Reportage

De klimclub was niet ‘urban’ genoeg

Urban ‘Urban culture’-instelling Emoves uit Eindhoven treedt op advies van de Raad voor Cultuur toe tot de Basisinfrastructuur. De coöperatie van uiteenlopende organisaties uit Eindhoven is in korte tijd financieel sterk gegroeid. „Talent neemt het bij ons op tegen de internationale top.”

Optreden van Emoves in Eindhoven.
Optreden van Emoves in Eindhoven. Foto Tom Doms

Emoves uit Eindhoven is een van de weinige ‘urban culture’-instellingen die na positief advies van de Raad voor Cultuur, en het voldoen van enige aanvullende financiële voorwaarden, zal toetreden tot de Basisinfrastructuur (BIS). De organisatie werkt volgens de Raad „verbredend in een cultuurbestel waar urban vormen nog nauwelijks zijn vertegenwoordigd”. Vorige week werd bekend dat Emoves ook in de gemeentelijke en provinciale BIS-regelingen komt.

De afgelopen jaren is Emoves – begonnen als organisator van het jaarlijkse Emoves Urban Culture Festival – uitgegroeid tot een coöperatie van uiteenlopende lokale initiatieven op het gebied van cultuur en sport. Het platform heeft in korte tijd een sterke positie in het culturele veld opgebouwd en is financieel snel gegroeid.

Op dit moment bouwt de stichting een grote fabriekshal in Eindhoven om „van alternatieve sporthal tot een urban hot spot voor alle disciplines”, vertelt bestuurder Thom Aussems (69) die sinds twee jaar leiding geeft aan het platform. Voor die verbouwing ontving Emoves van Brainport Eindhoven „een subsidie van een dikke drie miljoen”. In de hal vinden op dit moment vooral activiteiten plaats voor skaters, BMX-ers en breakdansers. „Daar komen straks ook muziek, art en spoken word bij”, zegt Aussems. „We willen urban in de volle breedte etaleren maar dan moeten we wel dat gebouw verbouwen.”

We hebben intern ook wel discussie over de term

Lees ook: Is dit cultuur voor iedereen?

De in het veld al decennia sterk bediscussieerde term ‘urban’ is sinds enkele jaren aandachtspunt in het cultuurbeleid. In beleidskringen worden met de term doorgaans muziek, dans, beeldende kunst en theater aangeduid die hun wortels hebben in hiphop, maar die definitie is vloeibaar. In de sector is het een containerbegrip dat afwisselend refereert aan oorspronkelijk zwarte cultuur en een waaier aan muziek, grootstedelijke dynamiek en straatcultuur.

Coöperatie

Emoves is in dat veld een a-typische speler. Het samenwerkingsverband werd opgericht door Area51 Skatepark, dans- en theatergezelschap The Ruggeds en lokaal poppodium Dynamo, dat niet langer betrokken is. De coöperatie profileert zich als een ‘ontwikkelinstelling’ die sport en cultuur verbindt en „urban initiatieven ondersteunt en versterkt” – en dat varieert van het faciliteren van lokale BMX-ers en skaters tot de professionele organisaties achter internationale breakdance-competitie World BBoy Classic en het NK BMX Freestyle.

Danser van Emoves.

Foto Maurice Meijs

Emoves-bestuurder Aussems was als directeur van woningcorporatie Sint Trudo jarenlang betrokken bij de projectontwikkeling van Strijp-S, een voormalig industrieterrein in Eindhoven waar ruimte is gemaakt voor diverse creatieve instellingen en voor initiatieven zoals de immense hal voor skaters en BMX-ers die nu verbouwd wordt, en een breakdance-school „voor jongeren die net geld hadden voor een spiegel en een gettoblaster”.

Op Strijp-S zag Aussems „jongelui die kei-enthousiast waren maar moeite hadden hun weg te vinden in de gevestigde wereld”. Ze vroegen hem twee jaar geleden na zijn pensioen om Emoves te helpen professionaliseren. De activiteiten van Emoves werden zonder centrale sturing georganiseerd, zegt Aussems – door informele gemeenschappen „die met elkaar concurreerden en botsten”. Onder zijn leiding werd het festival Emoves omgevormd tot een platform dat heel het jaar door evenementen organiseert, en zich op cultuurgebied nadrukkelijk wil richten op het ontwikkelen en begeleiden van nieuw talent en het faciliteren van professionals.

Aussems schroefde de ambitie flink op. De gelouterde bestuurder sloot in aanloop naar de Olympische status van skaten, BMX Freestyle en breakdance samenwerkingsverbanden met lokale topsportverenigingen, en coördineerde de nieuwe cultuursubsidieaanvragen. „Voor sport hebben we een infrastructuur waarin talent en absolute top in dezelfde ruimte zitten. Breakdance-talent neemt het bij ons op tegen de internationale top. We willen dat op het gebied van hiphop verder uitbreiden.”

De BIS-bijdrage zal worden ingezet voor het ontwikkelen van ruimtes en activiteiten voor hiphop-musici, dansers, beeldende kunstenaars en spoken word-artiesten, zegt Aussems. Hij noemt het BIS-advies „spectaculair” en „een eerste serieuze stap naar erkenning voor wat jongelui in Eindhoven al heel lang doen”. Zichzelf ziet hij als „schakel tussen straatcultuur en bureaucratie”. Eigenlijk zou zijn rol overbodig moeten zijn, vindt hij. „De overheid moet zelf meer achter het bureau weg, kijken wat er in de maatschappij gebeurt, de signalen oppikken.”

Emoves beschrijft urban cultuur op zijn website erg abstract als „verzamelnaam voor een creatieve en artistieke levensstijl gebaseerd op de mentaliteit van leren door te doen, ondernemerschap en innovatie”. Een exactere definitie kan Aussems ook niet geven. Hij noemt kenmerken als steeds de competitie met elkaar opzoeken om je te verbeteren, inclusie, diversiteit, grootstedelijke energie, en jongeren die wars zijn van traditionele infrastructuren. „Maar we hebben intern ook wel discussie over de term”, zegt hij. „Toen ik erbij kwam, vroeg ik bijvoorbeeld waarom de klimclub op Strijp-S niet meedeed. Maar nee, dat was geen urban.”