Europese rechter mag het zeggen: IS-beul of alleen vluchteling?

Terreurprocessen In Beieren is een Iraakse terreurverdachte opgedoken die in 2018 in Frankrijk was gearresteerd, maar tijdens de lockdown stilletjes was vrijgelaten. De zaak laat zien hoe moeilijk het soms is oorlogsmisdaden uit het Midden-Oosten te berechten.

Een van de vermoedelijke massagraven bij Camp Speicher, waar IS naar schatting 1.700 sjiitische soldaten executeerde.
Een van de vermoedelijke massagraven bij Camp Speicher, waar IS naar schatting 1.700 sjiitische soldaten executeerde. Foto’s Alessio Mamo / Redux EPA / STR

In juni 2018 wordt het nieuws in de Franse kranten breed uitgemeten: in Lisieux in de Calvados is een 36-jarige Irakees gearresteerd op verdenking van lidmaatschap van terreurgroep Islamitische Staat. De aanleiding was een door Irak uitgevaardigd internationaal aanhoudingsbevel. Irak beschuldigt Ahmed Hamdane Mahmoud Ayach Al-Aswadi van deelname aan het bloedbad van Camp Speicher in 2014. Op één dag executeerde IS toen zo’n 1.700 sjiitische soldaten en kadetten bij de Noord-Iraakse stad Tikrit.

De zaak-Hamdane voedt op dat moment de angst dat terroristen zich onder de vluchtelingen in Europa hebben gemengd. Twee daders van de aanslagen in Parijs in 2015 waren Irakezen die op het hoogtepunt van de vluchtelingencrisis Europa waren binnengeglipt; twee anderen waren onderweg onderschept. Wat het nog erger maakt is dat Hamdane een erkende vluchteling is. Hij kwam in 2016 naar Frankrijk en werd het jaar daarop statushouder.

Er is daarentegen bijna geen media-aandacht wanneer Hamdane midden mei 2020 onder voorwaarden wordt vrijgelaten. Frankrijk verkeert in volledige lockdown, het coronavirus heeft het terrorismedossier even naar de achtergrond verdrongen. Vorige week duikt Hamdane opnieuw op – in Duitsland.

Volgens zijn advocaat Mohamed al-Monsef Hamdi raakte Hamdane in paniek toen hij op een bepaald moment werd gebeld door de Franse politie: „Hij dacht dat hij terug naar de gevangenis moest.”

Hamdane laat zijn telefoon in Parijs achter en trekt naar Deggendorf in Beieren, waar zijn vrouw en dochter wonen die hij al zesentwintig maanden niet heeft gezien. Daags nadien biedt hij zich vrijwillig aan bij de Duitse politie. Hij wacht nu op uitlevering aan Frankrijk in de komende dagen.

IS-wreedheden

Het nationaal parket voor antiterrorisme geeft geen commentaar op het dossier, of op de vraag waarom Hamdane eerst een gevaarlijke terrorist was om het volgende moment te worden vrijgelaten. Voor advocaat Hamdi is het antwoord op die vraag eenvoudig.

„Het dossier tegen mijn cliënt is leeg”, zegt Hamdi. „Het enige element tegen hem is dat hij door één persoon is beschuldigd van deelname aan het bloedbad van Camp Speicher. Hij zou eigenhandig 103 mensen hebben vermoord. Maar die persoon is sindsdien zelf geëxecuteerd, en Bagdad bleef doof voor elk verzoek om aanvullende elementen à charge of à décharge.”

Camp Speicher – van 2003 tot 2011 een Amerikaanse legerbasis – is in het Westen grotendeels vergeten door latere wreedheden door IS. Maar in Irak is het een mijlpaal, vooral voor de sjiitische bevolking.

Dat komt niet alleen door de uitzonderlijke wreedheid van het gebeurde, maar ook door de manier waarop een relatief kleine groep IS-strijders er met gemak in slaagde het in aantallen veel grotere Iraakse leger op de vlucht te jagen.

Wanneer IS op 12 juni 2014 de stad Tikrit nadert, krijgen de duizenden soldaten en kadetten in Camp Speicher een opmerkelijk bevel van hun superieuren: verlaat het kamp – ongewapend en in burgerkledij. Vluchten is de enige overlevingsstrategie die de legerleiding kan bedenken.

Het plan mislukt. De Iraakse soldaten worden opgepakt bij checkpoints van IS. Zij worden ter plaatse geëxecuteerd of in vrachtwagens afgevoerd. Soennieten worden gescheiden van sjiieten; die laatsten worden zonder pardon geëxecuteerd. Dat weten we dankzij overlevenden die zich onder de lijken hebben verstopt. Maar ook omdat IS erover pochte en er foto’s en video’s van online heeft gezet.

„Camp Speicher is een tragische zaak geweest voor alle Irakezen en voor de sjiieten in het bijzonder”, zegt Bader Kareem Alewy Al-Mahamadawy, parlementslid voor de Badr-organisatie, een pro-Iraanse sjiitische militie en politieke partij.

