie die zich solidair met hem toont op de Talladega Superspeedway, op 22 juni. Foto Chris Graythen/AFP

Een nieuw contract voor de ruim drie jaar werkloze American-footballspeler Colin Kaepernick. Mogelijk een nieuwe naam voor de Washington Redskins, maar op zijn minst de verwijdering van een oud standbeeld van hun oprichter. Een directeur gelijkheid bij basketbalteam Los Angeles Lakers. Een diversiteitsraad voor het ijshockey. Een vlagverbod bij racewedstrijden van NASCAR.

Het zijn spannende tijden in de Amerikaanse sportwereld. Niet dat het publiek kan genieten van doelpunten, wedstrijden of kampioenschappen, want de Covid-19-epidemie heeft vrijwel alle sportcompetities in de Verenigde Staten stilgelegd. Maar de antiracistische demonstraties die meer dan een maand in het hele land woeden, lijken op de sportwereld haast een grotere impact te hebben dan op welk ander deel van de maatschappij.

Het is nog maar een maand geleden dat in Minneapolis zwarte arrestant George Floyd stierf onder de knie van een witte politieman. Het is alsof sindsdien lang slepende discussies onder en tussen sporters en hun teams een versnelling doormaken. Juist de sportwereld, die zo graag afstand houdt van heikele maatschappelijke discussies en gebeurtenissen – met als dieptepunt ‘The Games must go on’ tijdens de bloedige gijzeling van Israëlische sporters bij de Olympische Spelen van München in 1972 – is nu, in elk geval in de VS, geheel in de ban van de discussie over racisme en ongelijkheid. Elke week, elke dag komen er berichten over besluiten en maatregelen om de inclusiviteit in de sportwereld te vergroten.

Lees ook: Hoe topvoetballer Rashford de harde lijn van premier Johnson omboog

Colin Kaepernick is een sprekend voorbeeld. De quarterback van San Francisco 49ers besloot in 2016 niet te blijven staan, maar te knielen tijdens het Amerikaanse volkslied. Zijn motief: „Ik ga niet staan en doen alsof ik trots ben op een vlag voor een land dat zwarte mensen en mensen van kleur onderdrukt.”

Zijn actie leidde tot navolging van andere sporters, in verschillende takken van sport, maar ook tot kritiek van president Trump. Hij spoorde eigenaren van sportclubs aan de knielende sporters te ontslaan.

Oorzakelijk verband of niet: sinds 2017 heeft Kaepernick geen contract meer kunnen tekenen met een club. Via rechtszaken heeft de quarterback geprobeerd zijn terugkeer af te dwingen en te bewijzen dat zijn werkloosheid voortkwam uit een samenzwering van clubs en de bond NFL. Het bracht geen verandering.

Tot dit wonderlijk stille seizoen. Tot de dood van George Floyd. Ineens gaf voorzitter Roger Goodell van de NFL een interview op sportzender ESPN, waarin hij zei dat hij de stem van Kaepernick in sociale discussies belangrijk vindt, en dat hij de club die besluit de speler te contracteren zou „verwelkomen, steunen, aanmoedigen”.

Draai en sneer van Trump

President Trump maakte begin deze maand een draai toen hij zei dat hij Kaepernick best wel weer zou willen zien spelen in de NFL, maar voor Goodells begrip voor de protesten had hij geen goed woord over. Het leverde Goodell afgelopen zaterdag een sneer van Trump op, die tijdens een verkiezingsbijeenkomst in Oklahoma zei: „Ik ben dol op de NFL, ik ben dol op Roger Goodell, maar niet op wat hij vorige week zei.” Trump „snapte niet waar dit ineens vandaan kwam midden in de zomer”, en hij zei voor de zoveelste keer: „Wij zullen nooit knielen voor ons volkslied of knielen voor onze prachtige Amerikaanse vlag. Wij zullen fier overeind staan.”

De president lijkt hier de aansluiting bij een Amerikaanse revolutie te hebben gemist. Peiling na peiling laat zien dat de opvatting van Amerikanen over structurele ongelijkheid in hun land razendsnel ingrijpend is veranderd. Uit een enquête van Monmouth University in New Jersey bleek eerder deze maand dat ruim driekwart van de ondervraagde Amerikanen rassendiscriminatie als een groot probleem in hun land beschouwen. Dat was vijf jaar geleden nog maar iets meer dan de helft, terwijl er ook toen met akelige regelmaat videobeelden te zien waren van ongewapende zwarte Amerikanen die door politiemensen werden gedood. Terwijl Trump videofragmenten blijft twitteren van zwarte mensen die witte aanvallen, is discriminatie en ongelijkheid in verkiezingsjaar 2020 een thema geworden – voor zwarte Amerikanen zelfs hét verkiezingsthema.

Basketbalbond NBA was een van de eerste die met een reactie op de dood van George Floyd kwam

Hoe ingrijpend de omwenteling is, laten de gebeurtenissen van de afgelopen weken bij NASCAR zien. NASCAR, organisator van stockcarraces waarbij ongelukken regel en misschien wel de belangrijkste attractie zijn, is het witste bolwerk van de Amerikaanse sportwereld. Bij NASCAR-races door het hele land kon je op de tribunes altijd de zogenoemde Confederate flag zien zwaaien, het vaandel van de zuidelijke staten die tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog vochten voor hun op slavernij gebaseerde economie. De vlag is anno 2020 een statement geworden van conservatieve witte Amerikanen die zich verzetten tegen sociale veranderingen.

