Opinie

Kiev moet zich zorgen maken over Poetins grondwet

De nieuwe Russische grondwet zou voormalige Sovjetrepublieken te denken moeten geven, concludeert Hubert Smeets.

Hubert Smeets

Dat Poetin na het vrijblijvende referendum van 1 juli in theorie tot 2036 president kan blijven, weten we nu wel. Dat Poetin met zijn komende grondwet niet alleen de machtsverhoudingen in Rusland maar ook die met de buren verandert, is minder bekend.

Het begint er al meteen mee dat de Rusland zich in de grondwet opwerpt als opvolger van de Sovjet-Unie. Dat is minder logisch dan het lijkt. Sovjet-Rusland was tot 1992 inderdaad het hart van de unie. Maar de helft van alle Sovjetburgers woonde indertijd toch echt in een van de veertien andere deelrepublieken.

Waarom dan toch deze claim? En zou die de buurlanden te denken moeten geven?

Op papier is er geen reden tot zorg. Naar de letter van de tekst strekt de boedelscheiding zich slechts uit tot het huidige Rusland. Naar de geest laat de nieuwe grondwet het echter niet bij deze ene, grammaticaal onschuldige zin. Uit de tekst spreekt een breed verlangen naar het Russische Rijk van weleer.

Voortaan definieert Rusland zich als een staat met een duizendjarige geschiedenis die onder meer wordt gekenmerkt door„geloof in God”. Op zich een opmerkelijke wending voor een land dat zich sinds 1917 seculier noemt. Belangrijker is dat deze tijdlijn refereert aan de kerstening van het volk van Roes in 988 in Kiev. Constitutioneel legt Rusland hiermee vast dat Kiev de bakermat van de Russische orthodoxie is en blijft, exact zoals het Patriarchaat in Moskou het ziet. Hoe die historische claim zich in theorie verhoudt tot de soevereiniteit van Oekraïne laat zich raden.

Ook in de praktijk hebben Oekraïners reden om deze passage met argusogen te lezen. Afgelopen week onthulde Poetin namelijk weer eens dat de ondergang van het Sovjetrijk in 1991 wat hem betreft geen afgesloten zaak is. Dat Rusland de andere sovjetrepublieken toen heeft laten gaan, met medeneming van „land dat sinds mensenheugenis traditioneel Russisch grondgebied” was, was een „cadeautje” waarvoor die andere volkeren onvoldoende „dankbaar” zijn geweest, aldus Poetin op tv.

Deze redenering is feitelijk onjuist; het was het Russische parlement dat zich op 12 juni 1990 (nog steeds een jaarlijkse feestdag) soeverein verklaarde ten opzichte van de rest en zo het mes zette in de unie. De redenering is intussen wel omineus. Want ondanks sussende interpretaties vanuit het Kremlin blijkt ook elders in de grondwet dat dit geen particuliere zielenroerselen van de president zijn.

Zo wordt alleen al de gedáchte aan andere grenzen (dus niet alleen separatistische daden) ondenkbaar. Juichte het Kremlin in 2014 nog toe dat Russen op de Krim zich via een referendum gingen afscheiden, als Krim Tataren of Oekraïners straks het lef hebben een omgekeerd plebisciet te bepleiten, wacht hen een grondwettelijk gelegitimeerd cachot.

Ook elders in Rusland ligt straf op de loer. Alle Russen moeten beter gedisciplineerd worden. Van kinds af aan. Zo is het voortaan de plicht van de overheid om kinderen groot te brengen tot „patriotten” en moet de staat alle „historische waarheden” beschermen. „Het bagatelliseren van wapenfeiten bij de verdediging van het vaderland is ontoelaatbaar.”

De nieuwe grondwet weerspiegelt zo het perspectief van Poetin zelf: de Russische president als imperator die heerst over een Russisch Rijk dat groter is dan het lijkt.

Oost-Europa-expert Hubert Smeets werkt bij het kenniscentrum Raam op Rusland. Hij schrijft om de week met redacteur geopolitiek Michel Kerres over de kantelende wereldorde.