Corona-app werkt vooral bij veel testen op het virus

Veldonderzoek Duizend inwoners van de regio Twente zullen vanaf woensdag de Nederlandse corona-app testen. Of de app de epidemie indamt, blijkt pas bij landelijke invoering.

Het veelbezochte Marineterrein in Amsterdam.
Het veelbezochte Marineterrein in Amsterdam. Foto Simon Lenskens

Ze zijn er maar wat trots op in Enschede, dat uitgerekend de regio Twente is uitverkoren om testlocatie te zijn voor de corona-app. Een „heuglijk moment” noemde de voorlichter van de University of Twente die donderdagavond de persconferentie over het onderzoek begon. Het was de Twentse universiteit zelf die de hand opstak om de bètaversie van de veelbesproken app te testen. In het Designlab van de University of Twente worden vraagstukken op het snijvlak van technologie en samenleving bestudeerd. „We zijn hier qua infrastructuur helemaal op ingericht”, zegt ethicus Peter-Paul Verbeek, één van de oprichters van het centrum.

Vanaf woensdag 1 juli zullen uiteindelijk tussen de vijfhonderd en duizend mensen uit Twente deelnemen aan de tests. „We gaan in stapjes met steeds meer mensen testen”, zegt Ron Roozendaal, directeur Informatiebeleid bij het ministerie van Volksgezondheid donderdag. „In Twente gaan de deelnemers een tijd lang thuis of elders de app gebruiken. De test gaat onder meer over de vraag hoe en of die werkt en of mensen de app snappen.” Vanwege het lage aantal coronabesmettingen zal gewerkt worden met gesimuleerde besmettingen.

Betrokken onderzoekers spraken tijdens de persconferentie over „high-tech noaberschap”. „We zijn in deze streek gewend om een beetje op elkaar te letten”, zei hoogleraar Persuasive Health Technology Lisette van Gemert-Pijnen. Het gedragsonderzoek onder de honderden Twentenaren volgt op andere onderzoeken, zoals een ethische toets en een onderzoek naar de toegankelijkheid van de app. Zo rijdt er de komende week een mobiel laboratorium, de ‘Experivan’, langs scholen, marktpleinen, zorginstellingen en mensen thuis om gebruikers te vragen wat ze van de app vinden. De grote veldtest moet voor de zomervakantie afgerond zijn en wordt aangevuld met een landelijk onderzoek.

‘Constructief-kritisch meedenken’

Ethicus Verbeek zit de ethische commissie voor die de lab- en de veldtests zal toetsen. Hij wil vanaf het begin „constructief-kritisch” meedenken. „De uitkomst van onze ethische proef kan dus óók zijn dat die app geen goed idee is. Al is dat niet waar ik op hoop. Ik wil voor een goede inbedding van die app in de samenleving zorgen.”

De gedragskundige experimenten in het oosten van het land volgen op een reeks technische beproevingen eerder deze maand. Daar werd gekeken of de technologie van Apple en Google, die ten grondslag ligt aan de Nederlandse notificatie-app, geschikt is voor de bestrijding van Covid-19. De technologie van de twee techreuzen legt de basis voor een systeem dat via bluetooth-signalen een logboek van recente contacten aanlegt.

De hamvraag is of de app er goed genoeg in slaagt om onderscheid te maken tussen contacten waarbij wél en contacten waarbij géén risico op besmetting is. Of de app afstand goed kan inschatten, is daarbij een belangrijke factor.

De uitkomst van onze ethische proef kan dus óók zijn dat die app geen goed idee is

Peter-Paul Verbeek ethicus

Eerder deze maand werd een prototype in zeven nagebootste scenario’s – van een tram, een trein tot een vergaderzaal en een bioscoop – getest. Zoals verwacht, bleek uit de experimenten dat de sterkte van bluetooth-signalen zich lastig liet vertalen naar een goede inschatting van de afstand. In driekwart van de gevallen kregen de mensen die een waarschuwing hadden moeten krijgen, die ook. En in eveneens driekwart van de gevallen werd geen waarschuwing afgegeven als dat niet nodig was, zegt Roozendaal.

Bezoekers bekijken de ‘drukteradar’ op het veelbezochte Marineterrein in Amsterdam.

Foto Simon Lenskens

‘Hoogrisicocontact of niet’

Het ministerie onderzoekt momenteel of de nauwkeurigheid „te tweaken” valt, op basis van de Twentse experimenten of van vergelijkbare experimenten in het buitenland. De duur van het contact bleek erg belangrijk voor een goede inschatting van het risico, zegt Roozendaal. „Het werkt vooral als je ook een tijdsperiode meetelt. Dus als je het niet alleen hebt over de sterkte van het signaal, maar ook hoe lang dat contact aanhield.” De app slaagde er wel goed in om muren en andere fysieke obstakels te detecteren.