Twee weken geleden besloot NASCAR de Confederate vlag te verbieden tijdens hun races. In de top van de onderneming is de maatregel in de afgelopen jaren eerder ter sprake gekomen, nooit durfden ze door te zetten uit angst voor de reactie van hun publiek.

Beledigende clubnaam

Het is een discussie die echo’s heeft in andere sporten, bij andere organisaties. Zo woedt er al jaren een debat over de vraag of American- footballclub Washington Redskins zijn naam moet veranderen omdat ‘roodhuiden’ beledigend is voor de oorspronkelijke inwoners van de Verenigde Staten. Deze week drong burgemeester Muriel Bowser van Washington er nog eens op aan. Clubeigenaar Dan Snyder heeft beloofd de naam „nooit” te zullen veranderen. Maar intussen werd wel het standbeeld en deze week ook de plaquette en de websitevermelding van cluboprichter George Marshall door de club verwijderd. Marshall was een hardnekkig tegenstander van ‘gemengd’ sporten en contracteerde pas zestien jaar na de toelating van zwarte spelers voor het eerst een Afrikaans-Amerikaan bij de club.

NASCAR kreeg te maken met de reactiestorm die was voorzien. Teleurgestelde fans lieten weten de racebanen de rug toe te keren. Een racer uit de vrachtwagendivisie maakte op Facebook bekend ermee te stoppen. „Die hele Confederate vlag kan me geen bal schelen, maar andere mensen wel, en dat maakt hen nog geen racisten.”

De NASCAR-discussie kreeg afgelopen week een scherp randje toen, aan de vooravond van de race in Talladega, in de goed beveiligde garage van het team met de enige zwarte professionele NASCAR-coureur, Bubba Wallace, een strop werd aangetroffen. Wallace schreef op Twitter dat het „een pijnlijk bewijs is van de stappen die we als maatschappij nog moeten zetten”.

Voor de wedstrijd van zondag werd de auto van Wallace door al zijn concurrenten naar de kop van het veld geduwd. Hij kreeg alom steun. Toen de FBI woensdag bekendmaakte dat de strop niet voor Wallace kon zijn bedoeld, aangezien het touw er al sinds 2019 hing en niemand toen kon weten dat juist deze garage in Talladega afgelopen weekend aan Wallace zou worden toegekend, zorgde dat weer voor nieuwe tegenreacties van mensen die de discussie over ongelijkheid en racisme overdreven vinden.

Extra brandstof

Dat leidt tot de vraag hoe bestendig deze omwenteling in de sportwereld is. Is het een discussie die extra brandstof kreeg doordat ze oplaaide tijdens een epidemie die alle sportevenementen heeft stilgelegd? Kijken spelers en publiek straks weer gewoon de andere kant op, naar de doelpunten, de dunks, de omhalen en de homeruns? Áls er dit jaar alweer volop gaat worden gesport. Viroloog Anthony Fauci, Trumps adviseur in de coronacrisis, waarschuwde dat er dit jaar mogelijk helemaal geen American football meer mogelijk zal zijn, tenzij de spelers in „een soort bubbel” kunnen worden verpakt.

De reactie op de dood van George Floyd is zo ver uitgewaaierd dat het moeilijk voorstelbaar lijkt dat er over een paar maanden niet meer over wordt gesproken. De gevolgen zijn overal merkbaar. Van de excuses die de NFL maakte voor haar ongevoeligheid voor discriminatie tot het ontslag van de eigenaar van fitnessbedrijf Crossfit, Greg Glasman, die in een zoomgesprek met filiaalhouders zei: „Waarom zou ik om hem moeten rouwen? Alleen maar omdat het the white thing to do is?” – een woordspeling op ‘the right thing’.

Niet iedere bond reageerde even snel en ruimhartig. Basketbalbond NBA was een van de eerste die met een reactie op de dood van Floyd kwam. Honkbalbond MLB had er negen dagen voor nodig.

Adam Silver, bestuurder van de NBA, wees er vorige week in een virtueel rondetafelgesprek met onder meer de voormalige topspelers Caron Butler en Earvin ‘Magic’ Johnson op dat „sommige van de bekendste zwarte mensen ter wereld in onze competitie spelen”. Dat brengt een bijzondere verantwoordelijkheid met zich mee, zei Silver, „en die moeten we weloverwogen inzetten”. Zwarte basketballers lopen al voor de bond uit als het daarom gaat. LeBron James, de bekendste speler van dit moment, richtte met enkele andere basketballers een organisatie op die het stemrecht van zwarte Amerikanen helpt beschermen. Magic Johnson trok 100 miljoen dollar uit om bedrijven van Afrikaans-Amerikaanse ondernemers overeind te houden in de coronatijd. In het rondetafelgesprek antwoordde hij op de behoedzaamheid van bestuurder Silver: „Het is tijd voor actie. We mogen ons deze gelegenheid niet laten ontglippen.”

Correctie (26 juni): In een eerdere versie van dit artikel ontbrak de draai van Trump over de werkloze American-footballspeler Colin Kaepernick. Wat de president betreft kan hij weer spelen in de NFL.