Recensie

Recensie

Een fascinerende kijk in de wereld van Nederlandse topdiplomaten

Diplomatie Diplomaat Karel van Oosterom zat namens Nederland een jaar lang in de VN-Veiligheidsraad. Zijn boek toont dat Nederlandse diplomaten hebben geleerd dat het grote machtsspel hard wordt gespeeld.

Karel van Oosterom voorafgaand aan een bijeenkomst van de VN-Veiligheidsraad in 2018.
Karel van Oosterom voorafgaand aan een bijeenkomst van de VN-Veiligheidsraad in 2018. Foto Kevin Hagen/Getty /AFP

De laatste tijd nog iets gehoord van de VN-Veiligheidsraad? Nee? Dat kan, want de V-raad speelt tijdens de pandemie nauwelijks een rol. Al weken lukt het de raad niet een resolutie aan te nemen over een mondiaal staakt-het-vuren omdat de grootmachten elkaar blokkeren. De wereld kampt met de grootste crisis sinds WOII en in de raad is het business as usual.

Hoe moeilijk de raad het ook al vóór de coronatijd had blijkt uit Met een oranje das, een verslag van het jaar dat Nederland als gekozen lid in de raad zat. In 2018 zat Karel van Oosterom als Permanent Vertegenwoordiger in de ‘ongemakkelijke, doorgezeten’ stoelen aan de beroemde hoefijzertafel in New York. Zijn oordeel over het bestaansrecht van de raad: ‘voorzichtig positief’.

Valse belofte

Er zijn drie kleine hordes die je als lezer van zijn boek moet nemen. De soms wat al te huiselijke formuleringen. Als in: idealisme is als erwtensoep, ‘het geeft een warm gevoel van binnen, maar niemand anders heeft er iets aan.’ De wetenschap dat niet altijd man en paard genoemd kunnen worden omdat de auteur diplomaat in actieve dienst is. En de grote tevredenheid over het Nederlandse jaar in de raad, waarvan de auteur overigens ook zelf zegt dat het een ‘wc-eend-advies’ is. Wie dat voor lief neemt, krijgt een fascinerende kijk in de machinekamer van de V-raad, compleet met de eerlijke constatering dat veel Nederlandse diplomaten hebben geleerd dat het grote machtsspel hard wordt gespeeld. Eén harde les leerde Nederland al tijdens de verkiezingen in de Algemene Vergadering. Tientallen landen hadden beloofd de Nederlandse kandidatuur voor de V-raad te steunen, maar lieten het afweten. Uiteindelijk deelde Nederland de tweejarige termijn met Italië. Eerst Rome, daarna Den Haag.

Eens in de 20 jaar

Samen met de vijf permanente leden (VS, China, Rusland, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk) vormen de gekozen leden het hoogste orgaan binnen de VN. Als een lid van de landengemeenschap gestraft moet worden met sancties, dan gaat dat via de V-raad. Als de internationale gemeenschap vredeshandhavers uitzendt, dan gaat dat via de V-raad. Nederland doet eens in de 15 à 20 jaar mee aan de verkiezingen – de volgende poging is in 2031.

Lees ook het interview van Karel van Oosterom: Het jaar waarin Nederland lid was van de VN-Veiligheidsraad

Van Oosterom, die van New York naar Londen verhuist, heeft zijn ervaringen vastgelegd in een boekje dat geen wetenschappelijke studie wil zijn met bijbehorende distantie. Het is verslaglegging ten behoeve van volgende generaties diplomaten én een manier om verantwoording af te leggen over wat er met Nederlands geld in New York is gedaan. De titel heeft hij ontleend aan zijn handelsmerk.

Het is een onderhoudend, educatief boek over het dagelijks werk van een orgaan dat in de afgelopen decennia, in weerwil van zijn matige reputatie, steeds harder is gaan werken. De debatten werden talrijker, langer en er wordt véél sneller gesproken. In tien jaar tijd steeg het aantal gesproken woorden per minuut met zestig procent. Je leert ook dat diplomaten graag zingen en dichten om spanningen te verminderen of de tijd te doden.

Ruzie

Nederland wilde in zijn jaar VN-vredesoperaties verbeteren, aandacht vragen voor gerechtigheid en de nadruk leggen op het voorkomen van conflicten. Van Oosterom beschrijft dat op al die terreinen enige vooruitgang is geboekt, met als meest tastbare resultaat een resolutie over conflict en honger. Daarnaast spande Nederland zich in om de gekozen leden meer smoel te geven en de Europese samenwerking te verbeteren. Afgezet tegen het leed in de wereld zijn dat hele kleine stapjes, maar het is ontegenzeglijk vooruitgang.

Het is goed dat er een plek is waar de grootmachten elkaar dagelijks ontmoeten, stelt Van Oosterom – praten is beter dan vechten. In conflictgebieden waar de VN actief zijn worden de verrichtingen van de raad op de voet gevolgd en zijn de verwachtingen van de bevolking hoog gespannen, leerde hij tijdens reizen met de raad naar onder meer Afghanistan. Maar het is ook waar, constateert hij, dat de raad vaak tekortschiet. Als een van de permanente leden een direct geopolitiek belang in een conflict heeft, dan leidt dat tot ruzies, conflicten en veto’s. Desondanks moet Nederland blijven investeren in de VN, vindt hij, om de belangen van Nederland te behartigen en om de waarden van Nederland uit te dragen – al was het maar om tegenwicht te bieden tegen de waardenstelsels van Rusland en China.