Heel nauwkeurig hoeft de app de afstand niet in te schatten, zegt epidemioloog Carl Moons (UMC Utrecht) donderdag telefonisch. Hij is voorzitter van de begeleidingscommissie van zestien onderzoekers en experts die de overheid adviseert bij de zoektocht naar „slimme digitale oplossingen” tegen het coronavirus. „Idealiter meet men uiteraard zo nauwkeurig mogelijk de afstand en tijdsduur tussen contact en geïnfecteerde. Maar het gaat er vooral om dat de app een zo goed mogelijke inschatting maakt of het om een hoogrisicocontact ging of niet.”

Minister De Jonge gaat er ook vanuit dat het systeem betrouwbaar genoeg werkt, meldde hij donderdag in een brief aan de Tweede Kamer. „De conclusie is dat bij een sterk signaal nabijheid zeker is.”

 

Moons en de begeleidingscommissie denken dat de notificatie-app kan werken om het coronavirus te blijven onderdrukken, mits dat gepaard gaat met een ruimer testbeleid. Ook mensen zonder klachten en symptomen die via de app gewaarschuwd worden, moeten zich volgens hem kunnen laten testen en – bij negatief resultaat – enkele dagen later nog eens. De GGD liet donderdag weten samen met het RIVM-onderzoek te doen naar „het testen zonder klachten”. Nu worden alleen personen mét klachten getest.

„Het nut van de app in combinatie met een ruimer testbeleid is het detecteren van presymptomatische besmettingen. Dat zijn mensen die het virus hebben zonder dat zij klachten of symptomen hebben. Ze kunnen het onbewust overdragen, omdat ze niet weten dat ze besmet waren door een hoog-risico contact”, zegt Moons. In Nederland gaat men ervan uit dat veertig procent van de besmettingen zo verloopt. „Alleen testen na symptomen is te laat, denkt men nu. Dat wordt steeds duidelijker uit het ziekteverloop: we raken besmet, dan zijn we na drie à vier dagen besmettelijk en rond de vijfde of zesde dag krijgen we vaak de eerste symptomen. We kunnen met de app slimmer testen, op maat.”

Uit de lockdown blijven

Het doel van de app is om uit de lockdown te komen en daaruit te blijven, benadrukt Moons. Belangrijk voordeel van het „seriële testen” is een veel kortere quarantaineperiode bij een herhaald negatief testresultaat. „Dit testbeleid is een beschermende laag om de app. De nauwkeurigheid van bluetooth is dan nog steeds belangrijk, maar niet de hoofdzaak.”

De experimenten gaan snel. Vooralsnog wil De Jonge op of rond 15 juli besluiten of, hoe en wanneer de corona-app ingevoerd gaat worden. Voor die tijd moet de Autoriteit Persoonsgegevens zich over de app buigen en worden andere onderzoeken naar onder meer de informatieveiligheid verwacht. „Van mij had die haast niet gehoeven”, zegt Peter-Paul Verbeek. Moons vindt dat ook maar zegt dat parallel werken „onvermijdelijk” is. „Het virus is zo veel sneller dan wij. We lopen tot nu toe achter de feiten aan.”

Het virus is zoveel sneller dan wij. We lopen achter de feiten aan

Carl Moons, epidemioloog

De lab- en veldtests zijn vooral bedoeld om de gebruiksvriendelijkheid te testen bij zoveel mogelijk verschillende bevolkingsgroepen. Of de app daadwerkelijk de epidemie helpt indammen wijst het Twentse onderzoek niet uit. Dat kan pas na landelijke introductie, denkt Moons. „Je kan nu nog niets zeggen over het effect op de verspreiding van het virus of op de volksgezondheid. Dat kunnen we helaas pas echt onderzoeken terwijl we het uitvoeren.” Roozendaal hoopt dat de eerste bevindingen over de corona-apps van Duitsland of Italië het „begin van dit bewijs” zullen vormen. „Met rond de honderd positief geteste mensen per dag, moet je in de praktijk een hele grote groep mensen met een app uitrusten om daar ook de epidemiologische waarde van te zien.”

Dat de app daadwerkelijk blijkt te werken, is een harde voorwaarde voor blijvend gebruik, zegt Moons. Belangrijk is wat hem en de begeleidingscommissie betreft de verruiming van het testbeleid. „En we moeten positieve gevallen dankzij de via de app gewaarschuwde contacten vinden, die we anders later, of zelfs helemaal niet in het reguliere bronnen- en contactonderzoek hadden gevonden. Dat moet blijken voor behoud van de app.”