Onderzoek: aanpak huiselijk geweld in Rotterdam is gebrekkig

Onderzoek moorden Rotterdam liep vroeger voorop in de aanpak van huiselijk geweld, maar het systeem faalt nu door regels en protocollen. Dat blijkt uit een rapport van het Verwey-Jonker Instituut.

Het Design College in Rotterdam waar de 16-jarige Hümeyra eind 2018 werd neergeschoten door haar stalkende ex-vriend Bekir E.
Het Design College in Rotterdam waar de 16-jarige Hümeyra eind 2018 werd neergeschoten door haar stalkende ex-vriend Bekir E. Foto Robin Utrecht/ANP

Slachtoffers van huiselijk geweld in Rotterdam krijgen niet snel genoeg toegang tot adequate hulp. Ze krijgen geen directe toegang tot wijkteams en crisisopvang, maar moeten eerst doorverwezen worden door bijvoorbeeld meldpunt Veilig Thuis of de huisarts. De samenwerking tussen Veilig Thuis, wijkteams, jeugdbescherming, de politie en andere instellingen is problematisch en in de praktijk ontbreekt vaak de regie.

Dat concludeert het onafhankelijke Verwey-Jonker Instituut in een onderzoek naar de lokale ketenaanpak van huiselijk geweld, in opdracht van de gemeenteraad.

Het onderzoek is ingesteld naar aanleiding van drie moorden eind 2018: op het meisje Hümeyra Ergincanli (16), de Amerikaanse studente Sarah Papenheim (21) en de Rotterdamse Bianca van Es (29).

9.000 meldingen

In Rotterdam krijgt de politie jaarlijks ruim 9.000 meldingen binnen van huiselijk geweld en kindermishandeling. De meldingen rond volwassenen gaan meestal om geweld tegen vrouwen door (ex-)partners. Mannen ondervinden vaker geweld door huisvrienden, in het uitgaansleven en op straat.

Lees ook Het is triest dat Hümeyra moest sterven voor ze aandacht kreeg

Het Verwey-Jonker Instituut, dat onderzoek doet op maatschappelijk terrein, sprak met sleutelfiguren van diverse hulpinstanties, de gemeente, wijkteams en deed onder meer literatuuronderzoek.

De gemeente Rotterdam liep vroeger juist voorop in de aanpak van huiselijk geweld en ontwikkelde zelf een meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling, beschrijven de onderzoekers. Maar met de decentralisatie van maatschappelijke ondersteuning en jeugdzorg in 2013 ging veel kennis over huiselijk geweld en kindermishandeling verloren. Ook kwamen er 42 wijkteams die generalistisch werken en in de stad niet zichtbaar genoeg zijn.

Het overkoepelende probleem is dat de aanpak huiselijk geweld een „systeemwereld” van „regels en protocollen” is geworden, staat in het rapport. Die bureaucratie is een landelijk probleem, is de indruk van onderzoeker Katinka Lünnemann van Verwey-Jonker.

„Je ziet binnen Rotterdam een enorme verkokering, waardoor er geen sprake is van laagdrempelige toegang tot hulp en bescherming”, zei Lünnemann bij de presentatie van het rapport in het stadhuis. „Wat ons is opgevallen, is dat er zoveel wordt doorverwezen. Elke keer is er weer een intake, triage, zonder een gezamenlijke aanpak.”

Verkeerde inschatting

In de praktijk spelen er veel vertragende problemen tussen Veilig Thuis en de wijkteams. De overdracht van een casus kost veel tijd, de inschatting is soms verkeerd omdat de ernst niet wordt onderkend, en de werkdruk en tijdnood bij wijkteams is structureel hoog. „Rode draad in de problemen is dat het lijkt alsof wijkteams en Veilig Thuis tegenover elkaar staan in plaats van zij aan zij aan de slag te gaan”, staat in het onderzoeksrapport.

Het gebrek aan regie, en de soms gebrekkige communicatie tussen hulpinstellingen, is eerder ook beschreven in een rapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid over de moord op Hümeyra.

Een van de aanbevelingen is een nieuwe manier van werken waarbij Veilig Thuis en wijkteams gelijktijdig kunnen handelen en sneller informatie kunnen delen. De financiering van de zorg moet „ontschot” worden, zodat het mogelijk wordt gezinnen in plaats gezinsleden te helpen. Er moeten „onorthodoxe oplossingen” mogelijk worden, zoals bijvoorbeeld „time-out-woningen” voor bijvoorbeeld vrouwen en kinderen zodat ruzies binnen een huishouden kunnen afkoelen.

Burgemeester Ahmed Aboutaleb (PvdA) riep het stadsbestuur op opnieuw te gaan „rekenen en tekenen” aan een vernieuwde aanpak van huiselijk geweld. De eerste stap is dat het onderzoeksrapport van Verwey-Jonker binnenkort wordt besproken in een commissievergadering. „We zorgen dat het niet in een laatje gaat verstoffen”, zei raadslid Tanya Hoogwerf van Leefbaar Rotterdam.