Techsucces uit Duitsland stort in als kaartenhuis

Fintech Zo hard als de ster van Wirecard steeg, zo snel valt die ook weer. Het fintechbedrijf is bijna 2 miljard euro kwijt. Mogelijk door boekhoudfraude.

De stand van Wirecard op de International Travel Trade Show in Berlijn, in betere tijden, maart 2019.
De stand van Wirecard op de International Travel Trade Show in Berlijn, in betere tijden, maart 2019. Foto JENS SCHLUETER / EPA

I’m a shooting star, leaping through the sky. I’m gonna go, go, go. There’s no stopping me.” De tekst van Queens ‘Don’t Stop Me Now’ beschreef jarenlang het credo van fintechbedrijf Wirecard. Als een komeet ging de beurskoers meermaals door het dak door de jaar na jaar aanhoudende dubbelcijferige winstgroei. Iedereen wilde investeren in een van de weinige wonderkinderen op Duits technologiegebied.

Zo hard als de ster van Wirecard steeg, zo snel valt-ie de afgelopen dagen ook weer. Het aandeel van de onderneming – verantwoordelijk voor het digitale betalingsverkeer bij bedrijven als Aldi en Lidl - daalde sinds donderdag van 104 euro naar 15 euro op maandagochtend. Meer dan tien miljard aan beurswaarde is inmiddels verdampt. Vrijdag stapte topman Markus Braun op. Ook verlaagde Moody’s de kredietwaardigheid van het bedrijf naar junkstatus. De reden: een mogelijk boekhoudschandaal.

Wat is er aan de hand? Wirecard is geld kwijt. 1,9 miljard euro om precies te zijn. Geld waarvan het bedrijf eerst meende dat het op rekeningen in Azië zou moeten staan. Toen de banken dat vrijdag ontkenden, zat er voor Wirecard niets anders op dan maandagochtend toe te geven dat het kapitaal „ er waarschijnlijk nooit is geweest”.

De recente achtbaan begon donderdag, toen de publicatie van de jaarcijfers over 2019 voor de derde keer uitgesteld werd. Accountant EY had aanwijzingen dat het bedrijf de boekhouder probeerde „te misleiden” en mogelijk „vervalste” informatie over zijn inkomsten had verstrekt. Kortom: de balans zou kunstmatig zijn opgepompt met te rooskleurige winsten.

EY kon daardoor de cijfers niet goedkeuren. Het Duitse bedrijf stelde zelf vrijdag nog dat het mogelijk het slachtoffer was van „gigantische oplichting” en zei aangifte te gaan doen van fraude. Inmiddels heeft Wirecard die verklaring weer ingetrokken. Het bedrijf bekijkt nu of het onderdelen kan verkopen om de balans weer meer in evenwicht te krijgen.

Geen onverwachte val

De voorlopige val van de beurslieveling komt niet geheel onverwacht. Al in de eerste jaren na de oprichting in 1999 groeide het in München gevestigde bedrijf veel harder dan zijn concurrenten. Onrealistisch snel, zeiden onder meer shortsellers die al jaren inzetten op een koersval. Zij geloofden niet dat het bedrijf de groei zou kunnen volhouden en zetten vraagtekens bij de gepresenteerde winsten.

Wirecard schrijft de opmars toe aan het feit dat het in markten stapte waar anderen wegbleven. Zo verzorgde het in de beginjaren betaaldiensten voor online gaming- en pornowebsites.

In 2008, 2016 én 2019 deed EY al onderzoek naar de beschuldigingen, maar toen vond het geen bewijs. In plaats daarvan werden de short- sellers aangepakt door de Duitse markttoezichthouder BaFin, onder meer met een verbod van twee maanden op het ‘short gaan’ in Wirecard.

Investeerders bleven ondertussen geld steken in Wirecard, een van de weinige grote fintechbedrijven in Duitsland. Zo beloofde de Japanse Softbank 900 miljoen euro in ruil voor bijna 6 procent van de aandelen. Tussen 2004 en 2018 vervijftigvoudigde bovendien de omzet. Ook deed Wirecard meer dan twintig overnames, voornamelijk in Azië.

Bij een van die dochterbedrijven in Singapore meldden zich in 2018 meerdere klokkenluiders. Winsten zouden er kunstmatig worden opgepompt, stelden ze. De uitkomsten van een onderzoek daarnaar bleven echter in een la liggen. Daarop stapten de klokkenluiders naar de Financial Times. In 2019 publiceerde die een reeks verhalen waaruit bleek hoe de groeicijfers van Wirecard vooral gebaseerd zijn op de activiteiten van drie Aziatische bedrijven.

Zo zou 290 miljoen euro – ruim de helft van de inkomsten vóór belasting in 2016 – afkomstig zijn van de drie dochterbedrijven. Nader onderzoek van de FT toonde aan dat deze ondernemingen nauwelijks inhoud hebben. Zo zou een van de drie, een bedrijf in Dubai, maar zes personeelsleden hebben en een Filippijnse dochter het kantoor delen met een busmaatschappij. Het derde bedrijf, ConePay, stond zonder zijn medeweten geregistreerd op het adres van een gepensioneerde zeeman op de Filippijnen. Wirecard heeft de beschuldigingen altijd afgedaan als „vals” en „misleidend”. Het dreigde de FT zelfs voor de rechter te slepen.

Na nieuwe onthullingen in het najaar van 2019 stelde Wirecard toch KPMG aan om het bedrijf door te lichten. De accountant verklaarde in april van dit jaar dat het een belangrijk deel van de tussen 2016 en 2018 behaalde winsten niet had kunnen terugvinden – in totaal 1 miljard euro.

Donderdag bleek dat zelfs bijna 2 miljard euro zoek is, een kwart van het balanstotaal van Wirecard. Dat geld zou op rekeningen bij twee Aziatische banken staan, BDO en BPI. Zij ontkenden vrijdag echter dat Wirecard klant is en stelden dat er bankdocumenten zijn vervalst. Topman Markus Braun stapte niet lang daarna op.

Dat leidde tot veel vragen. Wat weet Braun van mogelijke fraude af? En waarom keurde EY ondanks de aanwijzingen de jaarcijfers steeds goed?

Duidelijk is dat één groep zich ‘winnaar’ mag noemen in deze crisis. Na jarenlang te zijn verguisd, zei een shortseller donderdag na de koersval: „Ik geloof dat ik zojuist een fortuin heb verdiend.”