Opinie

De Zeeuwse burger behoeft betere toegang tot het recht

Zeeland De marinierskazerne werd Zeeland niet gegund en ter compensatie krijgt het een ‘Law Delta’. Maar juridisch Zeeland mist nu vooral recht op menselijke maat, stellen drie juristen.

Dronefoto van het terrein waar de Marinierskazerne zou moeten komen bij Vlissingen. De verhuizing van de kazerne van Doorn naar Vlissingen gaat niet door.
Dronefoto van het terrein waar de Marinierskazerne zou moeten komen bij Vlissingen. De verhuizing van de kazerne van Doorn naar Vlissingen gaat niet door. Foto SEM VAN DER WAL/ANP

De marinierskazerne ging naar Gelderland en niet naar Vlissingen en de grappen waren niet van de lucht toen het plan uitlekte om het Zeeuwse leed te compenseren met een ‘Law Delta’: een extra beveiligde gevangenis, een beveiligde rechtbank en een centrum voor cybercriminaliteit. „Alcatraz aan de Schelde”, kopte de PZC, terwijl Zeeuwen er op Facebook fijntjes op wezen dat gevangenen tenminste niet kunnen weigeren om te komen.

Wie zich opstelt tussen de lammetjes op de dijk aan de Westerschelde, met Fort Rammekens in de rug, links de witte koepel van de kerncentrale en rechts het beoogde terrein voor de bunker, snapt meteen de Zeeuwse angst om weer afgescheept te worden. Wie daar overheen stapt, ziet ook wel hoe die bunkers via een nieuwe Hofstadgroep, Holleeder of Hells Angels best nog wel eens de broodnodige banen naar Vlissingen zouden kunnen brengen. Wie probeert de rooksignalen uit het provinciehuis en Den Haag te lezen, merkt bovendien dat het nog lang niet duidelijk is wat het compensatiepakket in gaat houden.

Toch geeft de term ‘Law Delta’ ons meteen hoop. Niet zozeer vanwege die symbolen van de repressieve rechtsstaat, maar omdat hier misschien ruimte ligt voor iets wat wij al heel lang willen: de toegang tot het recht in Zeeland vergroten. Wij zaten, jaren geleden, in T-shirt met de Zeeuwse vlag in de bus om (deels succesvol) te protesteren tegen het verdwijnen van rechtbank en gevangenis. Vorig jaar organiseerden wij in Middelburg de conferentie ‘Goed recht voor (on)gewone mensen: hoe houden wij de rechtsstaat levend’. En inmiddels zijn we betrokken bij het project SRV (Samen Recht Vinden) om het recht voor mensen en voor kleine bedrijven makkelijker, menselijker, sneller en slimmer te maken.

Juridisch landschap

Dromen over een ‘Law Delta’ begint daarbij met een blik op het huidige juridische landschap. Dat is inmiddels net zo desolaat als het veld vol bramen en brandnetels waar het nieuwe justitiële complex zou moeten komen. Hét grote probleem is dat de efficiëntie van het systeem centraal staat, in plaats van de behoeften van de burgers.

Een voorbeeld is het verdwijnen van de drie kantonrechtbanken. Vroeger moesten mensen met een boete vanwege huurachterstand, bijvoorbeeld, in Terneuzen verschijnen. De toenmalig kantonrechter vertelt daarover: „Die mensen moesten dan echt wel de boete betalen, maar ze hadden tenminste het gevoel gehoord te zijn”.

Diezelfde mensen verschijnen nu simpelweg niet op de Middelburgse of Bredase zitting. Het is te ver, de tien euro tol voor de tunnel te veel, of zij hebben er simpelweg geen vertrouwen in. Vanuit het systeem gedacht is het heel efficiënt en goedkoop, vanuit de burger gedacht desastreus.

Lees ook: Rijk en Zeeland bespreken ‘breed’ compensatiepakket

Hetzelfde geldt voor het vertrek van het OM naar Breda, om daar een kantorencomplex te vullen dat nu eenmaal gebouwd was. De officieren hebben nog een paar flexplekken in Middelburg, verder bestrijken ze dus een heel groot gebied van heel ver weg. Efficiënt voor het systeem, maar niet voor de burger die baat heeft bij zorgvuldigheid, betrokkenheid en nabijheid in het afhandelen van strafzaken.

Grote afstanden

Bovendien eisen de grote afstanden in een gebied als Zeeland een eigen aanpak. Met veel ruimte voor innovatie en gebruik van de digitale middelen die met corona herontdekt zijn. Maar ook met iedere burger als basis, van Bruinisse tot Biervliet. Dit is des te urgenter omdat corona ongetwijfeld veel mensen en ondernemers in de sociaal-juridische problemen brengt, indachtig voorspellingen als een verdubbeling van de werkloosheid en de drastische stijging van de schuldenproblematiek.

Een ‘Law Delta’ vertaald naar een extra beveiligde inrichting en rechtbank richt zich alleen op wat in het recht de ‘ultimum remedium’ heet – het uiterste middel van het strafrecht. Recht is natuurlijk veel meer dan een instrument in handen van de staat. Het is ons recht, het berust op instemming van burgers en groeit van onderop. Recht is toegankelijk, of het nu gaat om de taal, de afstand, of de kosten. Recht kan, net zoals boodschappen bij de buurtsuper, dichtbij gehaald worden. Zo voorziet het SRV-project in een ‘jusbus’ [‘jus’ is Latijn voor 'recht’ -red.], vrij naar de vroegere SRV-bussen. Met die bus komen ambtenaren, advocaten, ombudslieden, rechters, officieren, de gezondheidszorg, buurtbemiddelaars en onderzoekers naar de mensen toe, in plaats van omgekeerd. Het doel is: vragenstellers direct helpen, conflicten direct oplossen.

Als de onderhandelaars de compensatie verbinden met deze initiatieven stelt dit de Zeeuwen zelf centraal, en gebruikt het Zeeland als proeftuin voor nieuw recht. Het werkt daarmee niet aan een ‘Detentie Delta’, maar, met recht, aan een ‘Law Delta’ van en voor alle Zeeuwen.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.