Opinie

Ilja Leonard Pfeijffer over de lessen van de lockdown: het was onmogelijk het goede te doen

Na de lockdown De Hongkonggriep zorgde eind jaren zestig voor dezelfde horrortaferelen in ziekenhuizen als nu Covid 19. Maar „men haalde zijn schouders op bij de dood en organiseerde Woodstock”. Schrijver vraagt zich af wat er in die tussentijd veranderd is. En wat we nu verder moeten doen.
„De lockdown was ons machtsvertoon. We zouden dat verdomde virus wel eens even laten merken wie de baas is op deze planeet.”
„De lockdown was ons machtsvertoon. We zouden dat verdomde virus wel eens even laten merken wie de baas is op deze planeet.” Foto Marzio Toniolo/REUTERS

Het was een idee van Stella, zoals alle werkelijk goede ideeën van haar afkomstig zijn. Het was de eerste week van maart. Het begon duidelijk te worden dat de regio Lombardije in Noord-Italië, niet ver van Genua, waar ik woon, een onbeheersbare besmettingshaard was geworden van het uit China overgewaaide nieuwe virus SARS-CoV-2. De ziekenhuizen konden het niet meer aan. Artsen moesten ter plekke besluiten wie nog geholpen kon worden en wie bij gebrek aan beademingsapparatuur, bedden en personeel werd achtergelaten op een stretcher in de gang om te sterven.

Op 8 maart zou ik naar Nederland gaan voor een mooie, intensieve tournee in het kader van de Boekenweek. Hoewel sommige organisatoren zich zorgen begonnen te maken over het feit dat ze een schrijver hadden uitgenodigd die in Noord-Italië woonde, was het virus in Nederland in die dagen nog heel ver weg. Maar in overleg met mijn manager Michaël Roumen en mijn uitgeverij De Arbeiderspers besloot ik dat het onverantwoord was om te gaan. We hebben mijn tour afgezegd en daar zat ik dan.

Stella suggereerde dat ik een dagboek moest schrijven voor een Nederlandse krant, om mijn zorgeloze, stoere en nonchalante landgenoten op de hoogte te brengen van de ernst van de situatie hier in Italië. Ze moesten worden gewaarschuwd, vond Stella. Op 8 maart heb ik NRC gebeld en op 9 maart verscheen de eerste aflevering van mijn viraal dagboek. Vandaag staat de vijfennegentigste en laatste aflevering in deze krant. Het is 27 juni en we leven in een andere wereld. Ik wil proberen hier onder woorden te brengen wat er de afgelopen periode nu precies is gebeurd en wat we daarvan zouden kunnen leren.

Wat deze pandemie uniek maakte, was niet dat het een pandemie was. De mensheid heeft in de loop van de geschiedenis te lijden gehad onder vele epidemieën. Vele daarvan waren gevaarlijker en dodelijker dan deze. Maar dit is de eerste keer in de geschiedenis dat we op een pandemie hebben gereageerd met een mondiale lockdown. Dat is uniek. Daarom hebben we geschiedenis geschreven.

Een van de meest recente pandemieën was de Hongkonggriep, die in de jaren 1969 en 1970 alleen al in Europa naar schatting een miljoen dodelijke slachtoffers vergde. Er deden zich dezelfde horrortaferelen voor als dit voorjaar. Ziekenhuizen waren overvol. Mensen stierven uit gebrek aan zorgcapaciteit. De begraafplaatsen konden het niet meer aan. Maar nergens ter wereld werd er ook maar gedacht aan een lockdown. De pandemie haalde de krant nauwelijks. Men haalde zijn schouders op bij de dood en organiseerde Woodstock.

Het feit dat een banaal, minuscuul virus ons alle controle uit handen sloeg, was onacceptabel voor ons

Ilja Leonard Pfeijffer

De vraag is wat er is veranderd tussen 1969 en nu. Wat verklaart onze draconische, buitenproportionele, hevige en onverzoenlijke reactie op een simpele virale infectie, terwijl we die eerder in de geschiedenis op haar beloop lieten als het zoveelste overbodige bewijs voor het feit dat het leven ondraaglijk is?

