Strafvermindering voor moordenaar Anne Faber

Uitspraak Hoge Raad Michael P. (30), die de Utrechtse studente Anne Faber ombracht, krijgt een ‘strafkorting’ van vier maanden. Zijn arrestatie is niet geheel rechtmatig verlopen.

Michael P. en zijn advocaten tijdens het hoger beroep bij het gerechtshof in Arnhem.
Michael P. en zijn advocaten tijdens het hoger beroep bij het gerechtshof in Arnhem. Illustratie Aloys Oosterwijk/ANP

Michael P. (30), de man die in hoger beroep tot 28 jaar celstraf is veroordeeld voor het doden en verkrachten van de Utrechtse Anne Faber, krijgt van de Hoge Raad een ‘strafkorting’ van vier maanden omdat zijn arrestatie niet geheel rechtmatig is verlopen.

Dat heeft het hoogste rechtscollege dinsdag bepaald. De verdachte heeft na zijn hardhandige aanhouding in 2017 zijn schouder gebroken. Hij werd ook bedreigd met politiehonden. Ook is hij niet gewezen op zijn zwijgrecht. De Hoge Raad vindt in tegenstelling tot het hof dat dit moet worden gecompenseerd. De Hoge Raad acht het niet nodig dat de zaak voor een nieuwe behandeling wordt terugverwezen naar een hof en heeft de definitieve straf nu zelf bepaald op 27 jaar en acht maanden.

Lees ook: Hoe burgers en politie 13 dagen zochten naar Anne Faber

Anne Faber (25) verdween op 29 september 2017 tijdens een fietstocht. Na aanwijzingen van de verdachte werd het lichaam van de vrouw, na een zoektocht van twee weken, op 12 oktober in een bos in Zeewolde in Flevoland gevonden. De verdachte was drie dagen daarvoor aangehouden naar aanleiding van een match tussen zijn dna-profiel en een dna-profiel dat was aangetroffen op de inmiddels gevonden jas van de vrouw.

Michael P. werd vorig jaar juli in hoger beroep door het Gerechtshof Arnhem veroordeeld tot 28 jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging voor het verkrachten, ontvoeren en doden van Anne Faber. Het gerechtshof achtte anders dan het Openbaar Ministerie moord met voorbedachten rade niet bewezen. Verder werd P. wegens meerdere gedragsstoornissen gedeeltelijk ontoerekeningsvatbaar verklaard.

Verdoezelen

De rechtbank kwam eerder tot dezelfde straf wegens ‘gekwalificeerde doodslag’, dat wil zeggen: zonder voorbedachten rade. P. had Anne Faber volgens de rechtbank gedood om een eerder misdrijf, zoals verkrachting, te verdoezelen. Het OM wilde P. in hoger beroep veroordeeld krijgen voor moord omdat hij „moorddadige plannen” zou hebben gehad, wat volgens het justitie onder meer bleek uit het feit dat P. tiewraps en een mes bij zich droeg op de dag van Fabers dood.

De verdachte woonde op het moment van Fabers dood in een forensische kliniek in Den Dolder. Hier bereidde hij zijn terugkeer in de maatschappij voor na een gevangenisstraf voor de verkrachting van twee meisjes in 2010.

Lees ook: In de kliniek was Michael P. een modelpatiënt

De advocaat van de verdachte had geklaagd over het oordeel van het hof dat het bedreigen van de verdachte met de diensthond en het toepassen van geweld – dat heeft geleid tot letsel – door het hof is aangemerkt als een vernederende en mensonterende behandeling, maar niet als foltering in de zin van artikel 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Ook klaagde de advocaat dat het hof ten onrechte geen strafvermindering heeft toegepast.

Rechten geschonden

Het hof stelde vast dat de politie door het dreigen met geweld en het niet wijzen op zijn zwijgrecht de rechten van verdachte heeft geschonden en dat dit een onherstelbaar vormverzuim is. Maar het hof verbond hier geen gevolgen aan voor de strafoplegging in de zin van strafvermindering. De verdachte had volgens het hof een eerlijk proces gehad.

In mei van dit jaar adviseerde advocaat-generaal Harteveld van de Hoge Raad dat de veroordeling van de man voor de verkrachting en het doden van Anne Faber eind september 2017, in stand kan blijven.

Wel vond de Harteveld dat het hof „onvoldoende inzicht” heeft gegeven in de afweging om het vastgestelde vormverzuim rond de aanhouding en wijze van verhoor niet met strafvermindering te compenseren. De advocaat-generaal adviseerde de Hoge Raad dan ook de uitspraak op het punt van de strafoplegging te vernietigen en opnieuw te laten beoordelen.

De strafzaak is nu ten einde.