Ahmed Hamdane zat op 14 juni 2014 in de gevangenis van Tikrit op beschuldiging van terroristische activiteit. Naar eigen zeggen is hij ontsnapt nadat de cipiers het op een lopen hadden gezet, en is hij gevlucht naar Erbil in Iraaks Koerdistan.

Het is hier dat zijn verhaal een vreemde wending neemt. Want Hamdane zegt dat hij al jaren undercover werkte voor de Iraakse inlichtingendiensten, ook tijdens zijn gevangenschap.

Hamdane is een oude bekende van justitie. In 2002, 18 jaar oud, zat hij al in de gevangenis wegens diefstal toen Saddam Hussein, in de aanloop naar de Amerikaanse invasie, alle gevangenissen opengooide. Hij wordt weer gearresteerd wegens wapenbezit in 2005 en in 2012 wegens terrorisme. Maar het is ook een feit dat de gevangenis bij uitstek het milieu is waar terrorisme gedijt, zeker in Irak.

Een Iraakse man kust een lijkzak van een van de slachtoffers die vermoedelijk is gedood door jihadisten van de groep Islamitische Staat (IS) in het Speicher-kamp. Foto Ahmad Al-Rubaye/ AFP

Bewijs onder foltering

In Hamdanes dossier zit een memorandum van de Amerikaanse FBI dat stelt dat Hamdane inderdaad voor de Iraakse inlichtingendiensten heeft gewerkt en dat hij in die hoedanigheid ook „buitenlanders” heeft ontmoet. Zijn advocaat zegt dat hij heeft gesproken met de Iraaks-Koerdische inlichtingendiensten die Hamdanes verhaal bevestigen.

Maar de getuige in het Iraakse dossier vertelt een heel ander verhaal. Volgens Ibrahim Badri Ibrahim al-Bazzi, die samen met Hamdane in de gevangenis zat, zijn de gevangenen niet gaan lopen maar zijn zij door IS bevrijd en hebben zij – al dan niet vrijwillig – meegedaan aan het executeren van de sjiitische soldaten. Al-Bazzi’s getuigenis vormt ook de basis voor een rapport van het Iraakse parlement over het Camp Speicher-bloedbad.

Het probleem is dat al-Bazzi in augustus 2016 in Irak is opgehangen samen met 35 anderen. Dat gebeurde op een moment waarop de Iraakse premier Haider al-Abadi onder zware publieke druk stond na hevige bomaanslagen in Bagdad. De Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties, Zeid Ra’ad Al Hussein, veroordeelde de executies destijds op scherpe toon.

De zaak-Hamdane illustreert hoe moeilijk het is samen te werken met het Iraakse rechtssysteem, waar bekentenissen vaak door foltering worden afgedwongen. Negentien van de zesendertig in 2016 geëxecuteerden waren naar eigen zeggen gefolterd, en sommigen waren ver weg van Tikrit ten tijde van het bloedbad.

Frankrijk is niet het enige land dat met het Camp Speicher-bloedbad is geconfronteerd. In Finland werden in 2015 twee Iraakse broers gearresteerd nadat Iraakse vluchtelingen hen hadden beschuldigd van deelname aan het bloedbad. De twee werden vrijgesproken wegens gebrek aan bewijs. Maar in beroep kwam het openbaar ministerie met een video waarin te zien is hoe één broer deelneemt aan executies. Het probleem: ze zijn een identieke tweeling waardoor het niet mogelijk was om met zekerheid te zeggen welke van de twee in de video te zien is. Eind februari werden de broers opnieuw vrijgesproken.

Europa staat aan het begin van een explosie van rechtszaken die te maken hebben met de oorlogen in Irak en Syrië. In Duitsland lopen al verschillende zaken tegen Syriërs die door andere Syriërs zijn beschuldigd van foltering en moord in de gevangenissen van het regime.

„Het feit dat zoveel slachtoffers, getuigen en mogelijke daders van oorlogsmisdaden zich nu in Europa bevinden, bovenop het feit dat veel bewijsmateriaal op de sociale media te vinden is, wil zeggen dat er enorm veel van dergelijke rechtszaken zitten aan te komen”, zegt Jennifer Triscone van de juridische ngo Trial International in Genève.

De vraag is wat er nu met Ahmed Hamdane gebeurt. Zijn dossier is mogelijk te licht om in Frankrijk tot een veroordeling te komen. Intussen is hij wel mogelijk een gevaar, al was het maar voor zichzelf: hij heeft in zijn Franse cel een zelfmoordpoging gedaan. Frankrijk kan niet ingaan op de Iraakse vraag om uitlevering omdat Irak de doodstraf hanteert. Parijs kan vragen dat de doodstraf wordt omgezet in levenslang, maar voor zover bekend is dat nog niet gebeurd. Hoe dan ook, zegt advocaat Hamdi, „er bestaat geen enkele twijfel dat mijn cliënt in Irak zal worden geëxecuteerd”.

Met medewerking van Hawras Kakil