Voor een deel komt het door onze recente obsessie met controle. Elk onderdeel van het leven hebben we gereguleerd en dichtgetimmerd met procedures en veiligheidsvoorschriften. Zelfs de dood hebben wij geprotocolleerd. Het feit dat een banaal, minuscuul virus ons alle controle uit handen sloeg, was onacceptabel voor ons. We hebben alles in het werk gesteld om de controle te herwinnen. De lockdown was ons machtsvertoon. We zouden dat verdomde virus wel eens even laten merken wie de baas is op deze planeet.

Een ander deel van de verklaring is gelegen in het feit dat spirituele waarden in ons neoliberale universum letterlijk waardeloos zijn geworden. Men zegt wel dat de mens de enige diersoort is die zich bewust is van zijn eigen sterfelijkheid. Vele millennia lang stond het menselijk denken in het teken van pogingen om via religie of filosofie zin te geven aan onze sterfelijkheid. Onze sterfelijkheid als zodanig was een gegeven, maar het ging erom een narratief te ontwerpen waarbinnen deze sterfelijkheid een betekenis kreeg. Tegenwoordig beschouwen we onze sterfelijkheid als een technisch probleem, als een ontwerpfout in de hardware, waarvoor technische oplossingen moeten bestaan.

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Vandaag: Het coronadagboek van Ilja Leonard Pfeijffer

U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.

Na millennia vruchteloos te hebben gefilosofeerd over de zin van het leven hebben wij in deze neoliberale glorietijd eindelijk ontdekt waartoe wij mensen op aarde zijn. Het doel van het leven is consumeren. Dat is onze taak. Om te consumeren hebben we in feite alleen onze lichamen nodig. Na spirituele waarden te hebben afgeschaft zijn we gereduceerd tot de kwetsbare mechaniekjes van onze lijven. Het hiernamaals, dat duurt te lang. Daar geloven we niet meer in. Wij eisen het recht op om het paradijs hier en nu op aarde te verwezenlijken. Elke dag weer. Om eeuwig mooi en eeuwig jong te mogen leven met onze Instagramglimlach tegen een hemelse achtergrond moeten wij de lichamen van engelen hebben. De komst van het virus was een aanslag op alles wat wij tegenwoordig voor heilig houden en dreigde het sprookje te verstoren van ons consumptieparadijs in het ondermaanse.

We deden het om de ouderen te beschermen. Ja, dat is zo. En ik kan daar ook trots op zijn. Voor het eerst in onze geschiedenis hebben we de evolutie, die zwakkere exemplaren van de soort met dit soort ziektes opruimt, een loer gedraaid. Dat is beschaving. We zijn bereid geweest ons zware persoonlijke offers te getroosten uit solidariteit met de zwakkeren in onze samenleving. Dat is indrukwekkend.

Maar de prijs die we hebben moeten betalen en nog zullen moeten betalen, is enorm. En daarbij doel ik niet alleen op de economische schade van de mondiale lockdown, die astronomisch is. Het Internationaal Monetair Fonds heeft zijn prognoses deze week nog bijgesteld. De wereldeconomie zal heviger krimpen dan er in april werd gedacht. Er wordt nu rekening gehouden met een terugval van 4,9 procent. De totale schade van de pandemie en de lockdown voor de mondiale economie wordt geraamd op twaalf biljoen dollar. Wereldwijd zal het equivalent van 300 miljoen voltijdbanen verdwijnen. Het arme, dappere Italië valt onder de zwaarst getroffen landen. De prognoses voorzien voor de Italiaanse economie een krimp van 12,8 procent.

Iemand in een sloppenwijk heeft niet eens stromend water om zijn handen braaf mee te wassen, zoals de WHO ons heeft opgedragen

Ilja Leonard Pfeijffer

De lockdown heeft, ondanks alle goede bedoelingen om de gezondheidsschade te beperken, ook geleid tot een enorme schade aan de volksgezondheid. Andere medische ingrepen en behandelingen zijn uitgesteld. Controles hebben niet plaatsgevonden. Er is een stuwmeer ontstaan aan achterstallige urgente medische zorg. Het zal lang vergen voordat dat is weggewerkt, met alle gevolgen van dien. Mensen gaan dood aan dit soort dingen, net zoals ze dood gaan aan armoede. Hieraan kunnen we nog een heel hoofdstuk toevoegen over de psychische schade, met name bij ouderen, die we zo hard aan het beschermen waren dat we hen om hun eigen bestwil hun laatste dagen in eenzaamheid hebben laten slijten omdat we het hun hebben verboden hun kinderen te zien.

