Opinie

Richt ‘gele zones’ in waar soepeler coronaregels gelden

Covid-19 Iedereen moet zich aan de algemene coronamaatregelen blijven houden, maar creëer uitzonderingen voor de groepen met een laag risico op een ernstige besmetting, bepleit .
Illustratie Hajo

Na enkele maanden intelligent huisarrest worden de coronamaatregelen geleidelijk versoepeld, zodat de bedrijvigheid en het sociale leven weer wat op gang komen. Tegelijk wordt er rekening mee gehouden dat het coronavirus als gevolg van de versoepelingen weer de kop opsteekt. Dan zouden opnieuw strenge maatregelen nodig zijn. Maar de opgelegde anderhalvemetersamenleving begint wat tekenen van slijtage te vertonen en wordt niet door iedereen als het ‘nieuwe normaal’ beleefd. Hetzelfde geldt voor de oproep om de contacten te beperken en zoveel mogelijk thuis te werken. Veel communicatie kan telefonisch of digitaal plaatsvinden, maar dat verandert niets aan de menselijke behoefte om elkaar van tijd tot tijd in levenden lijve te zien en te spreken. Dat geldt zeker voor een samenleving waarin ‘samen leven’ en ‘samen werken’ voor velen het hoogste goed zijn. Alle reden dus om te verkennen of er een andere omgang met het virus mogelijk is, die meer perspectieven biedt voor dit ‘menselijk normaal’.

Mede door de excessieve aandacht voor de ziekenhuizen en de IC-capaciteit is aanvankelijk wat onderbelicht gebleven dat een Covid-19-infectie in 80 procent van de gevallen mild verloopt. Daarbij hebben de ervaringen in de eerste maanden geleerd dat de kans op een ernstig of zelfs dodelijk verloop van deze virusinfectie op oudere leeftijd aanzienlijk groter is en relatief vaak personen treft met een chronische aandoening. Bij de 20 procent ernstige ziektegevallen zien we dat ruim 70 procent van de ziekenhuisopnames en meer dan 96 procent van de sterfgevallen personen van 60 jaar en ouder betreft. Deze leeftijdsgroep omvat circa een kwart van de Nederlandse bevolking. De overige driekwart is jonger dan zestig, en in deze groep valt dus een kleine 30 procent van de ziekenhuisopnames en nog geen 4 procent van de sterfgevallen. Tot deze groep behoren onder meer alle scholieren in basis- en voortgezet onderwijs, alle studenten, en het overgrote deel van de beroepsbevolking. Op grond van deze cijfers is al van verschillende kanten bepleit om de substantiële risicoverschillen tussen leeftijdsgroepen medebepalend te laten zijn bij het versoepelen van de vrijheidsbeperkende maatregelen.

Lees ook: Hoe Nederland de controle verloor

Als we zoeken naar een terugweg naar het menselijke normaal, dan moeten we enerzijds recht blijven doen aan het onbetwiste belang van de ‘hoog-risico-groepen’ in onze samenleving om optimaal beschermd te worden tegen een Covid-19-infectie. Anderzijds moeten we ruimte bieden aan de ‘laag-risico-groepen’ om zich in sociale, culturele en economische zin te (blijven) ontplooien en naar vermogen bij te dragen aan het herstel van de bedrijvigheid in ons land. De begrippen ‘hoog risico’ en ‘laag risico’ zijn hierbij niet gerelateerd aan de besmettingskans, maar aan de kans op een ernstig verloop van een infectie.

Laag risico? Versoepeling

De grens tussen de ‘hoog-risico-groepen’ en de ‘laag-risico-groepen’ is in dit voorstel ietwat arbitrair getrokken bij de leeftijd van 60 jaar. Een uitzondering hierop vormt de groep die bestaat uit alle meerderjarigen (ongeacht hun leeftijd, dus ook boven de zestig) die al een infectie hebben doorgemaakt. Deze personen hebben als regel natuurlijke immuniteit opgebouwd, lopen geen hoog risico meer, en zijn dus breed inzetbaar in de samenleving.

Voor een optimale bescherming van de ‘hoog-risico-groepen’ is en blijft het essentieel dat de algemeen geldende gedragsregels door iedereen worden nageleefd. Dit geldt niet alleen voor de anderhalvemetermaatregel, maar bovenal voor de oproep om bij ziekteverschijnselen die op een Covid-19-infectie kunnen duiden, direct naar huis te gaan.

Voor de groepen die weinig risico lopen bepleit ik aanvullende versoepelingen van de vrijheidsbeperkende maatregelen. Die versoepelingen moeten alléén gelden in de buiten- en binnenruimten die expliciet en uitsluitend voor de ‘laag-risico-groepen’ zijn aangewezen. Laten we ze ‘gele zones’ noemen. Binnen deze ‘gele zones’ kan bijvoorbeeld het afstand houden in de onderlinge contacten aan mensen zelf worden overgelaten. Een streefnorm van een meter is sociaal al veel acceptabeler en aanzienlijk praktischer dan de anderhalve meter.

Voorbeelden van ‘gele zones’

Ter inspiratie, en niet als blauwdruk, enkele voorbeelden van gele zones: stadions kunnen worden opgedeeld in tribunes met een anderhalvemeterregime en vakken die als gele zone worden ingericht; daar is dus meer capaciteit. Musea, theaters en concertzalen kunnen ervoor kiezen voor de ‘laag-risico-groepen’ op bepaalde dagen of dagdelen hun ruimtes tot gele zone te maken en op andere dagen of dagdelen niet. Grotere theaters en concertzalen kunnen de begane grond als gele zone aanmerken en op de verdiepingen de anderhalve meter aanhouden. In het openbaar vervoer kunnen complete treinen en bussen als gele zone worden aangemerkt om de capaciteit in de spits te vergroten. In de trein kan de capaciteit ook buiten de spits worden opgevoerd door in de eerste klasse de anderhalve meter aan te houden en de tweede klasse als gele zone in te richten.

Zowel overheden als bestuurders van ondernemingen en instellingen kunnen delen van de ruimten waarvoor zij verantwoordelijk zijn, als gele zone aanmerken. De gele zones bakenen plekken af waarbinnen de ‘laag-risico-groepen’ aan minder strenge regels hoeven voldoen. Ze geven het dagelijks leven voor velen weer een wat menselijker gezicht.

Maar ook kunnen op deze manier ruimten, die niet afdoende (op economisch verantwoorde wijze) aan de algemeen geldende coronamaatregelen kunnen worden aangepast, toch effectief worden benut. Daarmee biedt het gele-zone-concept vele nieuwe mogelijkheden om de economie weer aan te jagen. Dat is hard nodig, want met name voor het midden- en kleinbedrijf, de cultuur- en de sportsector veroorzaken de huidige maatregelen grote schade. Een stimulans voor de economie zal ten slotte ook de jongere generaties weer meer perspectieven bieden.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.