Recensie

Recensie

Egyptisch weefsel van vijftig eeuwen oud te zien in Leiden

Tentoonstelling De Oudheid was niet wit, beelden en gebouwen waren vaak bont gekleurd. In Leiden is nu Egyptisch textiel met kleur te zien.

Stof uit verschillende weefsels uit de zesde of zevende eeuw. De afbeelding stelt waarschijnlijk een leeuwenkop voor.
Stof uit verschillende weefsels uit de zesde of zevende eeuw. De afbeelding stelt waarschijnlijk een leeuwenkop voor. Foto Rijksmuseum van Oudheden

De Oudheid is vaak kleurloos. De fleurige verf die er ooit voor zorgde dat standbeelden, reliëfs en tempels fonkelden in de zon, is in de loop der eeuwen verbleekt. Pas in de negentiende eeuw ontdekten kunsthistorici dat antieke sculptuur en architectuur buitengewoon bont beschilderd waren geweest. Het idee dat alles ooit was gemaakt van stralend wit marmer, leeft echter nog in talloze stripverhalen en films.

De antieke kleurenpracht is dan ook wat moeilijk voorstelbaar, maar een enkele keer beschikken oudheidkundigen over voorwerpen waarop de antieke kleuren zijn bewaard. Zoals op het Egyptische textiel dat nu te zien is in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. De expositie is alleen al een bezoek waard omdat het materiaal niet zo vaak wordt geëxposeerd. Blootstelling aan licht doet de kleuren immers vervagen.

Niet dat het allemaal bontgekleurd is. Het oudste voorwerp, een weefsel van een eeuw of vijftig oud, is bijvoorbeeld een onbeschilderd stuk linnen dat vooral opvalt doordat het weefsel zo verfijnd is. Linnen laat zich slecht kleuren. Pas toen de Egyptenaren wol in hun kleding waren gaan verwerken, begonnen ze hun textiel vaker te verven.

Foto Rijksmuseum van Oudheden

Zoals zoveel Egyptische voorwerpen komen ook de kledingstukken uit graven. Een van de pronkstukken op de expositie is het portret op een lijkwade van een man die in de eerste helft van de derde eeuw na Christus moet zijn overleden. De afbeelding toont de overledene en ook de kleren die hij tijdens zijn leven droeg: een overkleed met verticale banden over een onderkleed met een halsdecoratie. Zowel de lijkwade zelf als de afgebeelde kleding representeren grote welvaart.

Kostbaar

Dat textiel kostbaar was, blijkt ook uit het feit dat opgegraven kledingstukken niet zelden zijn hersteld. Een op papyrus geschreven overzicht van een nalatenschap vermeldt tussen de voorwerpen van waarde ook een kussen en een kledingstuk.

De expositie is belangrijk omdat ze in beeld brengt hoe weinig representatief de geschreven teksten uit de Oudheid zijn. Afgaand op de door een orthodoxe elite geschreven bronnen zou je bijvoorbeeld verwachten dat christenen sober leefden, maar in de praktijk droegen de gelovigen dure textiel, die ze in hun graf meenamen. Het topstuk is een complex weefsel met het verhaal van de aartsvader Jozef, dat zich voor een groot deel afspeelt in Egypte.

Andere christelijke textiel was voorzien van heidense motieven zoals de wijngod Dionysos, die door de Grieken werd beschouwd als dezelfde als de god van de joden en christenen. Ook het oud-Egyptische teken anch, dat het leven symboliseerde, kreeg een christelijke betekenis. Romeinse jachtmotieven keren terug in christelijke afbeeldingen van Sint-Joris.

Plundering

Wie de mooie textieltentoonstelling heeft bezocht kan nog even doorlopen naar een tweede expositie, over Nederlands-Italiaans onderzoek naar de begraafplaats bij de beroemde trappenpiramide van Sakkara. Dat grafveld is al in de negentiende eeuw onderzocht met technieken die we tegenwoordig zouden typeren als plundering, vindplaatsen werden niet genoteerd. De huidige onderzoekers willen de inmiddels weer onder het zand verdwenen graven terugvinden om alsnog de herkomst vast te stellen en de betekenis te reconstrueren die de voorwerpen ooit hebben gehad. Zo toont deze tweede expositieook hoe de oudheidkunde voortdurend zichzelf bevraagt, bekritiseert en bijleert.

Textiel uit Egypte, is nog tot 27 september te zien in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.

●●●●

Leven in een dodenstad is te zien tot 22 november, eveneens in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.

●●●●