De schade die de lockdown heeft veroorzaakt, is niet eerlijk verdeeld over de bevolking. Armen en lager opgeleiden krijgen meer last van de economische gevolgen dan rijken en hoger opgeleiden, nadat ze ook al zwaarder waren getroffen door het virus. Een metselaar kan niet thuis werken. Iemand in een sloppenwijk heeft niet eens stromend water om zijn handen braaf mee te wassen, zoals de WHO ons heeft opgedragen. En het grootste deel van de rekening van de lockdown komt terecht bij de jongeren. Hun toekomst is op het spel gezet. Zij mogen de schulden afbetalen die wij nu maken om onze economie te reanimeren.

Hoewel ik mede met dank aan de vijfennegentig afleveringen in deze krant elke dag heb nagedacht over het virus en de lockdown, weet ik nog steeds niet of we wel het goede hebben gedaan. De enige juiste conclusie is wellicht dat het onmogelijk was om het goede te doen. Zowel reageren op de pandemie, zoals wij deden, als niet reageren op de pandemie leidt tot onacceptabele schade. Het enige scenario dat niet desastreus zou hebben uitgepakt is het scenario waarin we de pandemie hadden voorkomen.

Dat moet de voornaamste les voor de toekomst zijn. En om dergelijke pandemieën in de toekomst te voorkomen, helpt het om ons erop voor te bereiden met alle maatregelen waarop specialisten al decennialang aandringen, maar het volstaat niet. We zullen ook iets moeten doen aan de oorzaken en die zijn gelegen in onze manier van leven en in de manier waarop we omgaan met dieren, hun leefgebieden en onze planeet.

Hier in Italië begint zich inmiddels de vraag op te dringen hoe het in hemelsnaam mogelijk was dat het sanitaire systeem van de regio Lombardije, dat behoort tot de absolute wereldtop, niet tegen het virus opgewassen is geweest en ook het antwoord op die vraag begint pijnlijk duidelijk te worden. Er zijn in Lombardije excellente klinieken voor hogelijk gespecialiseerde zorg. De ziekenhuizen hebben zich in toenemende mate toegelegd op de mondiale avant-garde van behandelingen. Daar valt goud geld mee verdienen en dat moet, want de zorg in Lombardije is geprivatiseerd. Tegelijkertijd hebben de ziekenhuizen bezuinigd op basale zorg en op hun regionale functie, want dat zijn kostenposten. Ze trekken vermogende patiënten van over de hele wereld voor specialistische zorg en sluiten hun EHBO-posten. En je kunt het ze niet eens kwalijk nemen, want dat was de bedoeling van de privatisering: dat ze voor bedrijfje gingen spelen. Dat is een andere les voor de toekomst: privatisering van de zorg is geen onderdeel van de oplossing, het is een onderdeel van het probleem.

De echte voorstelling komt nu: de redding van onze planeet

Ilja Leonard Pfeijffer

Deze lockdown heeft ons nog iets anders geleerd en dat is misschien wel de belangrijkste les. Als de urgentie wordt gevoeld, is het blijkbaar mogelijk om op korte termijn zeer ingrijpende maatregelen te nemen. Men zegt wel dat dit eigenlijk onze generale repetitie was voor de echte voorstelling die we nu moeten opvoeren: de redding van onze planeet. Vóór begin maart van dit jaar kon je regeringsleiders, beleidsmakers en ceo’s horen betogen dat het natuurlijk onmogelijk was om het vliegverkeer stil te leggen, dat de economie moest draaien en dat we onze levensstijl niet kunnen veranderen. Dat kunnen ze nu niet meer zeggen. Het kan dus wel. Er moet een prijs voor worden betaald, zeker, maar het is niet onmogelijk. Dat hebben we nu bewezen. Zodra we dezelfde urgentie voelen voor het tegengaan van de opwarming van de aarde als voor het tegengaan van de verspreiding van een virus, is er heel veel mogelijk. Het feit dat we dat nu aan den lijve hebben ervaren, beschouw ik als winst.

Correctie (27 juni 2020): De Hongkonggriep heerste eind jaren zestig, niet eind jaren zeventig, zoals hierboven eerder stond. Dat is aangepast.