Recensie

Recensie

Een geslaagd eerbetoon aan Rie Mastenbroek, vergeten olympisch kampioene

Biografie Vergeten goud vertelt het levensverhaal van drievoudig olympisch zwemkampioene Rie Mastenbroek, de ‘keizerin van Berlijn’.

Zwemster Rie Mastenbroek tijdens de Olympische Spelen van Berlijn in 1936. De 100 meter rugslag was de enige van vier afstanden waarop ze met een zilveren medaille genoegen moest nemen.
Zwemster Rie Mastenbroek tijdens de Olympische Spelen van Berlijn in 1936. De 100 meter rugslag was de enige van vier afstanden waarop ze met een zilveren medaille genoegen moest nemen. Foto Spaarnestad/Hollandse Hoogte

Haar straat in Rotterdam moet door agenten worden ontruimd om een eind te maken aan het huldigingsfeest. Een dag later is er opnieuw politie-inzet nodig, bij de bioscoop waar ze haar wedstrijden op de Olympische Spelen van Berlijn krijgt terug te zien. En als ze zich op het Scheveningse strand vertoont, gunnen fotografen haar nauwelijks rust.

Nederland is in augustus 1936 in de ban van zwemster Rie Mastenbroek, de eerste vrouw die op één toernooi vier olympische medailles wint: goud op de 100, 400 en 4×100 meter vrije slag, zilver op de 100 meter rugslag. Na de Amerikaanse atleet Jesse Owens (vier keer goud) is zij de succesvolste deelnemer aan het evenement dat zal worden herinnerd als de ‘Hitler-Spelen’.

Nieuwsgierigheid gewekt

Journalist/schrijver Marian Rijk hoort voor het eerst van Mastenbroek als ze het boek Berlijn 1936 van Oliver Hilmes leest. Haar nieuwsgierigheid is gewekt. „Hoe meer memoires ik achterhaalde, hoe beter ik haar leerde kennen en hoe meer waardering ik kreeg voor de bijzondere prestaties die ze had geleverd”, schrijft Rijk in Vergeten goud, de veelzeggende titel van een eerbetoon aan de sportster Rie Mastenbroek – „na de oorlog boven alles het meisje dat voor de nazi’s had gezwommen”.

Tussen de geboorte van Hendrika Wilhelmina Mastenbroek op 26 februari 1919 en haar overlijden op 6 november 2003, vertelt Rijk het verhaal over de wording van een zwemkampioene in een tijd dat topsport in Nederland nauwelijks bestaat. Zeker niet voor vrouwen. „Van sportende vrouwen is, zo heerst nog altijd de algemene opvatting, geen enkel nut te verwachten.”

Lees ook dit interview uit 1996 met Rie Mastenbroek: De vergeten keizerin van Berlijn

Rieki Mastenbroek komt als kind graag in het enige overdekte zwembad van Rotterdam. Geld voor een toegangskaartje heeft ze niet altijd, haar alleenstaande moeder Mien verdient als schoonmaakster net voldoende voor kost en inwoning. Op een dag dat ze wel in het water ligt, herkent de bekende trainster Ma Braun het talent. Zij regelt een zwemabonnement voor de elfjarige Rieki en belooft een kampioene van haar te maken.

Als ze dertien jaar is, begint voor Rieki het serieuze sportleven. Ze neemt de plaats in van Zus Braun, de dochter van Ma. Zus heeft op de Olympische Spelen van Amsterdam in 1928 als eerste Nederlandse een individuele gouden medaille gewonnen, maar stopt na de Spelen van 1932 vanwege wondroos. Ze schenkt haar badpakken aan Rieki, voor wie het strenge regime van Ma Braun snel routine wordt: vijf trainingen per week en in de weekends vaak een wedstrijd.

In 1934 debuteert Rie, zoals ze zich dan liever laat noemen, op de Europese kampioenschappen. In de Duitse stad Maagdenburg wint ze op drie van de vijf afstanden goud. Invitaties voor internationale wedstrijden volgen, „iedere buitenlandse zwemster wil zich kunnen meten met dat wonderkind”. Rie combineert het zwemmen met een opleiding aan de industrieschool. Haar huiswerk begint te lijden onder het volle sportschema, net als haar gezondheid. In september 1935, nog geen jaar voor de Spelen, ondergaat ze een keeloperatie. Dat is groot nieuws. De Nederlandse zwemsters zijn door hun prestaties enorm populair, Rie voorop. „Dat vrouwen, ook gewone volksmeisjes, op een serieus niveau sport beoefenen wordt langzaam maar zeker steeds meer geaccepteerd”, schrijft Rijk even eerder.

Spelen in Duitsland

Acht Nederlanders doen in februari 1936 in de Zuid-Duitse plaats Garmisch-Partenkirchen mee aan de Winterspelen. Het Nederlands Olympisch Comité besluit vanwege „het gastvrije en vredelievende karakter van het olympisch toernooi” in de zomer ook een afvaardiging naar Berlijn te sturen – „de aanhoudende onvrede over de zorgwekkende politieke situatie” in nazi-Duitsland ten spijt.

En zo is de zeventienjarige Rie op 1 augustus 1936 getuige van de spectaculaire opening van de Spelen. Ze zit tussen de 100.000 toeschouwers in het Olympiastadion, deelname aan de ceremonie zou te vermoeiend zijn. Vijftien dagen later staat zij in hetzelfde stadion, bij de uitreiking van haar derde gouden medaille, wel op het veld: „Zes enorme lichtbundels schoven langzaam naar het middelpunt van de arena om samen te komen op het erepodium bij een stralende Rie.” Ze straalt nog als ze op 17 augustus 1936 rond middernacht per trein terugkeert in Rotterdam. Er volgt een reeks van huldigingen, die precies twee maanden later eindigt met „een gemoedelijk diner en ongedwongen dansfestijn” in Hotel Wittebrug in Den Haag.

Als olympisch kampioene kent Rie weinig geluk. Eerst komt ze in conflict met de Nederlandse zwembond over uitnodigingen voor internationale wedstrijden – het levert haar een startverbod op. Niet veel later volgt een vertrouwensbreuk met Ma Braun, en als ze in maart 1938 door de zwembond als professional wordt aangemerkt omdat ze in Antwerpen zwemles geeft, is haar loopbaan als wedstrijdzwemster voorbij.

Na de Tweede Wereldoorlog bouwt Rie in Amsterdam-West als gescheiden moeder van twee kinderen – later volgt een derde – een nieuw leven op, buurtgenoten weten niets van haar verleden. Sporadisch is er aandacht voor haar ‘besmette’ olympische prestaties, de media kloppen elke vier jaar rond de Zomerspelen bij Rie aan met min of meer dezelfde vraag: „Hoe het was om voor Hitler te zwemmen?”

In augustus 1986 keert ze terug naar (West-)Berlijn, voor een reünie van deelnemers aan de Zomerspelen van 1936. De voorzitter van het West-Duits Olympisch Comité, Willi Daume, houdt een toespraak en herinnert de honderden aanwezigen eraan dat Rie Mastenbroek vijftig jaar terug de ‘keizerin van Berlijn’ was. Het minuten durende applaus ontroert haar.

De waardering in naoorlogs Nederland blijft lang uit. Rond haar honderdste geboortedag is in Rotterdam een zwembad naar haar vernoemd. En nu is er dan eindelijk een biografie.