Een strikje op mijn onderbroek? Maar dat wil ik helemaal niet!

Ondergoed Soms wil je een gewone onderbroek dragen, niet iets voor de lome zomeravond of de wilde woensdagmiddag. De Hema had die altijd, een voorspelbaar model in een voorspelbaar pakje.

Er zit een strikje op. Iemand heeft de euvele moed gehad om zo’n lullig strikje op mijn onderbroek te prutsen. Nou, ‘mijn’ onderbroek, technisch gezien is ze nog van de Hema, maar cultureel gezien is ze van mij. Ik ben ermee opgevoed, zij is deel van mijn erfgoed. En er zit ook een kanten randje aan zie ik nu, mijn eenvoudige elastische randje is opeens uitgedraderd in loos gefriemel.

Woedend stamp ik de winkel uit. Zonder mijn onderbroeken.

Na een jaar in het buitenland wonen had ik onderbroeken nodig. Geen slips, strings, hipsters, boxers, nixers, maar onderbroeken. Niet iets voor de lome zomeravond of de wilde woensdagmiddag maar gewoon iets wat je aandoet als je een dag aan iets anders denkt dan seks. Ik weet niet hoe het de rest van de wereld vergaat, maar ik heb van die dagen. Dan hoef ik niet meteen een beige geheelonthoudersjarretel aan, dat ook weer niet. Er is ruimte voor spontaniteit in mijn leven maar ook voor de rust van betrouwbaarheid.

En ik had zó op de Hema gerekend, na een eerdere tevergeefse zoektocht. Toen ik in Schotland een dag in Glasgow was, wilde ik even door de winkelstraat lopen, mijn slag slaan op het gebied van de basisartikelen en daarna op naar Kelvingrove, een van de mooiste musea van de stad.

De White Company was mijn eerste stop want daar kocht ik het beddengoed en de badjassen voor het kasteel waar ik werkte. Naast kasjmieren bedsokken, linnen pyjama’s en zijden hoodies vond ik zegge en schrijve één onderbroek. Wat wij vroeger een ‘tent’ noemden: lossig, groot en virginaal wit. Bij het fotomodel op de poster dat dromerig op een schapenvachtje aan de Cote d’Azur zat, zag het er superhip uit maar ik vreesde dat als deze vakkundige nonchalance aan mijn wat minder volmaakte derrière slobberde, het gewoon meteen een oud vod leek. Het leek me een slechte investering van dertig pond.

Ik concludeerde dat ik beter niet bij de winkels kon gaan kijken die mijn gefortuneerde werkgeefster frequenteerde om aan mijn basisbehoeftes te voldoen. De schreeuwerig goedkope winkel even verderop was daarom mijn volgende stop. Na een lange tocht door een uitzonderlijk deprimerende verzameling veel-van-hetzelfde kwam ik erachter dat je in de Primark uitsluitend kermistenten kunt kopen: in zwart, rood of mintgroen. En geen enkele is winddicht.

Na een verbijsterend rondje winkelen in Glasgow moest ik vaststellen dat er niets zit tussen de High End en de Low End

Ik gaf het op. Kelvingrove was geweldig. Een aanrader voor iedereen die na het zoeken naar een speld in een lingerieberg nog tijd heeft om zich te laven aan de schilderijen van de Glasgow Boys, de interieurs van Charles Rennie Mackintosh en een prettig groot dinosaurusskelet.

Op de terugweg naar huis ging ik nog even langs een XL-supermarkt, daar was ook een kledinglaan. Ik had aan een Schotse vriendin gevraagd waar zij haar ondergoed kocht. Dat was natuurlijk niet slim, want zoiets vraag je niet op het Britse vasteland.

„You Dutch are outrageous!”, proestte ze. Ver van het gewoel van het gezin liet ze me even later de prospectus zien van het bedrijf waar zij haar briefs and knickers kocht, „er zijn mensen die kopen het bij de supermarkt”, voegde ze eraan toe. Met een stembuiging die duidelijk maakte dat dat niet óns soort mensen was, maar andere mensen.

In een schap met niet al te opzienbarende intieme accessoires vond ik ze inderdaad, maar ik kon me er niet toe brengen. Een pakje hipsters in mijn mandje tussen het spek en de bonen. Slips en chips in mijn karretje. Het voelde nodeloos verwarrend. En het waren weer hipsters, strings en boxers waar ik uit moest kiezen terwijl ik me wilde concentreren op de ingrediënten van een Beef and Guinness Stew.

Een feministische triomf

Na dit verbijsterende rondje winkelen moest ik vaststellen dat er niets zit tussen de High End en de Low End. Iets normaals, deugdelijks, degelijks. Óf een stuk ondergoed is van biologisch linnen en kost een fortuin, óf het is diep synthetisch en kost niets. En niet alleen in de ondergoedwereld zocht ik vergeefs naar middelmatigheid. In de hele kledingbranche miste ik het, net als bij de supermarkten, de scholen en de politiek.

Lees ook: Corona legt rauwe Britse ongelijkheid genadeloos bloot

Ik miste de Nederlandse Hema. Het degelijke midden. De plek om binnen te vallen, een onderbroek te kopen en weer verder te kunnen met je dag. De Hema is geen winkel maar een burgerlijke overwinning. Een republikeins manifest. Een feministische triomf. Kwaliteit en deugdelijk design voor iedereen. Stevige drinkglazen, aardewerken mokken en onderbroeken zonder friemels.

De eerste dag terug in Nederland toog ik onmiddellijk naar het walhalla van de voorspelbaarheid. Missie onderbroek was mogelijk. De pakjes hingen nog steeds per drie: rood, wit, blauw; small, medium, large. Met bevende vingers nam ik mijn maat, mijn model en wilde het aan mijn hart drukken... maar toen zag ik het strikje. En het randje.

Ze hadden mijn onderbroek verraden. Ze hadden haar vervrouwelijkt. Met een schattig strikje. Ik wilde mijn hoofd in mijn nek leggen en schreeuwen dat ik ook weleens dagen heb dat ik niet een vrouwtje wil zijn met een strikje en een kantje. Gewoon een mens met een lap om haar billen tegen de tocht. En het meest van al wil ik er helemaal geen tijd aan besteden. Iemand bij de directie – was het een vrouw? – heeft dat ooit begrepen, heeft de milde wijsheid gehad om goede kwaliteit en weinig keuze aan te bieden voor de gewone mensen die leuke dingen willen gaan doen op hun dagen. Tuinieren, middeleeuwse handschriften bestuderen, appeltaart bakken of de verzamelde werken van Kafka lezen. Maar niet onderbroeken uitzoeken.

Lees ook: Het boeken van zwarte modellen is niet genoeg

Als iemand uit wil zoeken waarom de verkoop terugloopt bij deze keten moet hij, of liever zij, eens gaan navelstaren in het schap ondergoed. En zich vragen stellen over gendergelijkheid en nodeloze veranderdriften.

Ik zoek geen revolutie bij de Hema. Maar het resultaat van de revolutie. Vrijheid, gelijkheid en broederschap voor het damesondergoed.